Herman Verbeek 1936-2013

Verbeek was als kind al liever in de kerk dan thuis. Geen verrassing dus dat hij priester werd.

Op zijn 14de wordt Herman Verbeek door zijn vader - een van de eerste neurochirurgen van Nederland - meegenomen naar het R.K. ziekenhuis in Groningen. Over diens schouder kijkt hij mee naar een hersenoperatie die zijn vader uitvoert. De oude Verbeek hoopt vurig dat Herman in zijn voetsporen zal treden. Maar als hij de twee huidflappen terugklapt, valt Herman flauw. Hetzelfde jaar ziet hij een priester een hostie optillen tijdens de mis. Ineens voelt hij een grote emotie - zijn roeping. Verbeek wordt priester en later publicist en politicus. Ongeneeslijk ziek kiest hij ervoor op 1 februari op 76-jarige leeftijd in hetzelfde Groningen te overlijden. 'Doden mag niet, sterven wel.'


Verbeek wordt in 1936 geboren en heeft, behalve een broer, zes zussen. Zijn vader is in zijn ogen een geniale geneeskundige pionier die zijn eigen instrumenten ontwerpt, maar ook een uitermate driftige en kille man voor wie hij later vooral afkeer voelt. 'Ik was liever in de kerk dan thuis', zou hij zeggen.


Hij gaat naar een jezuïeten-internaat en ontdekt daar zijn ware gevoelens: hij wordt op zijn 16de jaar hevig verliefd op een andere jongen die daarvan overigens nooit iets zal merken. Hoewel zijn ouders blijven hopen dat hij medicus wordt, gaat hij in 1957 naar het groot-seminarie Rijsenburg. Hier komt hij in aanraking met kerkvernieuwers als pater Van Kilsdonk en Huub Oosterhuis.


Hij wordt in 1963 tot priester gewijd en benoemd tot kapelaan in Joure. Na een ruzie met de pastoor over de betalingen wordt hij na eervol ontslag, adviseur van het bisdom Groningen. Behalve grote interesse in de paardensport - hij staat bekend als de paardenpastor - interesseert hij zich voor de maatschappelijke veranderingen in de jaren zestig, zoals die vorm krijgen door het Tweede Vaticaans Concilie en de mei-revoltes van 1968. Hij sluit zich aan bij Pax Christi en het IKV en komt langzaam maar zeker terecht in dissidente kerkkringen die ijveren voor opheffing van het celibaat. In de stad Groningen raakt hij ook betrokken bij de lokale politiek waar mensen als Max van den Berg en Jacques Wallage actief zijn. Hij zet zich in voor het behoud van de lokale synagoge en de schouwburg en vindt daarbij een thuis bij de PPR - een partij van dissidente KVP'ers - die christelijke waarden combineren met linkse idealen.


In 1977 wordt hij door ex-minister Harry van Doorn gevraagd voorzitter te worden van de partij nadat deze bij de verkiezingen vier van de zeven zetels heeft verloren. Verbeek moet de partij een nieuwe, warmere uitstraling geven. Het leidt ertoe dat hij in 1984 in het Europees Parlement komt voor een lijstcombinatie van PPR, PSP en CPN - de voorloper van GroenLinks. In 1989 wordt hij voor die partij herkozen, maar met de uitdrukkelijke voorwaarde dat hij op de helft van de termijn zijn zetel opgeeft. Verbeek weigert dit en blijft zitten als enig partijlid van wat De Groenen wordt genoemd.


In 1994 haalt die partij de kiesdrempel echter niet, wat Verbeek doet besluiten te reizen, de rust op te zoeken in abdijen en te publiceren. Voor dat laatste doel richt hij zelfs zijn eigen Verbeek-fonds op. Zijn laatste boek is zijn eigen autobiografie Toen daalde de duif. Hij mijdt de publiciteit niet. Zo noemt hij Wim Eijk bij zijn inwijding als bisschop van Groningen in 1999, wegens diens anti-homo standpunten, 'een vertegenwoordiger van de Middeleeuwse inquisitie'.


Elke dinsdag Een necrologie van minder bekende bijzondere mensen


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden