Help, de dominee verzuipt!

Een kerk draaiende houden tijdens de quarantaine is zwaar. En dominees lopen toch al een verhoogd risico op een burn-out. ‘Ik zakte in. Dan weet ik dat ik een stap terug moet doen.’ 

Alleke WieringaBeeld Harry Cock/de Volkskrant

Dominee Alleke Wieringa (60) trok zich onlangs een paar dagen terug in haar stacaravan in Zutphen, een houten huisje in het bos waar ze wandelt en haar tuin onderhoudt, die vol staat met vlinderstruiken en courgetteplanten.

De kerk draaiende houden tijdens de quarantaine leidt tot spanning. Huisbezoeken zijn gevaarlijk, stervensbegeleiding van coronapatiënten is bijna onmogelijk en een uitvaartdienst houden met maar dertig mensen is teleurstellend voor de nabestaanden. Wieringa voelt vooral de druk van het digitaliseren van haar kerkdiensten en vergaderingen. Na twee burn-outs weet ze dat ze dan moet oppassen. ‘Ik zakte in. Dan moet ik een stap terug doen. Dan moet ik naar Zutphen.’

Dominees hebben geen coronacrisis nodig om stress te ervaren. Exacte cijfers zijn er niet, maar het valt de leden van kerkgemeenschappen op dat het aantal overwerkte dominees toeneemt. Twintig jaar geleden publiceerde deze krant een onderzoek van de Open Universiteit waaruit bleek dat dominees ‘een verhoogd risico op ‘burn-out’ lopen’. 

‘Ik zie dat steeds meer predikanten een beroep doen op mijn begeleiding’, zegt Florida de Kok. Zes jaar geleden begon ze met Ruimzicht, een stichting die dominees begeleidt, een coachingstraject voor overspannen predikanten. Dominee Johan het Lam (64), die zelf een burn-out kreeg en er het boekje Schaap met vijf poten over schreef, zegt: ‘Ik zie steeds weer dominees overspannen raken of in de gevarenzone terechtkomen. Van de PKN (koepelorganisatie Protestantse Kerk in Nederland, red.) begreep ik dat er regelmatig jonge dominees uitvallen.’

Een begrafenis tussendoor

Het schrijven van de preek voor de zondagsdienst kostte Het Lam wekelijks tien uur. Per week had hij vijf tot tien gesprekken met zieke of rouwende mensen. Hij organiseerde lessen voor jongeren, een Bijbelkring voor ouderen en een basiscursus voor kerkgangers die zochten naar zingeving. Alles bij elkaar zestig tot zeventig uur werk per week. ‘Maar wat valt onder werk? Ik woon naast de kerk in een klein stadje. Mensen komen langs om me vragen te stellen als ik in de tuin zit. Ze schieten me aan als ze me in de winkel tegenkomen. Ik ben er altijd mee bezig.’

In 2010 ging het mis. Het Lam kreeg last van hoofdpijn, sliep niet meer. Hij lag er vier maanden uit. Nu heeft hij zichzelf wat overbodiger gemaakt door onder meer bepaalde gesprekken aan anderen over te laten. 

Alleke WieringaBeeld Harry Cock/de Volkskrant

Stem van God

Accepteren dat hij rust moest nemen vond Johan het Lam moeilijk. ‘Het was aan mij om de boodschap van God door te geven, dat is mijn opdracht. Daarmee stoppen voelde alsof ik mijn opdrachtgever teleurstelde.’ Bovendien, zegt hij, was Jezus altijd beschikbaar voor advies. ‘Mensen kwamen naar Hem toe om genezen en aangeraakt te worden. Ook al vond Hij dat soms zwaar. In de Bijbel voer Jezus een meer op om rust te vinden, maar dan liepen de mensen om het meer heen om Hem daar op te wachten.’

Als Het Lam met zijn vrouw een dag naar Amsterdam ging, had hij steeds de neiging een goed gesprek met een dakloze op de Dam te voeren. ‘Ik heb een antenne voor mensen met wie het niet goed gaat. Daarmee heb ik moeten leren omgaan. Eerst dacht ik dat de stem in mijn hoofd die zegt dat ik moet helpen altijd die van God was, nu weet ik dat het soms gewoon mijn eigen geweten is.’

De kerk volpreken

Hebben dominees het nu zwaarder dan vijftig jaar geleden? Alleke Wieringa vraag het zich af. De aard van het werk van een dominee is toch niet veranderd? Ze denkt aan haar vader, die ook predikant was. Hij had een zware gemeente: een uitzonderlijk hoog aantal zelfmoorden, ernstig zieke gemeenteleden. ‘Ze kregen kanker, maar dat was toen nog een verboden woord. Soms wisten de arts en mijn vader het, maar mocht de patiënt het zelf niet weten. Dat is belastende kennis om te hebben.’

Naast die zware gevallen kon hij rekenen op een volle kerk. Dát is veranderd. ‘Vroeger was het normaal dat je bij een kerk hoorde. Iedereen kwam op zondag, als predikant maakte mijn vader deel uit van het dorp. Hij hoefde voor die opkomst nauwelijks moeite te doen.’

Sommige dominees hebben het gevoel dat ze eigenhandig de kerk weer moeten volpreken. ‘Ik ken de druk van een kerk die terugloopt’, zegt Het Lam. ‘De neiging om eraan te gaan trekken, om er weer leven in te blazen. Toen ik dominee werd, was de kerk nog behoorlijk groot. Ik heb de opkomst in de loop van mijn predikantschap zien dalen. Daar voelde ik me medeverantwoordelijk voor. Het voelt als een teleurstelling.’

Wieringa en Het Lam weten hoe frustrerend het is om eraan te blijven trekken. ‘Ik kan die jonge ouders niet een pistool op de borst zetten zodat ze hun kinderen naar de kerk sturen’, zegt Wieringa. ‘Het enige dat ik kan doen is mezelf zijn en een actueel verhaal vertellen waarmee de gemeenschap iets kan in het dagelijks leven.’

Zo ziet ze het aantal kerkgangers soms ineens opleven, met het coronavirus bijvoorbeeld. De radiodiensten waaraan Alleke vanuit huis meewerkt, worden door meer mensen beluisterd dan er normaal naar de kerk komen. Misschien, zegt ze, levert het zelfs nieuwe aanwas op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden