Herdenk geen doden maar daden

Laten we op 4 mei rouwen over het leed dat wij hebben veroorzaakt of hebben laten plaatsvinden en op 5 mei vieren welk leed wij juist hebben voorkomen.

Tijdens de nationale herdenking op 4 mei herdenken wij, in de woorden van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, 'allen - burgers en militairen - die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, en daarna in oorlogssituaties en bij vredesoperaties'.

De herdenking dient twee belangrijke doelen. Ten eerste verwerking van persoonlijk verdriet om het verlies van onze naasten. Collectieve rouw biedt immers troost. Ten tweede als waarschuwing voor datgene waartoe haat en oorlog kunnen leiden, om zo herhaling te voorkomen.

Hoe belangrijk het eerste doel van de herdenking ook is, ik pleit ervoor het te laten varen ten gunste van het tweede doel. Laten wij op 4 mei voortaan niet herdenken welke verliezen wij zelf hebben geleden, maar juist de slachtoffers waarvoor wij verantwoordelijk zijn geweest. En laten wij dan op 5 mei vieren hoe wij slachtoffers hebben voorkómen.

Tijdens menige herdenking klinkt het 'nooit meer ...' Wij willen herdenken opdat wij tenminste nog iets van de geschiedenis leren en die niet herhalen. Maar voorkomen wij oorlogen door te treuren over wat ons door anderen is aangedaan? Nee, wij voorkomen oorlogen door te overdenken wat wij anderen hebben aangedaan, door te herdenken waartoe wij zélf in staat zijn. Wanneer zijn wij agressor geweest, wanneer hebben wij weggekeken?

Herdenk daarom op 4 mei in de eerste plaats de Nederlandse actieve en passieve rol in de Jodenvervolging en niet die van de Duitsers. Herdenk dat Nederlandse vrijwilligers het grootste contingent van de Waffen-SS vormden van alle bezette West-Europese landen. Herdenk de bereidwillige medewerking van de Nederlandse politie aan de Jodenvervolging. Herdenk de politionele acties in toenmalig Nederlands-Indië, herdenk onze rol in de slavenhandel, overdenk onze rol in Srebrenica.

Juist een dergelijke herdenking van onze eigen daden confronteert en is pijnlijk. Natuurlijk is het belangrijk bekend te zijn met andermans wandaden, maar wij leren vooral van onze eigen fouten. We moeten onszelf dwingen te herdenken wat we juist graag willen vergeten, waarvoor wij willen wegkijken. Wanneer herdenkingen enkel het leed vers houden dat anderen ons hebben aangedaan, brengen zij nieuwe oorlogen eerder dichterbij dan dat ze worden voorkomen.

Vanzelfsprekend zijn wij niet persoonlijk verantwoordelijk voor de daden van onze voorouders of andere landgenoten. Maar als wij straks kunnen juichen om elk doelpunt van ons nationaal elftal in Brazilië, waaraan wij op geen enkele wijze hebben bijgedragen, dan kunnen wij ook stilstaan bij ons collectieve Nederlandse verleden.

Een dag waarop wij collectief ons doen en nalaten overdenken heeft niets te maken met een 'weg met ons'-mentaliteit. Integendeel. Als wij onder ogen kunnen zien waar wij in de geschiedenis andere keuzes hadden willen maken, is dat een teken van kracht en zelfvertrouwen. Door te leren van de geschiedenis kunnen wij een betere maatschappij realiseren.

En vier dan op 5 mei de Nederland-se bijdrage aan de vrijheid. Niet de bevrijding door Amerikanen en Canadezen, want daarvoor waren wijzelf niet verantwoordelijk. Maar herdenk juist die dag de Nederlanders die hun leven gaven in de strijd voor vrijheid, zoals in het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog of bij naoorlogse vredesoperaties. Vier hoe Nederland van oudsher een toevluchtsoord is geweest voor hen die vervolgd werden om religieuze of andere redenen. Vier dat Hugo de Groot in 1625 de basis legde voor het moderne volkenrecht en de oprichting in 2002 van het Internationaal Strafhof in Den Haag.

Natuurlijk zijn er ook andere momenten waarop wij die zaken herdenken waarvan wij nu willen dat wij ze vroeger anders hadden gedaan. Op 1 juni vindt de nationale slavernijherdenking plaats en in kleinere kring worden slachtoffers van de politionele acties herdacht. Maar geen enkele herdenking heeft de impact en aandacht van de collectieve twee minuten stilte op 4 mei.

Laten wij dat korte en unieke moment in het jaar dat wij gezamenlijk, op nationale schaal, in gedachten zijn verzonken zo goed mogelijk gebruiken. Collectieve rouw om onze doden is belangrijk, maar de eigen verantwoordelijkheid overdenken en in de spiegel durven kijken is nog belangrijker. Laten we op 4 mei rouwen over het leed dat wij hebben veroorzaakt of onder onze ogen hebben laten plaatsvinden en op 5 mei vieren welk leed wij juist hebben voorkomen.

Natuurlijk zal dat leiden tot hevige debatten over waarvoor wij nu wel of niet verantwoordelijk zijn. Maar juist van die discussie zullen wij leren. Van alleen slachtofferschap leren wij namelijk niets.

Marc Davidson is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden