InterviewsHerdenken

Herdenken anno 2020: ‘Het voelt een beetje alsof ik de boel in de steek laat’

Marita Simons-DeenBeeld Rebecca Fertinel

Hoe herdenken we nu we vooral binnen moeten blijven? En: met welk gevoel doen we dat? Vijf mensen, met een sterk gevoel bij 4 en 5 mei, vertellen wat allemaal anders is.

‘Door de coronacrisis drukt de herdenking nog zwaarder op me dan normaal’

Marita Simons-Deen, 78, zou naar een herdenking in Bergen-Belsen en in Westerbork gaan.

‘Ik was 2 jaar oud en zat ondergedoken toen we werden verraden en ik in het weeshuis van Westerbork terechtkwam. In september 1944 werd ik met het laatste transport uit Westerbork per trein naar Bergen-­Belsen vervoerd, als deel van de Unbekannte Kinder. Van die tijd kan ik me weinig herinneren, maar ik ben er wel mijn hele leven mee bezig geweest. De kleine beetjes die ik dan hoor op herdenkingen zijn voor mij heel veel waard.

‘Het is een vreemde tijd. Door de coronacrisis drukt de herdenking nog zwaarder op me dan normaal. Hoe ouder je wordt, des te sterker dat gevoel wordt. Omdat je bezig bent met terugblikken op je leven. Op 15 april zou ik naar een herdenking in Bergen-Belsen gaan en op 4 mei naar Westerbork. Beide gaan niet door, de herdenking in Bergen-Belsen is uitgesteld tot september, maar je kunt je afvragen of het dan wel door kan gaan. Ik vind het erg jammer.

‘De herdenking kijk ik op tv, thuis. Dat doe ik meestal. Het voelt zuiverder om met mijn man, die ook oorlogsslachtoffer is, stilletjes tv te kijken dan om in een mensenmassa op een plein te staan.’

‘Het voelt een beetje alsof ik de boel in de steek laat’

Lous Steenhuis  (78), een van de Unbekannte Kinder, een groep van vijftig Joodse kinderen die in september 1944 met het laatste transport uit Westerbork per trein naar Bergen-Belsen ging.

‘Ik vind het heel gek. Ik zit voor het eerst achter mijn televisie op 4 mei en ik ga een beetje uit het raam kijken. Het Wilhelmus ga ik in elk geval niet zingen, het was van huis uit streng verboden om te zingen dat ik van ‘Duitschen bloed’ ben.

‘Ik kom uit een fanatiek communistisch nest, mijn ouders zaten allebei in het verzet. Mijn vader is verraden in Amsterdam, mijn moeder, die de oorlog heeft overleefd, heeft nog meegewerkt aan het beroemde pamflet van de Februaristaking. Daar ben ik trots op.

‘Normaal gesproken ga ik naar de herdenking op de Apollolaan in Amsterdam, bij mij om de hoek. Het voelt een beetje alsof ik de boel in de steek laat. Ter compensatie heb ik de paginagrote advertentie van het Nationaal Comité 4 en 5 mei opgehangen, met de tekst ‘Ik sta stil bij 75 jaar vrijheid’. Maar dat helpt ook niet echt.

‘Ik ben jaren lid geweest van het Auschwitz Comité, heb een jaar of vier geleden een krans gelegd op de herdenking op De Dam en geef al jaren gastlessen op scholen over de oorlog. Dat blijf ik doen tot ik erbij neerval.’ 

‘Het is ontzettend triest dat het niet kan doorgaan’

Fred Mouw (82) zat als kleine jongen in Kamp Westerbork, is lid van de raad van toezicht van het Herinneringscentrum en zou op 4 mei een speech voordragen.

‘Ik betreur het zeer dat de Dodenherdenking niet in de normale vorm door kan gaan. Ik ben 82 en net als veel ouderen leef ik bij de dag. Ik weet niet of ik er volgend jaar nog bij kan zijn of dat ik een rol van betekenis kan spelen. Veel ouderen beschouwen dit als een verloren jaar. Ik ook. Gelukkig ben ik nu nog gezond. Maar als ik op de intensive care terechtkom, red ik het niet.

‘Elk jaar ben ik bij de herdenking in Kamp Westerbork, waar ik als 7-jarige jongen ben bevrijd door de Canadezen. Het is ontzettend triest dat het niet door kan gaan, zeker in dit jubileumjaar van 75 jaar bevrijding. Vanavond zit ik voor de tv. Ik mis het contact en de gezelligheid met de veteranen en de overlevenden in Westerbork.

‘De ‘Overdenking’ die ik zou uitspreken is nu in een podcast opgenomen, te luisteren op Spotify onder de naam Podcast Kamp Westerbork. Ik vertel daarin iets over hoe kil de Joden na de oorlog in Nederland ontvangen zijn. Door de coronacrisis zijn mensen nu weer aardig tegen elkaar, ik hoop dat de onverschilligheid niet terugkeert.’

‘We hebben de krans afgegeven bij de burgemeester’

Theo Roeffen (94) heeft met zijn kring van oud-stoottroepers een krans afgegeven bij de burgemeester van Den Bosch.

‘Ik was 14 toen de oorlog uitbrak, heb de hele bezetting meegemaakt en ben in 1944 in het verzet gekomen. En ik heb een klein beetje aan de bevrijding meegewerkt. Voor de stoottroepen heb ik aan de Maas en de Waal gelegen, waar ik gewond ben geraakt door een S-mijn.

‘Normaal gesproken leggen we met de oud-stoottroepers een krans in de Casinotuin in Den Bosch en lopen we mee in het defilé in Wageningen. Dat kan nu niet. We hebben de krans afgegeven bij de burgemeester, die zal hem leggen bij het verzetsmonument in de Casinotuin.

‘Het had een fijne dag moeten zijn, maar helaas gaat het allemaal niet door. Het is niet anders. Ik begrijp het wel, ik ben 94, dus ik er zit heel erg in de risicogroep. Gelukkig ben ik nog fit. Vanochtend deed ik nog mee met Nederland In Beweging op tv. En vanavond kijk ik ook naar de televisie.’

Tulpen sieren de Canadese begraafplaats in Groesbeek. Bij alle 2.619 witte kruisen staan er tulpen omdat er geen Dodenherdenking kan plaatsvinden wegens het coronavirus.Beeld ANP

‘We hebben op elk graf een tulp geplaatst’

Alice van Bekkum, voorzitter van de stichting Faces To Graves, zette met andere vrijwilligers tulpen in vazen op de 2619 graven op de Canadese begraafplaats in Groesbeek.

‘Vanwege het jubileumjaar 75 jaar bevrijding hadden we een groot evenement georganiseerd, The Faces of Groesbeek. We hebben inmiddels voor meer dan de helft van de 2.619 graven foto’s gevonden van de gestorven Canadese soldaten. Een highschool uit Canada zou speciaal overkomen. De leerlingen hadden 28 biografieën geschreven van de soldaten.

‘Helaas gaat het niet door. We hebben het evenement een jaar verplaatst. Volgend jaar vieren we dus 75 plus 1. Om er dit jaar toch bij stil te staan, heb ik bedacht dat we rode tulpen op de graven konden plaatsen. We hebben het afgelopen weekend eraan gewerkt om op elk graf een vaas met een tulp te zetten.

‘Ik had gehoord van een actie van de Dutch Liberation Canadian Society die in Canada rode tulpen verspreidde om de bijdrage van de Canadezen in de bevrijding van ons land te herdenken. Zo kwam ik erop. Vandaag blijven we thuis en kijken we tv. Ik zal het erg missen om de trompet in levenden lijve te horen. Niemand in de straat speelt trompet, helaas.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden