Het domino-effect

De metro van New York kan bedrukkend stil zijn: een ondergrondse zombiescène, bevolkt door naar binnen gekeerde reizigers. Onverstoorbaar staren ze naar hun beeldschermen, de uitdrukking onmiskenbaar: 'Laat me met rust.'


Deze namiddag is het maar heel even zo in metrolijn 4. Twee jonge vrouwen zitten heup tegen heup. Turend naar een spiegeltje begint de blanke secuur make-up aan te brengen, zoals New Yorkse vrouwen dat doen in de metro. Haar oogpotlood valt op de grond; de donkere vrouw raapt het op. Ze beginnen te praten, eerst in zangerig Engels. 'Hier', zegt de ene, 'ik hou je tas wel vast.'


Dan gaan ze over in rap Spaans. Een duet met lachsalvo's vult de coupé. In de verte ontstaat een tweede gesprekje. Een dakloze begint de blues te zingen en een studentikoze jongen glimlacht naar een vrouw verderop. Opeens is dit stukje ondergronds New York veranderd in een web van tijdelijke verbondenheid.


Wat ik sinds de jaren negentig heb gevonden in New York is een paradox. De totale anonimiteit is als een maalstroomom in te verdwijnen, maar ze is ingebed in de onafwendbare intimiteit van de metropool.


In zijn voortreffelijke boek Here Is New York (1949) vond E.B. White de woorden voor die paradox. Hij sprak van 'het geschenk van de eenzaamheid en het geschenk van privacy'. Wel voegde White toe dat dit mes aan twee kanten snijdt: 'Het kan een individu vernietigen of vervullen, wat voor een deel afhangt van geluk. Niemand moet naar New York verhuizen tenzij hij bereid is om geluk te hebben.'


Ideaal is het hier niet. De vergissing om het leven aan de Hudsonrivier te romantiseren, is vaak gemaakt. Het is echt geen paradijs wanneer de nauwe trottoirs aan de Upper East Side op een hete augustusmorgen zijn gevuld met bergen vuilniszakken waar ratten en kakkerlakken op afkomen. De windstille ochtend ruikt naar verrotting en urine; uitgeputte nannies met kinderwagens nemen de stoepen in beslag.


De anonimiteit kan ook fundamentele eenzaamheid opwekken, zeker in de bittere winter. Zij die - drukker dan druk - nog buiten verschijnen, verdwijnen onder bedekkende lagen. De sneeuw is ongeveer een uur magisch wit, als een deken die het eeuwige lawaai wegtovert. Dan gaat de sneeuw over in bruine troep die je schoenen binnendringt. Dan keert de onontkoombare kakofonie terug. Wat is dit voor krankzinnige wereld, met huren voor piepkleine etages die halve maandsalarissen opslokken?


Maar dan: Central Park in mei, wanneer de hardlopers in het wedergeboren park elkaar groeten als oude vrienden. De geweldige hammondorgeljazz op dinsdagavond in muziekcafé Smoke, uptown, waar de barman je naam kent. De artistieke energie van de West Village, met gevels zo mooi als Amsterdamse grachtenpanden. De kwekkende oudjes in de wijk Stuyvesant Town. Het watervlugge straatbasketbal op de pleinen van Harlem. De keuze is aan de New Yorker - een titel die iedereen met een huissleutel zich kan aanmeten. Je kunt verloren raken, ongezien en bevrijd. Of keer je naar buiten. Voor je het weet is er een contact dat mijn hardlopende wasserijhouder uit Zuid-Korea omschrijft als het New Yorkse domino-effect.


Bij hem maakte ik tal van buurtvrienden; tijdens de halve marathons in New York ontmoette hij mijn loopclubgenoten. 'Waar bestaat dit verder', vroeg deze buurtgenoot eens in zijn charmant haperende Engels, toen ik overhemden kwam afleveren en zomaar een uur bleef praten. 'Niet in Seoul.'


Ik knikte bevestigend: 'Nergens anders.'


Dit is de laatste bijdrage van correspondent Diederik van Hoogstraten in de VS

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden