Hereniging Cyprus: toen niet, nu niet

TERWIJL bergbeklimmers - amateurs en professionals - als rijp fruit van de Alpen rollen, hebben de Grieks-Cypriotische en Turks-Cypriotische leiders Glafkos Clerides en Rauf Denktash zich aan het Meer van Genève in een hooggelegen hotel genesteld....

Onder leiding van de Verenigde Naties worden zij geacht enige voortgang te boeken in besprekingen die moeten leiden tot hereniging van hun sinds 23 jaar gedeelde eiland. Gevreesd moet worden dat de heren, evenals de onfortuinlijke Alpinisten, het zullen afleggen tegen de zwaartekracht. In figuurlijke zin wel te verstaan.

Hun eerste ronde van besprekingen in Troutbeck in de staat New York, begin juli, leverde enig resultaat op. Zij werden het eens over de opsporing en identificiatie van slachtoffers van hun intercommunale strijd waarbij tussen 1960 en de Turkse invasie in 1974 naar schatting 1600 Grieken en 800 Turken 'verdwenen'. Een schrijnend humanitair probleem dat de verhoudingen tussen de beide gemeenschappen tot nu toe zwaar heeft belast.

De tweede ronde in het Zwitsere Glion bij Montreux belooft minder succesvol te zijn. De besprekingen worden sinds vorige week belast met een akkoord waarin Turkije en de Turkse Republiek Noord-Cyprus overeenkwamen dat zij streven naar 'gedeeltelijke integratie'. De Turks-Cypriotische leider Denktash noemde het een 'historisch besluit'. De Grieks-Cypriotische regering reageerde uiterst kritisch, terwijl de verleners van diplomatieke hand- en spandiensten, Washington en Londen, zich bedienden van het diplomatieke eufemisme 'unhelpful'.

Hoewel waarnemers het er niet over eens zijn of er sprake is van een symbolische stap, kan veilig worden aangenomen dat de Grieks-Cyprioten in ieder geval een déjà vu van jewelste kregen toen op 20 juli de formele stoot tot het integratie-akkoord in Nicosia werd gegeven door de Turkse vice-premier Bülent Ecevit. Dezelfde Ecevit gaf in 1974, na een mislukte coup door Griekse nationalisten tegen president Makarios, als toenmalige premier opdracht tot een militaire interventie op Cyprus.

Symbolisch of niet, langzamerhand wordt wel duidelijk dat Turkije er alles aan is gelegen de eventuele hereniging van Cyprus en dus de terugtrekking van 35 duizend man Turkse militairen van het eiland ten eigen bate aan te grijpen. En Denktash zal zijn in 1983 eenzijdig uitgeroepen republiek, die alleen door Turkije werd erkend, duur verkopen.

Terwijl de Europese Unie met het openen van besprekingen over toetreding van Cyprus hereniging denkt te bewerkstelligen - lidmaatschap is overigens pas mogelijk na hereniging - tracht Ankara via de kwestie-Cyprus een voet tussen de deur in Brussel te krijgen.

Het beleid van de EU, dat aanvankelijk 'nog niet zo gek' leek, dreigt nu uit te lopen op een fiasco. Van een Turkse toetreding tot de Europese Unie is op afzienbare termijn geen sprake.

Niet alleen vanwege de mensenrechtensituatie of de islamitische oriëntatie van het land, maar vooral wegens de enorme bedragen die het de huidige lidstaten zou kosten om de relatief achtergebleven Turkse economie te integreren.

Geld dat Brussel vooralsnog liever besteed ziet worden aan voormalige Oostbloklanden en om Zuid-Europese lidstaten te compenseren voor nadelig effecten van verwachte concurrentie uit Oost-Europa. Of dat liever in de knip wordt gehouden om aan de normen van de nagestreefde Europese Monetaire Unie te kunnen voldoen.

Nadat de kwestie-Cyprus decennia onderwerp was van tientallen VN-resoluties, waarin de Turkse bezetting keer op keer werd veroordeeld en partijen werden opgeroepen om de tafel te gaan zitten, moet worden geconstateerd dat kostbare tijd verloren is gegaan.

Sterker nog, de onaangename gedachte dringt zich op dat het zogeheten momentum voor een oplossing in de zin van die VN-resoluties voorbij is.

Nadat tijdens de Koude Oorlog de status quo voor Cyprus het hoogst haalbare werd geacht, lijkt na het verdwijnen van de Oost-West-tegenstelling dat een oplossing voor het eiland niet haalbaar is in de context van de gewijzigde verhoudingen in Europa.

Ook al zullen de besprekingen tussen de Cypriotische leiders deze week waarschijnlijk niets opleveren, onder andere omdat er volgend jaar presidentsverkiezingen op het Griekse deel worden gehouden, er zal verder onderhandeld moeten worden.

Niet alleen omdat de EU en de Verenigde Staten diplomatieke verplichtingen zijn aangegaan, vooral omdat Griekenland en Turkije zonder een aanvaardbare regeling van de kwestie-Cyprus nooit aan een duurzame regeling van hun bilaterale geschillen zullen toekomen.

Geschillen over territoriale aanspraken in de Egeïsche Zee die enkele malen bijna uit de hand zijn gelopen, zoals begin vorig jaar rond het eilandje Imia. Geschillen ook die beide landen hebben genoopt tot defensieuitgaven die in vergelijking tot andere NAVO-landen een overmatig beslag leggen op hun nationale begrotingen.

Tijdens de discussie over de uitbreiding van de NAVO in oostelijke richting werd door voorstanders onder andere verwezen naar het stabiliserende effect op de betrekkingen tussen deze nieuwkomers. Het zou de geloofwaardigheid van de NAVO op z'n minst schade toebrengen als het bondgenootschap, en dus haar belangrijkste leden, niet in staat zouden zijn zich van de kwestie-Cyprus te verlossen.

Joris Cammelbeeck

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden