Nieuws Boerkaverbod

Het boerkaverbod: na 4.571 dagen wordt Wilders’ wil wet in de zorg, het openbaar vervoer en op scholen

Dertien jaar na de motie-Wilders stemt de Eerste Kamer dinsdag in met een Boerkaverbod in de zorg, het openbaar vervoer en op scholen. De vraag welk praktisch probleem precies wordt opgelost, is nog altijd actueel.

2006: demonstratie tegen het boerkaverbod bij de Tweede Kamer in Den Haag. Foto Joost van den Broek

Het was een koude decemberavond in 2005 toen Geert Wilders - nog in z’n eentje in de Tweede Kamer namens de Groep-Wilders – onverwacht zijn eerste politieke overwinning boekte: met steun van CDA, VVD, de Lijst Pim Fortuyn en de alweer bijna vergeten Groep-Nawijn kreeg hij tot veler verrassing een meerderheid voor zijn motie om het dragen van boerka’s te verbieden in de openbare ruimte. Want boerka’s en nikabs, die het gezicht van vrouwen volledig bedekken, dragen niet bij aan de integratie van vrouwen in Nederland, vonden de voorstanders.

Sindsdien heeft het verbod een lange, bochtige weg afgelegd. Ministers aarzelden, pakten het toch weer op, vielen voortijdig en maakten in alle opzichten weinig haast. Totdat het vandaag, 4.571 dagen en vijf kabinetten later, dan toch zover is: de Eerste Kamer stemt het voorstel tot wet. In elk geval VVD, CDA, PVV, ChristenUnie, SGP en de Onafhankelijke Senaatsfractie staan achter het gedeeltelijk verbod op gezichtsbedekkende kleding. Nederland volgt daarmee landen als Frankrijk, België, Denemarken en Bulgarije. 

Obstakel voor communicatie

Dat boerkaverbod gaat gelden in het openbaar vervoer, het onderwijs, de zorg en in overheidsgebouwen en alle andere plekken waar mensen geacht worden met elkaar te communiceren. Niet op straat dus, omdat dat volgens minister Ollongren van Binnenlandse Zaken ‘geen recht zou doen aan het gekoesterde recht dat mensen zelf moeten bepalen hoe ze over straat willen lopen'.

Foto de Volkskrant

In de jaren sinds 2005 protesteerde de islamitische gemeenschap vele keren ('Het gaat om slechts een handjevol, hoofdzakelijk Nederlandse vrouwen, die slechts hun godsdienst belijden en daar niemand kwaad mee doen'), kwamen vanuit de politie geluiden dat agenten wel wat beters te doen hebben, liet de Franse zakenman en activist Rachid Nekkaz weten dat hij eventuele bekeuringen voor zijn rekening neemt en vroegen de tegenstanders in het parlement (PvdA, D66 en GroenLinks voorop) zich af of dit nou geen typisch voorbeeld is van symboolpolitiek.

Om hoeveel vrouwen het gaat is immers niet precies bekend, maar het zijn er volgens het kabinet vermoedelijk niet meer dan 400 die hun gezicht geheel wensen te bedekken. En zelfs die vormen geen probleem dat met wetgeving moet worden opgelost, stelt bijvoorbeeld SP-senator Frank Köhler: ‘Er zijn alleen problemen bekend in een aantal onderwijsinstellingen. En daar zijn gewoon huisregels afgekondigd die gezichtsbedekkende kleding verbieden. Die regels zijn houdbaar gebleken, ook na toetsing door het College voor de Rechten van de Mens, en hebben het probleem opgelost.’

Boodschap en implicaties 

Opeenvolgende ministers vonden dat echter geen reden om niet in te grijpen. ‘Zo zijn we ook begonnen met een stickie’, bracht toenmalig CDA-minister Donner in 2011 in als argument. ‘Zo van: ach, wat doet dat ertoe, dat moet iedereen toch zelf weten? En nou zitten we met grote problemen.' Dezelfde bewindsman verweerde zich ook tegen de verwijten dat de wet de vrijheid van godsdienst ondermijnt: 'Niet alles waarvoor je je op godsdienstvrijheid beroept, mag je ook maar doen. Deze vrijheid moet kunnen worden beperkt in het algemeen belang.'

Drie volledig gesluierde vrouwen op het Centraal Station in Rotterdam. Foto HH

Zo denkt een meerderheid van de Eerste Kamer er eveneens over: ook symboolpolitiek kan van waarde zijn. In de woorden van Henk ten Hoeve van de Onafhankelijke Senaatsfractie: ‘Deze wet zal in de praktijk niet heel veel veranderen, maar geeft toch als boodschap dat deze vorm van de islam in onze maatschappij eigenlijk niet past, omdat hij daar ontregelend werkt.’

Wat dit nu in de praktijk betekent voor boerkadragend Nederland is nog niet helemaal duidelijk. Zullen er vrouwen uit bussen of gebouwen worden gezet? Worden zij bekeurd? De huidige verantwoordelijke minister Ollongren zegt desgevraagd te hopen dat alle organisaties zelf regels opstellen en die ruim tevoren aankondigen. ‘Ze moeten mensen de gelegenheid geven om zich aan te passen, hun kledingstuk af te doen of het gebouw of het voertuig te verlaten.’ De minister denkt dat ‘pas bij escalatie’ de politie erbij moet komen.

Om te voorkomen dat het zover komt, krijgen scholen, ziekenhuizen, de NS en de busmaatschappijen nog een maand of zes de tijd om hun personeel te instrueren en hun bezoekers te informeren. Pas als zij zeggen dat ze er klaar voor zijn, laat Ollongren de wet in werking treden. 

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.