Het actuele multiculturele drama

Mijn vrouw en ik 'praten alleen Nederlands met elkaar. Tot vervelens toe, ook bij families, bij mijn ouders en haar ouders. We hebben klassiek Hollandse tafels, een Hollandse keuken, de boekenkast stikt van de Nederlandse boeken, Engelse boeken', vertelt Karim. 'En toch ga je nooit voor Nederlander door. Je blijft maar als allochtoon gezien worden. Je telt nooit gewoon mee. Je wordt nooit beoordeeld op wat je zegt en doet, maar altijd op iets waar je geen greep op hebt en niet uit kunt vlakken. Ook al ken je de kaart van Nederland op je duimpje, ook al juich je mee met Oranje, kun je een dag lang praten over Van Oldebarneveldt en Karel de Grote: je wordt nooit een Nederlander.'


'Je telt in het Nederlands, je droomt in het Nederlands, en dan ben je toch geen Nederlander', verzucht Iliass. En Aya: 'Ik zeg nooit dat ik een Nederlander ben. Heel simpel, omdat niemand mij als Nederlander ziet (...) Ik zal mijn leven lang worden aangesproken als allochtoon. Ik kan er niet tegen. Ik heb toch de Nederlandse nationaliteit? Ik spreek toch goed Nederlands. Ik ben hier toch geboren, getogen? Wat wil je nog meer?'


Het maakt hoger opgeleide Nederlanders met Marokkaanse (groot)ouders kwaad en verdrietig. Het doet pijn, dat er niets is wat je kunt doen om als Nederlander te gelden: Dat is om gek van te worden, zo valt te lezen in het recente boek Integratie en uit de gratie? van Jurriaan Onlo. Het is typerend dat de pijn en woede van deze jongeren in het huidige integratiedebat totaal niet doorklinkt. Het medeleven gaat uitsluitend uit naar Nederlanders van oudsher die zich hier niet meer thuis voelen door de komst van migranten. Ook belangrijk.


Maar hoe het voelt als je ontzettend je best doet om een zinvolle bijdrage aan deze samenleving te leveren, en toch altijd maar als halve crimineel wordt gezien en op zijn best voor halfvol doorgaat, dat blijft buiten beeld. Dat je niets maar dan ook niets kunt doen om een volbloed Nederlander te worden. Ook als je niets liever wilt dan dat, en er je stinkende best voor doet.


In hun opvattingen over integratie zijn deze jongeren door en door Nederlands. Ze vinden integratie je eigen verantwoordelijkheid, maar je moet natuurlijk wel de kans krijgen om te integreren. Het is cruciaal om goed Nederlands te leren, en zo verder. Het verschil zit in hun emoties: hun woede en pijn. Ze vertellen over deze emoties, maar gaan daarna over tot de orde van de dag. Ze zien geen mogelijkheid om hier iets aan te veranderen. Ze voelen zich verbazend machteloos. Ze hebben niet eens fantasieën om een club op te richten die de wereld eens een lesje zal leren. Ze fantaseren niet over acties, pamfletten of sit-ins.


Hun hoop is gevestigd op betere vertegenwoordigers. Wie vertegenwoordigt ons nu, roepen ze wanhopig uit? Niemand, is hun conclusie, maar daar laten ze het bij. Hebben ze het idee dat actie geen enkele zin heeft? Dat dit ze nog meer stereotypeert en volledige acceptatie nog verder buiten bereik brengt? Helaas vertelt het boek dat niet. Hun hogere opleiding helpt hen om hun frustraties te verwoorden, en beschermt wat tegen negatieve stereotiepen van Marokkaans tuig. Voor lager opgeleiden gelden beide pluspunten niet: deze woede zullen zij vast ook voelen en ze zullen daarbij nog eerder en vaker negatief bejegend worden, hoezeer ze ook hun best doen een keurige normale Nederlander te zijn.


In het integratiedebat van nu domineert de eis aan nieuwe Nederlanders dat zij zich thuis moeten voelen en zich moeten aanpassen. Daar bestaat veel kritiek op, maar die kritiek delen de betreffende jongeren zelf niet. Zij voelen zich goed thuis, vooral in hun eigen stad, zoals uit meer onderzoek blijkt. Je loopt minder risico op afwijzing als je je met je stad identificeert dan wanneer je aanspraak maakt op het Nederlanderschap. Vooral omdat Nederlanderschap en 'thuis' zo doordrenkt zijn van nostalgie, zoals Jan Willem Duyvendak zo treffend analyseert in zijn recente boek The politics of home.


Maar de eis te integreren, je aan te passen en thuis te voelen, is het probleem niet. Het probleem is dat, zoals Duyvendak stelt, er geen toekomstgericht en inclusief beeld van thuis is, alleen een nostalgisch en exclusief beeld. Het probleem is dat aanpassing en integratie nooit genoeg zijn en dat ze geen manier weten om hun onvrede hierover aan de kaak te stellen. Dat is het actuele multiculturele drama.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden