REPORTAGE

Het arbeidersleven in Qatar

Amir woont met vijf collega's in een kamer van dertig vierkante meter. Er passen net drie stapelbedden in. Stromend water is er niet. Elke dag wassen de mannen zich bij een kraantje in het toilet. Van de glamourwereld in Doha, de hoofdstad van Qatar, is het een dik uur rijden naar de woonkazerne van Amir en zijn maten. Eerst passeer je luxe hotels, glimmende kantoortorens, enkele paleizen, een nieuw ziekenhuis en prestigieuze campussen, de meesten nog in aanbouw. Aan een paar ervan heeft Amir meegebouwd. Amir, 32, is een ongeschoolde arbeidsmigrant uit Nepal.

Een arbeider controleert het gras, om zo het beste te vinden voor de voetbalvelden in Doha, Qatar. Beeld afp
Een arbeider controleert het gras, om zo het beste te vinden voor de voetbalvelden in Doha, Qatar.Beeld afp

Na drie kwartier rijden begint het asfalt gaten te vertonen. Vervolgens houdt het op. Aan weerskanten van de drukke weg ligt een landschap van werkplaatsen, kleine industrie, loodsen, garages, oud ijzer, vuilcontainers, autowrakken en haveloze, ommuurde woonkazernes - de infrastructuur van een sloppenwijk. Hier, in wat heet Industrial Area, wonen honderdduizenden werklui zoals Amir. Ze komen uit Nepal, India, Pakistan, Bangladesh, Afrika en de Filippijnen.

Nergens in de Golfstaten is een horizon zichtbaar zonder draaiende hijskranen en nergens draaien er zo veel als in Qatar. De bouwboom trekt wereldwijde aandacht door het WK-voetbal in 2022. Minder bekend is dat de verwachte uitgaven tot dat jaar, ongeveer 200 miljard dollar, slechts voor 10 procent worden besteed aan de bouw van stadions en WK-gerelateerde infrastructuur. Qatar bouwt daarnaast een wereld waarin alleen plaats is voor het beste en het duurste, tophotels, topuniversiteiten, topziekenhuizen, topmusea.

Amnesty International rapporteerde in april opnieuw over misstanden bij de behandeling van bouwvakkers als Amir. Erbarmelijke arbeidsomstandigheden, stelde de organisatie vast, en hier en daar dwangarbeid. Amir neemt me mee naar het ommuurde kamp waar hij een kamer deelt. 'Geen alcohol, drugs of dodelijke wapens zoals messen en honkbalknuppels', meldt een bord bij de portiersloge, en ook: 'geen kookgerei, tv's, koelkasten of wasmachines.' 'Daar hebben we ook helemaal geen plaats voor', zegt Amir droogjes. Elke avond koopt hij een plastic bak rijst met byriani bij een Pakistaanse kiosk op straat.

Cultuur en macht in de Golfstaten

Het duurste schilderij ter wereld, van Gauguin, hangt niet in, zeg, Parijs, maar in Qatar. Perzische Golfstaten stampen met miljarden oliedollars in snel tempo een kunstimperium uit de grond. (+)

Logisch dat de Franse president zowel een militaire basis in Abu Dhabi opent als de bouw aftrapt voor een nieuw Louvrefiliaal. Cultuur en macht horen bij elkaar. (+)

Woonomstandigheden

Als een van de portiers ons in het oog krijgt, trekt Amir me snel de taxi in van zijn landgenoot Bir. 'Hier wil ik later wonen', zegt Bir. We rijden langs het vrij nieuwe, ommuurde Labor Camp. 'Momo, kom eens hier', roept hij. 'Met hoevelen wonen jullie hier op een kamer?' Momo uit Kenya lacht: 'Met zijn vieren, en niet eens in stapelbedden, iedereen heeft een hoek van de kamer. I'm lucky, man.' Ook al omdat hij 250 euro per maand verdient, zegt hij, ongeveer het officiële minimumloon. Een groenwerker die we later spreken verdient 190 euro. Behalve zichzelf probeert hij daarmee ook zijn uitgebreide in Sri Lanka te onderhouden.

Amir werkt sinds vijf jaar in Doha. Over vier jaar hoopt hij het familiehuis in Nepal afbetaald te hebben. Bir, 30, moet nog minstens zes jaar. Hij wil zijn gedeelde kamer laten zien, maar als we zijn haveloze woonkazerne willen betreden, worden we tegengehouden. Verboden voor vrouwen en andere vreemdelingen. Een snelle blik naar binnen laat een smalle, donkere gang zien met aan weerszijden drie woonlagen. Lijnen met wasgoed zijn tussen de kamers gespannen. Drinkwater krijgen de bewoners via de werkgever, 'maar dat is zo slecht dat we zelf water moeten kopen', zegt Bir. Airco is er wel. 'Anders gaan we dood', zegt Bir praktisch, 'het is hier 50 graden in de zomer.' Twee dagen per maand is hij vrij. Dan wast hij zijn kleren.

Basisrechten

Door armoede gedreven leveren mannen als Bir en Amir behalve hun privacy, sociale leven en paspoort, ook een aantal belangrijke basisrechten in. Hun werkgevers, vaak onderaannemers uit de regio, hebben hun paspoorten ingenomen en kunnen hun personeel naar believen dumpen. Wisselen van werkgever is er niet bij. Verlof, bijvoorbeeld als een familielid overlijdt, kunnen ze vergeten. Soms krijgen arbeiders te weinig uitbetaald.

De migranten hebben vaak forse bedragen moeten lenen om wervingsbureaus in eigen land te betalen. Daardoor beginnen ze hun baan met een schuld die kan oplopen tot drieduizend dollar, volgens de Amerikaanse socioloog Andrew Ross. Het Philippine Overseas Labour Office in Doha maakt gewag van 'contract switching': een aantal in Manilla gerekruteerde huishoudhulpen kreeg bij aankomst in Qatar een nieuw contract voorgelegd waarin het salaris soms tot eenderde lager was dan overeengekomen. Weigeren is geen optie vanwege de genoemde schuld. Overheidsingrijpen is evenmin te verwachten. Grote Westerse werkgevers in de Golf scheppen doorgaans iets betere arbeidsvoorwaarden, maar 'ze doen nog altijd veel te weinig', zegt Ross. 'Het is vooral het geld dat spreekt.'

Arbeiders werken aan de bouw van de Lusail Multipurpose Sports Hall in Doha, Qatar, 19 November 2013. Beeld epa
Arbeiders werken aan de bouw van de Lusail Multipurpose Sports Hall in Doha, Qatar, 19 November 2013.Beeld epa

Toegang ontzegd

'In de Golfstaten wordt de verkwistende life style van een kleine groep burgers en ex-pats onderhouden door een grote meerderheid die functioneert als dienende klasse', schreef Andrew Ross in 2014 in The New York Times. Een jaar later werd de onderzoeker van de New York University (NYU) de toegang tot Abu Dhabi ontzegd.

Ook twee beeldend kunstenaars kwamen het land niet meer in. Met Ross zijn ze actief in de Gulf Labor Coalition, een verbond van voornamelijk kunstenaars die protesteren tegen de beroerde werkomstandigheden op Saadiyat eiland in Abu Dhabi. Protesten van Gulf Labor vonden plaats bij onder meer het Guggenheim Museum in New York en tijdens de Biënnale van Venetië in 2015. Op Saadiyat-eiland verrijzen behalve luxe malls en appartementen, drie prestigieuze musea, onder meer dependances van het Louvre in Parijs en het Guggenheim in New York. De gevierde Amerikaanse kunstenaar Laurence Weiner trok zijn medewerking aan het Guggenheim Abu Dhabi in vanwege de beroerde werksituatie van de bouwvakkers.

Ross deed namens NYU, die een dependance heeft in Abu Dhabi, onderzoek naar de arbeidsomstandigheden. 'Kritiek is niet toegestaan', zegt Ross. 'Daarmee komen zowel de academische vrijheid als de mensenrechten in het geding.' De NYU-professoren waren in meerderheid tegen de vestiging van dependance in Abu Dhabi, zegt hij, 'maar money speaks. Westerse instituten moeten zich realiseren dat hun integriteit wordt aangetast door blindelings op het geld af te gaan zonder aandacht te besteden aan de meest fundamentele mensenrechten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden