Reconstructie Willem Holleeder

Het complot tegen Willem Holleeder: wat is werkelijkheid en wat is schijn?

11 mei 2001, Willem Endstra en Willem Holleeder in gesprek op een bankje bij de Apollolaan in Amsterdam. Foto Peter Smulders

Donderdag is de laatste dag in de strafzaak tegen Willem Holleeder waarbij het gaat om de liquidatie van vastgoedbaron Willem Endstra. Die moord staat symbool voor de vermenging van de onderwereld met de bovenwereld. Maar gaf Holleeder de opdracht? Oordeelt u zelf.

De liquidatie van vastgoedbaron Willem Endstra op 17 mei 2004 werd het symbool van de vermenging tussen de boven- en onderwereld. Willem Holleeder zou de opdrachtgever zijn van deze, en nog eens vier andere liquidaties. Holleeder werd in 2007 al veroordeeld voor de afpersing van Endstra. Maar liet Holleeder de zakenman ook doodschieten? Hoe bewijs je dat in een zaak die bol staat van ‘werkelijkheden en schijnwerkelijkheden’? Die vraag stond afgelopen anderhalve week centraal in de Amsterdamse bunker.

Bewijs van horen zeggen

Het is 17 mei 2004, rond het middaguur, als Willem Endstra zijn kantoorpand aan de Amsterdamse Apollolaan verlaat, samen met zijn zakenpartner David Denneboom. ‘Toen we het pand verlieten, wees Endstra me op twee gozers’, zal Denneboom later aan de politie verklaren. Een week eerder had Endstra ook al een busje zien staan. ‘Ik loop gewoon weg als ze eraan komen’, zou Endstra nog hebben gezegd.

Die kans krijgt hij niet. Terwijl de zakenpartners naast de auto praten, klinken er ‘klappen’. Denneboom wordt in zijn been geraakt. Een man in het rood richt zijn wapen op Endstra. Vijf keer schiet hij in totaal. De laatste keer richt hij zijn wapen op het hoofd van Endstra. Met gestrekte arm. Zoals een professionele schutter, zal een getuige later zeggen.

Volgens de zussen Holleeder en ex-vriendin Sandra den Hartog was Willem Holleeder de opdrachtgever. Reden: Willem was boos. ‘Heel boos’, verklaarde Den Hartog eind mei in de rechtbank. ‘Willem wist dat Endstra met de politie over hem sprak. Hij werd helemaal gek. Hij brieste, tierde, stoom uit zijn neus, spuug uit zijn mond. Als je met de politie praat, teken je je doodvonnis, dan raak je hem persoonlijk. Het maakt dan niet meer uit hoeveel je al hebt betaald, of hoeveel geld je nog hebt. Willem zei: je kunt Endstra gedag kussen. Endstra hoefde niet meer te betalen, hij mocht niet meer betalen.’

De vrouwen zijn niet de enigen die zeggen dat Willem Holleeder achter de moordaanslag zat. Ruim een jaar na de moord op Endstra kwam er bij de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van de politie al informatie binnen: de moordopdracht zou gegeven zijn door de groep rondom Holleeder.

Later bleek dat deze CIE-informatie afkomstig was van Hidir Korkmaz, een crimineel die schoon schip wilde maken en nauwe connecties zei te hebben met de uitvoerders van de moord. In de strafzaak tegen hen legde deze beschermde getuige in 2015 uitvoerige verklaringen af.

En ook in deze strafzaak tegen Willem Holleeder wordt Korkmaz gezien als een belangrijke getuige. Er zijn alleen drie problemen. Ten eerste heeft Korkmaz alleen ‘van horen zeggen’ dat de moordopdracht afkomstig was van Willem Holleeder en diens veronderstelde criminele kompaan Dino S. Ten tweede oordeelde de rechtbank in 2016, in de strafzaak tegen de veronderstelde uitvoerders van de liquidatie, dat de belastende verklaring van Korkmaz te veel onjuistheden, discrepanties, onduidelijkheden en tegenstrijdigheden bevatte om als bewijs te dienen.

Korkmaz hierover nadere vragen stellen, kan niet meer. Rechter: ‘Want Korkmaz is niet meer.’ En dat is het derde probleem: de getuige overleed in 2017 tijdens een visongeluk. ‘Ik had graag aan Korkmaz gevraagd: hoe kan je dit nou verklaren?’, zegt Holleeder: ‘Ik ken hem niet.’

Post voor Willem Holleeder

Naast de verklaring van Korkmaz is er nog iets waardoor er een verband wordt gelegd tussen Holleeder en de veronderstelde uitvoerders van de moord op Endstra: een kerstkaartje.

In 2008 stuurde Murat K. in één envelop twee kerstkaarten naar de gevangenis. De envelop was geadresseerd aan een medegevangene van Willem Holleeder in De Schie. Eén van de kaartjes was voor de medegevangene, de andere zou voor Holleeder zijn geweest. ‘Prettige kerstdagen, sterkte met alles, veel respect’, stond erop geschreven. Murat K. zou banden hebben met de groep die betrokken was bij de uitvoering van de moord op Endstra.

Maar Willem Holleeder zegt K. helemaal niet te kennen. En ook het kerstkaartje kan hij zich niet herinneren. ‘Ik ken die hele man niet. Ik krijg met Kerst en met mijn verjaardag altijd kaartjes van onbekenden. Van allerlei soorten mensen: mannen, vrouwen.’

Rechter: ‘Wat doet u met die post?’

Holleeder: ‘Soms lees ik het. Soms komt het van stalkers, dan lees ik het niet. Ik gooi de post af en toe op een hoopje, of ik gooi het weg. Er zitten ook telefoonnummers bij, maar ik bel nooit terug. Ik vind het wel heel aardig.’

‘Wij krijgen ook veel post voor meneer Holleeder’, voegt advocaat Sander Janssen toe. Variërend van naaktfoto’s tot verzoeken om een lening of mensen die voor Holleeder willen werken. ‘Er zitten ook briefjes tussen van mensen die hem een hart onder de riem willen steken.’ Zo’n kerstkaartje, wil advocaat maar zeggen, hoeft dus niks te betekenen.

Aanklager: ‘Hoe wordt de post aan u geadresseerd?’

Holleeder: ‘Ze zetten er gewoon Willem Holleeder op de envelop. Willem Holleeder in Vught.’

Motief voor de moord

‘Wat zou uw claim geweest zijn bij Willem Endstra?’ Willem Holleeder haalt zijn schouders op. Hij weet het niet.

Dat kan het Openbaar Ministerie (OM) niet geloven. Het motief om de criminaliteit in te stappen was voor de jonge Holleeder in de jaren zeventig en tachtig immers geld. En dan zou hij later niet meer geïnteresseerd zijn geweest in hoe Endstra zijn criminele vermogen beheerde?

Holleeder: ‘Ik schreef het niet op. Zo werk ik nou eenmaal.’

Nadat Willem Holleeder en Cor van Hout begin jaren negentig uit de gevangenis kwamen, investeerden ze het overgebleven Heineken-losgeld onder meer op de Amsterdamse Wallen en Alkmaarse Achterdam. In 1996 gingen de voormalige bloedgabbers met ruzie uit elkaar, en verdeelden ze hun criminele vermogen.

Een deel dat Holleeder ontving, belegde hij bij Willem Endstra. Acht miljoen gulden zou Holleeder hebben ingelegd bij de vastgoedbaron. Want Holleeder wilde zijn ‘geld voortaan legaal proberen te verdienen in de bovenwereld. Tussen aanhalingstekens ’wit te wassen’.’

Aanklager: ‘Kreeg Endstra een carte blanche?’

Holleeder: ‘Ja, ik was al blij dat ik mijn zwarte geld kon afgeven. Dit was mijn laatste hoop, want je kunt niks met zwart geld. De bedoeling was dat ik op den duur in zijn bedrijf een titel zou krijgen, en dat het geld vervolgens op mijn naam kwam te staan. Maar daarover hebben we niet concreet gesproken.’

Toen Endstra eenmaal was vermoord, had Holleeder formeel nergens recht op. Aanklager: ‘U had dus geen titel en had geen idee waarin uw geld geïnvesteerd was?’

Holleeder: ‘Ik had er nooit rekening mee gehouden dat Endstra zou overlijden. Het was een klap in het donker, en na zijn dood was geld niet het belangrijkste.’

De ‘klap in het donker’ kan het OM niet geloven. In 2002 had beroepscrimineel John Mieremet in de Telegraaf gezegd dat Willem Endstra de ‘bankier van de onderwereld’ was. Vervolgens trokken de banken zich terug, Endstra’s bedrijf kwam in problemen en ook ‘gevaarlijke’ criminelen zoals Stanley Hillis eisten hun geld terug. Kortom, vinden de aanklagers, het verhaal dat Holleeder ondanks dit alles nog vertrouwen had in Endstra en diens investeringen is niet erg geloofwaardig.

Maar Holleeder houdt voet bij stuk. Endstra was zijn vriend. ‘Het zou flauw zijn geweest om er toen uit te stappen.’

Bedreigen, wat is dat?

Het probleem van Endstra was niet Willem Holleeder, aldus de verdachte. Het probleem was Endstra zelf. De vastgoedbaron ‘pakte’ crimineel geld aan van tal van beruchte criminelen. Hij zou het geld voor hen investeren. Maar toen ze hun geld terug wilden, gaf Endstra niet thuis, aldus Holleeder. En dat zette kwaad bloed.

Uiteindelijk zou Endstra wel de in 2011 geliquideerde Stanley Hillis hebben willen betalen, verklaart Holleeder. Maar via een omweg: hij zou het geld eerst overmaken naar zakenman Jan-Dirk Paarlberg. Die zou vervolgens door Holleeder ‘bedreigd’ worden om het geld door te sluizen naar de criminele schuldeiser Hillis. Zover is het uiteindelijk nooit gekomen, stelt Holleeder.

‘Paarlberg is een zachtaardige man. Endstra walste over hem heen. Endstra maakte 17 miljoen euro over naar Paarlberg en ik moest Paarlberg - als het zo ver zou komen- bedreigen’, zegt Holleeder om niet veel later terug te krabbelen als de rechters hem vragen wat hij precies bedoelt met ‘bedreigen’.

‘Bedreigen, bedreigen, ik ben zo makkelijk met mijn woorden. Als ik zeg: je moet wel betalen, dan was dat al voldoende. Dan zijn mensen al overstuur en gaan ze wel betalen.’ Zoiets deed Holleeder wel vaker in opdracht van Endstra, ook bij ‘nette mensen’. ‘Ik heb die mensen niet bedreigd met de dood, of het leven van hun kinderen.’

Rechter: ‘Wat was er dreigend aan dan?’

Holleeder: ‘Mijn aanwezigheid.’

Het complot tegen Holleeder

Willem Holleeder leunt ontspannen met zijn ellebogen op zijn tafel. ‘Weet u wat het is: ik ken er niets mee’, zegt hij tegen de rechter. Ze hebben het over een terugkerend probleem tijdens de rechtszaak: het is zijn woord tegen dat van anderen.

‘U zegt: het is niet gebeurd en zij kunnen makkelijk zeggen dat het wel is gebeurd’, constateert de rechter. ‘En uw zussen zeggen: het is wel gebeurd en u, meneer Holleeder, kan makkelijk zeggen dat het niet is gebeurd.’

Vanaf februari heeft hij tientallen dagen doorgebracht in de zwaarbeveiligde rechtbank Soms zat hij op zijn praatstoel, andere keren was hij geïrriteerd of draaide hij nerveus rondjes met zijn leesbril. Maar al die dagen is zijn verhaal hetzelfde gebleven: Willem Holleeder heeft geen opdracht gegeven tot liquidaties. En wat anderen over hem zeggen? Daar kan hij niet zo veel aan doen.

'Ik ben een slachtoffer', zei Holleeder al op de eerste zittingsdag in februari. Om er even later toe te geven dat het woord ‘slachtoffer’ misschien niet goed gekozen is in een proces dat draait om vijf liquidaties, een doodslag en een poging daartoe. 'Maar ik ben wel de lul.'

En die boodschap draagt Holleeder nog steeds uit. Niet alleen zijn zus Astrid smeedde een complot tegen hem, ook de in 2005 geliquideerde crimineel John Mieremet zou met leugens een schijnwerkelijkheid hebben gecreëerd waardoor Willem Holleeder de grootste crimineel van Nederland leek. Zelfs ‘vriend’ Willem Endstra was daarbij betrokken.

Mieremet had eveneens miljoenen aan misdaadwinsten ondergebracht bij de vastgoedbaron. Volgens Willem Holleeder was het niet hij, maar juist Mieremet die zijn geld terugwilde, en Endstra afperste. Mieremet vertelde bovendien in 2003 aan de Belgische politie dat Holleeder de ‘topmanipulator’ en ‘meester-afperser’ was.

En ook Endstra praatte destijds heimelijk met de politie. Zijn boodschap: Holleeder perste mij af. Tegen zijn vriendin verklaarde Endstra bovendien dat hij vreesde voor zijn leven. ‘Robots hebben meer warmte dan Holleeder’, zou hij hebben gezegd. Hij was zo bang, dat hij de opdracht zou hebben gegeven om Holleeder te vermoorden. Daarvoor had hij al twee andere criminelen met de naam Willem - Grote Willem en Kleine Willem - benaderd.

Maar volgens Holleeder klopt er niets van de beschuldigingen. ‘Endstra kon kiezen toen hij met de politie praatte: of mijn naam noemen of die van Mieremet. Door Mieremet werd hij wel afgeperst, maar hij noemde mijn naam. Dat deed hij omdat hij was banger voor Mieremet. Dat is logisch, toch?’ Want Mieremet was ‘ja, dat was de grootste crimineel van Nederland. Hij heeft allemaal mensen vermoord, een touringcar vol.’

‘Er zijn heel veel werkelijkheden en schijnwerkelijkheden in deze zaak’, constateert de rechter.

Welke versie is waar? De vragen voorleggen aan de direct betrokkenen kan niet meer: zowat iedereen is dood. Holleeder: ‘Ik kan niet meer tegen Willem Endstra zeggen: zeg nu maar de waarheid. Hoe moet je iets aantonen als iemand er niet meer is?’ 

Meer over het proces-Holleeder:

Wie is wie in het proces-Holleeder?
In het proces-Holleeder staat veel op het spel: als hij wordt veroordeeld, dreigt voor hem levenslang. Lees hier meer over de verdachte zelf, de aanklagers, advocaten en rechters in zijn proces en de mensen die hij zou hebben laten vermoorden.

Meer over