Column

Henk lift mee met dichter Marieke Rijneveld

Schrijver Henk van Straten reist elke week een stukje op met een min of meer bekende Nederlander.

Beeld Henk van Straten

We spreken af op Utrecht CS, voor de AKO, waar ik een uur te vroeg klaarsta. Ik blader een paar bestsellers door (gedichten van BNN-presentator Tim Hofman, het zoveelste boekje over hoe gezond en gelukkig te leven, de nieuwe Kluun, Killerbody 2) als Marieke Rijneveld me vrolijk-bezorgd vraagt: 'Leef je nog?' Haar boek met poëzie, Kalfsvlies, ligt niet op de tafels. Heeft er ook nooit gelegen, hoewel Rijneveld de C. Buddingh'-Prijs won, en door de Volkskrant werd uitgeroepen tot Literair Talent van 2016. Ondanks de schitterende gedichten. Rood honkbaljack, grijze sjaal, warme muts. Blauwe, timide ogen die desondanks niet bang zijn je blik vast te houden. Een speelse pluk blond haar, geen make-up. Een beetje jongensachtig, maar daarover later meer.

Een enorme rugzak ook. 'Ik reis van overal naar overal', zegt ze, als we naar het perron lopen. De hele dag is ze in de weer geweest op het melkveebedrijf waar ze twee dagen per week werkt, en nu gaat ze naar een vriendin. De plaats van bestemming zal onvermeld blijven. Hou het er maar op dat even niemand hoeft te weten waar ze uithangt. 'Het is belangrijk dat ik deze periode een beetje onder de mensen kom. Dus dat doe ik. Het is een zelfproject.' Ze heeft de neiging mensen te mijden. Althans, momenteel. Ze is met dingen bezig. Met het zelfproject, maar ook met een eerste roman. 'Daar was ik al aan begonnen vóór Kalfsvlies, maar ik weet nu pas echt wat ik ermee wil.' Het gaat goed, de roman.

En het zelfproject? Dat kan nog alle kanten op. Het maakt nogal wat los, bij haar en bij de mensen om haar heen. Ze vertelt erover in de sprinter, tegenover me. De rugzak is net een derde persoon in ons gezelschap. Er schittert moed in Mariekes ogen als ze vertelt over Lucas, de jongen die ze verzon toen ze klein was. De jongen die ze soms graag wilde zijn. De jongen die ze soms graag zou wíllen zijn. Misschien, zelfs, de jongen die ze ís. Of óók is.

Ingewikkeld, moeilijk. Waar begint het één en eindigt het ander. Of de ander. Maar het project is ze aangegaan, de dingen zullen op hun plaats vallen. Het vertellen is wellicht heilzaam. De treinreis voegt zich naar haar woorden, buigt zich zo dat haar zinnen vrij baan krijgen. De kleine stations sjokken stilletjes aan ons voorbij, alsof ze bang zijn ons te zullen storen.

Ik zag Marieke ooit voordragen en zag een schitterend persoon. Nu vind ik haar nóg mooier. Levenswarmte in haar ogen die haast jaloers maakt. Een blik die, als ze naar je kijkt, doet vermoeden dat ze dingen over je weet die jouzelf tot dusver zijn ontgaan. Bij anderen kan dat ongemakkelijk zijn, bij Marieke vind je dat prima: je voelt dat het begrip dat ze zichzelf gunt er ook voor jou is.

Eenmaal uitgestapt loopt ze bij me vandaan. Ik denk aan iets wat op de middelbare school vaak werd geroepen: 'Hé rugzak, waar ga je met die brugpieper naartoe?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden