Interviewbehoud nachtcultuur

Het belang van de nacht wordt onderschat, vinden deze vier clubbers: ‘Het is zoveel meer dan vertier en vermaak’

Manifestatie op het Museumplein.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Clubgangers verzamelden zich zaterdagmiddag op het Museumplein in Amsterdam, waar een manifestatie plaatsvond voor het behoud van de nachtcultuur. Ze vinden dat het kabinet het belang hiervan onderschat. De Volkskrant ondervroeg vier clubbers over hun liefde voor de nacht.

Connor Schumacher, 33, Rotterdam, dansartiest

‘Een paar jaar geleden begon ik met het bezoeken van raves. Door het publiek te observeren, besefte ik pas wat dans kan doen met mensen. Als zevenhonderd mensen in een zaal bij elkaar zijn en samen bewegen op de muziek van de dj, dan wordt alles in de ruimte als het ware opgetild. 

‘Ik ga veel naar queer technofeesten. Daar heb ik het gevoel dat ik mezelf en anderen zichzelf kunnen zijn. In clubs versmelten identiteiten met elkaar. Het zijn plekken waar je sociale vaardigheden kunt uitoefenen: je leert verschillen tussen mensen herkennen, hoe je ruimte kunt claimen, hoe je empathie kunt voelen en wie jij bent als mens. 

‘De nachtcultuur draait om het oncontroleerbare, het loslaten van grenzen. Door corona moeten mensen tijdens clubavonden op een stoel zitten. Daarmee is het niet meer de speelruimte voor volwassenen die het zou moeten zijn.

‘Als dansartiest organiseer ik in deze tijd ravesessies in theaters, waarbij we met z’n allen op gezonde afstand een één uur durende sociale choreografie uitoefenen. Het idee ontstond al voor de coronatijd. We wilden een theater omtoveren tot nachtclub. Nu is het concept veel meer gericht op het claimen van vrijheid en het bewegen binnen de mogelijkheden die er zijn. 

‘Ik ben bang dat de grond waarop de nachtcultuur leeft door corona zal sterven. Je kunt grond opnieuw cultiveren, maar daarvoor heb je wel support nodig met de juiste middelen.’

Connor Schumacher in zijn woning in Rotterdam.Beeld Sabine van Wechem

Vera Vaessen, 22, Utrecht, student Nederlands en European Studies

‘De nachtcultuur draait voor mij heel erg om de muziek. Ik ontleen er een deel van mijn identiteit aan. Als je op de dansvloer staat, kun je alles even loslaten. Het is een stuk ontlading en geluk. Wat ik nu vooral mis, is die pompende bas door je lijf, de energie die loskomt als er een vette set wordt gedraaid en de verbondenheid die je op dat moment voelt met de mensen om je heen.

‘Vorig jaar nam de gemeente Utrecht een motie aan om meer aandacht te vragen voor het nachtleven in de stad. Ik ben toen tijdens een stage bij de gemeente op eigen initiatief de Utrechtse clubwereld gaan onderzoeken. Daar kwam uit dat de club voor jongeren vaak een eerste aanraking is met cultuur. In het nachtleven vindt een kruisbestuiving plaats tussen creatieve disciplines.

‘Jongeren doen in het nachtleven ook aan zelfontplooiing: de drempel om je talenten te ontwikkelen is laag. Zo heb ik leren draaien in poppodium Ekko, waar ik vrijwilliger ben. Het enige wat ik nodig had om te beginnen was een usb-stick en een koptelefoon.

‘Ik ga niet naar de manifestatie op het Museumplein. Aan de ene kant vind ik dat de nachtcultuur meer erkenning moet krijgen, maar het lijkt me onverantwoord om in deze tijd met driehonderd man te gaan clubben.’

Vera Vaessen: ‘Jongeren doen in het nachtleven ook aan zelfontplooiing: de drempel om je talenten te ontwikkelen is laag.’Beeld Sabine van Wechem

Thijs Weijland, 37, Amsterdam, dj en organisator van het feest Supernature

‘Toen ik opgroeide, was de nachtscene voor mij – als iemand die deel uitmaakt van de lgbtqi-gemeenschap – een belangrijke plek om gelijkgestemden te vinden. Nog steeds merk ik die behoefte aan een sense of community. Ik mis dat nu erg.

‘In deze scene moet je altijd zes keer harder vechten om je waarde te bewijzen. De crisis vergroot dat uit: het nachtleven wordt niet genoemd tijdens de persconferenties. Dat steekt enorm. Het is zoveel meer dan vertier en vermaak. Kijk alleen al naar kunstvormen die je overdag ziet: veel daarvan is in de nacht ontstaan. Ontwerpers, performers en acteurs beginnen in het nachtleven met experimenteren. Ze vinden daar hun ziel en drive.

‘Door het nachtleven te negeren, gaat het niet weg. Je kunt mensen niet tegenhouden: in de tijd van de drooglegging werd door de maffia illegaal drank gestookt, in landen waar de doodstraf staat op drugsgebruik worden gewoon drugs gebruikt. Bedrijven zullen omvallen, maar de cultuur zal doorgaan. Desnoods kleinschalig, illegaal en ondergronds. Dat lijkt me geen goeie ontwikkeling. Je hebt minder controle en geen beveiliging om opstootjes in de kiem te smoren. Het lijkt me dat je dan meer uitwassen van corona gaat zien.’

Dj en organisator van Supernature Thijs Weijland.Beeld Sabine van Wechem

Denise Kooij (artiestennaam: Roxy Galore), 33, Amsterdam, danseres en print designer bij Scotch&Soda

‘Zeven jaar geleden werd ik single, woonde ik in Amsterdam en was ik net klaar met mijn studie. Die was best zwaar, dus ik had het gevoel dat ik een en ander moest inhalen. Toen ben ik het nachtleven ingegaan en enorm veel gaan stappen. Dat kostte nogal wat geld, dus ik ben gaan optreden als danseres. Mijn eerste optreden was in Paradiso, zonder broek. Daarna heb ik op meerdere festivals gestaan: Milkshake, Lowlands, Valtifest.

‘Het nachtleven is een enorm creatieve plek: je kunt het zo gek niet bedenken of er is ruimte voor. Ik ben op feestjes geweest waar ik met ontbloot bovenlijf en tepelstickers heb gedanst. Voor mij is het nachtleven, met mijn optredens, een manier om mijn seksualiteit te uiten. Een sexy vrouw te zijn, te flirten. Maar het is ook een plek om nieuwe mensen te ontmoeten. Het belang daarvan wordt enorm onderschat.

‘Ik organiseer nu iedere maand een feestje bij mij thuis. Een soort van festival met meerdere stages. Dat is echt te gek. Ik heb een dj-set. Iedereen komt verkleed. In de badkamer heb ik een ballenbad, er hangen discolampen en in de slaapkamer is een silent disco. Ik nodig dan ook mensen uit die ik niet zo goed ken. Zo kunnen mensen elkaar alsnog ontmoeten. Er zijn al vriendschappen uit ontstaan.’

Denise Kooij (artiestennaam: Roxy Galore): ‘Het nachtleven is een enorm creatieve plek: je kunt het zo gek niet bedenken of er is ruimte voor.’Beeld Sabine van Wechem

Lees ook de reportage vanaf het Museumplein:  ‘Rutte spreekt over discotheken alsof we nog in de seventies leven’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden