Hel en wee in het kamp de 'Zoete lente'

Meer en meer Palestijnse vluchtelingen uit Syrië zoeken hun toevlucht in het Libanese kamp Ain el-Helweh. De middelen zijn volstrekt ontoereikend, hygiëne ontbreekt, een vuilnisbelt is de belangrijkste voedselbron.

Rida Hammad spreekt zachtjes. Zijn lijf hangt permanent naar voren gebogen, als dat van een oude man, omdat zijn ontstoken ruggegraat hem niet toestaat rechtop te staan. De bicepsen van wat eens een grote sterke vent geweest moet zijn, trillen op zijn dunne armen terwijl hij spreekt.


De dokter zegt dat hij een operatie van '1 miljoen dollar' nodig heeft, zegt Rida, een 32-jarige Palestijn uit Syrië. Het is misschien een slag in de lucht. Maar in elk geval is het een bedrag dat hij nooit in zijn - mogelijk korte - verdere leven bij elkaar kan krijgen.


Het was niet altijd zo, zegt Rida. Tot voor kort woonden ze in een klein huis in de Palestijnse wijk Yarmouk, aan de rand van Damascus. Ze hadden het niet breed, maar ze redden het wel. Rida kreeg gratis gezondheidszorg van de Syrische staat. Nu doet hij zijn verhaal omringd door acht buren in een zelfgemaakte hut in het 'Waardigheidskamp'. Dat de naam misplaatst is, is een understatement. Kamp Karame is de miezerigste hoek van Ain el-Helweh (wat 'zoete lente' betekent), onder normale omstandigheden al het drukste, smerigste en gevaarlijkste Palestijnse kamp in Libanon.


Sinds het begin van de burgeroorlog zijn 45 duizend Palestijnen uit Syrië gevlucht naar het naburige Libanon. Palestijnen, altijd al het ongewilde kindje in de Arabische wereld, komen steeds moeilijker Jordanië en andere buurlanden van Syrië in. Alleen het kleine Libanon houdt de deur wijdopen - deels uit humanitair oogpunt, deels uit onvermogen om haar te sluiten.


Na aankomst in Libanon vinden de vluchtelingen doorgaans onderdak in een van de twaalf overbevolkte Palestijnse kampen, waarvan Ain el-Helweh het grootste is. 70 duizend mensen zitten er opeengepakt op 1 vierkante kilometer. Nu komen daar grof geschat nog eens 8.500 Palestijnen uit Syrië bij. Ter vergelijking: 1 vierkante kilometer komt ongeveer overeen met het oude centrum van Alkmaar en in 2013 telt Noord-Holland rond de 1.000 inwoners per vierkante kilometer.


De meer fortuinlijken kunnen hier en daar een grijpstuiver binnenhalen en leven bij familie of in Spartaanse huurkamers. Maar de meest kansloze gevallen, zonder familie en vaak te ziek of te oud om te werken, eindigen in het Waardigheidskamp.


Door het kamp dartelen magere kinderen, sommigen onder de insectenbeten. Tijdens de hete zomermaanden kruipen ratten in de krakkemikkige constructies van tentzeil en houten latten. Twee kleuters werden al gebeten, volgens bewoners. Rond de vier toiletten zoemen dikke vliegen, afkomstig van een nabijgelegen vuilnisbelt die een belangrijke voedselbron is voor de bewoners.


Door het volslagen gebrek aan hygiëne, in een kamp met vierhonderd zwakke en niet zelden ondervoede mensen, zijn ziekten inmiddels wijdverbreid. 'De afgelopen tijd zien we steeds meer gevallen van diarree, eczeem, en schurft', zegt een hoge lokale medewerker van UNRWA, de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen. Hij spreekt zonder toestemming van de afdeling communicatie en wil niet met zijn naam in de krant. 'In augustus is zelfs een baby gestorven aan uitdroging. We verstrekken incidenteel voedselbonnen of een klein geldbedrag, maar we kunnen niet iedereen daar weghalen.'


Nieuwkomers

Ook de solidariteit van Libanese Palestijnen in Ain el-Helweh wordt op de proef gesteld. UNRWA en andere hulporganisaties komen chronisch geld tekort - veel donoren geven aan UNHCR, de eveneens ondergefinancierde VN-club die 'gewone' Syrische vluchtelingen helpt.


Onder druk van de nieuwkomers lopen de wachttijden bij de UNRWA-gezondheidscentra en andere dienstverlenende instellingen in Libanon op. Daarbij klagen oorspronkelijke bewoners in Ain el-Helweh dat de Palestijnen uit Syrië hun schaarse banen overnemen en dat woningprijzen stijgen.


Palestijnen uit Syrië zeggen dat ze worden beschimpt en soms zelfs aangevallen. 'Overal waar ik kom, hoor ik ze 'Syriër, Syriër' sissen', zegt de 27-jarige Mohammed Kheer. Anderen schieten direct toe met vergelijkbare klachten. Een man vertelt dat zijn neef zomaar werd neergestoken. Een ander dat hij pardoes in zijn gezicht geslagen werd toen hij de groentemarkt betrad. Veel van hun mede-Palestijnen in Libanon zijn hen goed ter wille, zeggen ze, maar de woede en het risico op conflict stijgen.


Dat geldt ook voor de rest van het kleine, zwakke en intens verdeelde Libanon. Een vloedgolf van een miljoen Syrische vluchtelingen heeft de bevolking van het land de afgelopen jaren met een kwart vermeerderd. Infrastructuur, het onderwijssysteem, de medische sector, politieke stabiliteit - alles staat onder hoogspanning.


'We staan aan de rand van een ramp voor onze economie en nationale veiligheid', waarschuwde de Libanese minister van Binnenlandse Zaken vorige week nog maar eens.


In Ain el-Helweh is de druk extra hoog. Het kamp is een broeinest van politieke spanningen, met zeventien gewapende groepen van verschillende loyaliteiten - onder meer richting het Syrische regime - die onder druk staan door de burgeroorlog in Syrië. De afgelopen maanden zijn die een aantal keer met elkaar slaags geraakt.


Maar voor nu hebben de Syrische Palestijnen in het kamp andere zorgen. De winter staat voor de deur en de eerste regenbuien van het seizoen gaven afgelopen week een voorproefje van wat hen de komende tijd te wachten staat. Sommige tenten zijn inmiddels beschermd door een drielaags betonnen muurtje, maar bij de meeste hutjes moet straks een verroeste golfplaat weerstand bieden aan het water.


Alsof de duvel ermee speelt, barst in de middag plotseling een intense plensbui los. In een oogwenk verandert de stoffige kampeerplaats in een natte bruine smurrie. Terwijl doorweekte kleuters door de modder stappen, proberen hun ouders het water uit de hutten te scheppen.


'Dit is ons leven', zegt Rida, de man met de ontstoken ruggegraat, zijn gebogen lijf naast de lekkende constructie waarin zijn vrouw en kind 's nachts slapen. 'In de zomer branden we, in de winter verdrinken we. Met de ratten, de vliegen en de mieren.'


Anonieme medewerker UNRWA

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden