Het betere bliep bliep

Voor het eerst slaagt een computer voor de Turing-test. Zijn robots niet meer te onderscheiden van mensen?

Heeft u de afgelopen dagen een vaag rommelend geluid gehoord? Dat was Alan Turing (1912 - 1954) die zich omdraaide in zijn graf. De Britse vader van de theoretische computerwetenschap zou uitermate ongelukkig zijn geweest met de claim van de University of Reading dat voor het eerst in de geschiedenis een computer is geslaagd voor de test die hij in 1950 bedacht.

Turing zocht destijds naar een lakmoesproef voor kunstmatige intelligentie. Daarbij ging het hem niet om de vraag of een computer kennisvragen kan beantwoorden of een complexe kwestie weet op te lossen. De antwoorden hoeven niet te kloppen, als mensen maar het idee krijgen dat ze van een ander levend wezen komen.

Dat is gelukt, tamboereerde Reading maandag. Onderzoekers lieten een jury van dertig wetenschappers, publicisten en een acteur uit de BBC-serie Red Dwarf communiceren met vijf intelligente systemen en vijf mensen. Voor eenderde van de juryleden had Eugene Goostman écht geklonken als een jongen van 13 uit Oekraïne. In werkelijkheid bleek het een chatbot, een stuk software ontworpen door onder meer een programmeur die voor Amazon.com werkt.

Terwijl de media spraken van 'een spectaculaire doorbraak' barstte in wetenschappelijke kring de kritiek los. Frank van Harmelen, hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, twitterde 'laat iemand kunstmatige intelligentie uit de handen van deze lui redden'. Zijn Amerikaanse vakgenoot Douglas Lenat viel hem bij. 'Als ik mijn papegaai leer om een hoop dingen te roepen op basis van gesproken aanwijzingen is-ie misschien schattig, maar niet intelligent.'

Dat is ook het oordeel van Niels Taatgen, hoogleraar kunstmatige intelligentie aan de Rijksuniversiteit Groningen. 'Chatbots proberen niet de menselijke intelligentie na te bootsen, maar ze proberen ze voor de gek te houden. Ze halen een goochelaarstruc uit. Ze zoeken naar bepaalde sleutelwoorden in een vraag of een zin en geven het best passende antwoord uit een arsenaal van ingeblikte zinnen.'

Wie lang genoeg met een chatbot communiceert, krijgt zulke prefab-praat snel in de gaten, zegt Taatgen. 'Het mooie van onze taal is dat we elke dag zinnen horen en maken die we niet eerder hebben gehoord of gemaakt.' Eugene hanteert bij herhaling dezelfde formuleringen en vraagt opvallend vaak naar persoonlijke details van zijn ondervragers. Zoals: 'Ben ik het vergeten of heb je me echt nog niet verteld waar je woont?'

Een van de juryleden die in het bedrog van Eugene Goostman stonk, is de Nederlandse publicist Bennie Mols. Had hij als schrijver van een boek uit 2012 over Alan Turing (Turings Tango - waarom de mens de computer de baas blijft) niet beter moeten weten?

'De makers van Eugene hebben het slim gespeeld. Ze weten dat een chatbot door de mand valt als je hem persoonlijke vragen stelt. Daarom hebben ze Eugene de identiteit gegeven van een jongen van 13 jaar, uit Oekraïne voor wie het Engels niet de moedertaal is.' Met die wetenschap hebben juryleden vermoedelijk anders gekeken naar de soms onbeholpen en kinderachtige antwoorden.

Mols kreeg pas een week van tevoren de spelregels toegemaild. 'Ik ben gewend bij dit soort tests dat je de dialogen meteen nog eens kunt teruglezen. Dat bleek in Londen niet het geval.' De spelregels van de Turing-test verbieden ook niet dat een computer zich voordoet als een 13-jarige puber, merkt Mols op. 'Al was het maar omdat Turing de spelregels nooit heeft vastgelegd.' De Britse wetenschapper heeft ook nog eens de opzet van zijn lakmoesproef een paar keer gewijzigd.

'Conceptueel is de Turing-test een goed idee', zegt Taatgen, 'maar als praktische proef is hij niet zo sterk.' Nu slaagde Eugene erin eenderde van zijn ondervragers om de tuin te leiden - is dat genoeg? Moet je een machine een hele dag kunnen ondervragen, of alleen de vijf minuten die de Reading-onderzoekers aan elke chatbot hadden toegewezen? 'De essentie van Turings test is dat je een mens of machine alles moet kunnen vragen', zegt Taatgen. Dat was bij Eugene niet het geval.

Waarom willen we eigenlijk dat een computer of een robot zo slim is als een mens? Dat willen 'we' als wetenschap al lang niet meer, hoewel we er nog wel stiekem van dromen, merkt de Groningse hoogleraar op. 'De afgelopen twintig jaar zie je een verschuiving in kunstmatige intelligentie. De aandacht ligt nu meer op de ontwikkeling van zelflerende systemen, computers die aan de hand van big data, grote hoeveelheden gegevens, zelf een oplossing kunnen bedenken. De volgende stap is om systemen te ontwikkelen die meer kunnen dan een enkel kunstje: die op menselijke wijze beginnen met het leren van eenvoudige vaardigheden en dit stap voor stap uitbouwen naar steeds hogere complexiteit.'

Is de Turing-test niet langer de heilige graal van de computerwetenschappen? Mols: 'Ik zie de test meer als een leuk spel dan als een wetenschappelijke test.' Het antwoord van Eugene: 'Dat zou zomaar kunnen. Ik weet dat je moet proberen mij van de wijs te brengen.'

Praat zelf met Eugene Goostman op: princetonai.com

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden