REPORTAGE

Hennie van der Most loopt weer binnen, dankzij de vluchtelingen

Het vakantiepark van Hennie van der Most in het Drenthse Oranje kwijnde weg door de crisis. Dankzij 1.400 vluchtelingen is de ondernemer in amusement en staal er in een klap bovenop. Dit artikel verscheen eerder op 23 oktober 2014.

Hennie van der Most laat binnenkort pallets aanrukken. `Kunnen die kinderen lekker hutten bouwen.'Beeld Julius Schrank

Met grote passen beent zakenman Hennie van der Most (64) langs de receptie van zijn bungalowpark in het Drentse dorp Oranje. Het is er druk. Tientallen vluchtelingen kijken verlekkerd naar de schermen van hun telefoons. Ze hebben live-verbindingen met Syrië, Irak en Eritrea. Peuters rennen rondjes om een plant. Er verschijnt een glimlach rond de lippen van de zakenman. 'Wat een bedrijvigheid, niet? Super!'

Het doet hem denken aan de hoogtijdagen. Voordat de financiële crisis toesloeg, waren de 257 huisjes - omgebouwde koelwagons - in vakantietijd geregeld volgeboekt. Het aanpalende Speelstad Oranje - een oude aardappelzetmeelfabriek die hij transformeerde tot een speelparadijs - trok toen nog meer dan 300 duizend bezoekers per jaar. Maar door de crisis en de toegenomen concurrentie werd 'Oranje' een zieltogende onderneming die hem geld kostte in plaats van opleverde.

Tot een maand geleden, toen het COA (Centraal orgaan Opvang Asielzoekers) aan de lijn hing. Of hij nog een leegstaande loods had? Die had hij niet. Maar wel een slechtlopend vakantiepark. Twee dagen later was het contract getekend; voor een periode van minimaal drie jaar huurt het COA het park van Van der Most. In één klap is zijn onderneming daarmee weer winstgevend.

En dus loopt hij hier met de borst vooruit en een lach op zijn gezicht. Passerende vluchtelingen groet hij vrolijk, met Sallandse tongval: 'Heuj'. Zonder uitzondering groeten ze terug, blij met een beetje aanspraak.

Het is tot zichtbare tevredenheid van de zakenman, die het ziet als teken dat ze zich hier vermaken. Hij wijst op een paar rode fietsen die tegen de muur van een huisje staan. 'Kiek, die zijn ook van mij. Mogen ze gewoon gebruiken. En de kinderen hebben gratis toegang tot Speelstad.'

Hij wil er niet aan denken wat de reden is dat de vluchtelingen hier op het Drentse platteland verzeild zijn geraakt. 'Daar kunnen wij ons niks bij voorstellen. Verschrikkelijk.' Des te belangrijker vindt hij het dat ze hier op zijn park niet verpieteren.

'Ik bedenk me nu ineens dat ik ergens wel een stapel pallets kan laten plaatsen met wat spijkers. Kunnen die kinderen lekker hutten bouwen.' Later deze week gaat hij het voorstellen aan het COA.

Lot uit de loterij

De komst van de vluchtelingen naar kanaaldorp Oranje ziet Van der Most als 'een lot uit de loterij'. De selfmade zakenman, die ooit begon als ijzerboer, is hard geraakt door de crisis. Hoewel hij met zijn Duitse bedrijven een kleine winst boekte, moesten zijn tientallen Nederlandse horeca-, amusements- en staalbedrijven flink aan omzet inleveren. Van al zijn ondernemingen behoorden Speelstad Oranje en het bijbehorende bungalowpark tot de grootste zorgenkindjes.


Nu, drie weken nadat de eerste asielzoekers intrek namen in zijn vrolijk beschilderde 'pipo-woningen', moet Van der Most er nog om lachen. 'Dit is gewoon super voor iedereen. Het COA kan hier veertienhonderd mensen kwijt. De huisjes zijn van alle gemakken voorzien, dus die vluchtelingen hebben het naar hun zin. En ik ben uit de kosten.'


Hoeveel hij precies krijgt, weigert hij te zeggen. Dat het meer is dan 100 duizend euro per maand wil hij wel toegeven. Dat is het bedrag dat hij moest bijleggen om Speelstad en het vakantiepark draaiende te houden. 'Maar vergis je niet, daar zitten ook stookkosten bij. Die vluchtelingen zetten de kachel vaak een paar graden hoger. Kost me zo een ton extra.'


Maar klagen doet hij niet. In tegenstelling tot de 136 inwoners van Oranje. Ze krijgen er deze herfst veertienhonderd dorpsgenoten bij, met dank aan Van der Most. Het zouden vooral Syrische gezinnen zijn, die niet al te veel ambities hebben het park te verlaten.

Hennie van der Most.Beeld Julius Schrank

Boeman

Maar vorige week waren er opeens honderd donkere, alleenstaande mannen. Hun aanwezigheid op de openbare weg, in de buurtbus en in de supermarkt werkte intimiderend. Na klachten uit de buurt zijn ze overgeplaatst, maar het kwaad is geschied. Van der Most is de boeman.


Het doet hem weinig. In zijn geboorteplaats Slagharen maakte hij iets soortgelijks mee. 'Toen daar een asielzoekerscentrum kwam, stond het hele dorp op z'n kop. Jaren later, toen het dichtging, kwam iedereen weer in opstand; ze wilden de asielzoekers niet meer kwijt.' Zo zal het hier in Oranje ook gaan, voorspelt hij.


Ter hoogte van de kinderboerderij - een paar hokken midden op het park met konijnen, kippen en geiten - kijkt Van der Most om zich heen. Zijn diepe rimpels verraden dat hij de pensioengerechtigde leeftijd nadert.


De zorgen van de afgelopen jaren heeft hij nog niet van zich kunnen afschudden. Zijn vriendin wil dat hij vaker thuis is. Maar daar heeft hij geen tijd voor. 'Gewoon door doen', zegt hij vastberaden.


Woorden van soortgelijke strekking richtte hij jaren geleden aan getroebleerde ondernemers in zijn eigen tv-programma Operatie van der Most. Niet bij de pakken neerzitten, actief zijn, vaste patronen doorbreken. En kansen pakken als ze onverwacht voorbijkomen.


Hij kijkt naar een wintersgeklede vluchteling die langs snelt: 'Voor eigenaren van lege bungalowparken is dit de oplossing. Super!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden