Heilige grond

Acht Volkskrant-fotografen onderzoeken deze zomer wereldwijd het leven in provincieplaatsen. Misschien toont de cultuur van een land juist in de provincie haar gezicht....

Ga met je rug naar een van van de vele kroegjes en hotelletjes staan, en zie waarom hier mensen zijn: om hier weer weg te gaan. Rechtdoor bijvoorbeeld, naar Narok en richting Tanzania. Linksaf, naar de hoofdstad Nairobi en de kustplaats Mombasa. Of rechtsaf, naar Naivasha en dan door richting Uganda en andere Afrikaanse landen.

Ruim dertig jaar geleden was Maai Mahiu niet veel meer dan een verzameling graslanden met hier en daar een hut. Ooit had een blanke settler er meer dan 25 duizend hectare vruchtbare grond afgepakt van Kenianen. Na de onafhankelijkheid kwam het gebied in handen van een coöperatie van zwarte boeren.

En pas toen werden de eerste huizen gebouwd, daar in het dal van de Rift Vallei, die enorme scheur die door een groot deel van Afrika loopt, van Eritrea tot aan Mozambique. Het dorp begon bij de T-splitsing. En veel verder is het eigenlijk nooit gekomen.

De 60-jarige Jeremiah Mwaura is een van de 'dorpsvaders'. Hij is boer en Kikuyu, een lid van Kenia's grootste volk. Deze dagen gaat hij weinig de velden in, vanwege de recente botsingen met de Masai, de nomadische herders. 'Als wij maïs verbouwen, sturen zij hun koeien om het op te eten.' Het dorpsleven gaat niet over rozen.

Dat weet ook James Mwendo. Hij is de tijdelijke Chief in Maai Mahiu. De echte Chief is met ziekteverlof. Mwendo komt uit Machakos, is een Kamba en normaal gesproken actief als politieman. Dat laatste komt hem in het dorp goed van pas. 'Politiek is in Kenia een bijzonder gecompliceerde zaak. Dat merk je juist in de dorpen, waar mensen van verschillende volken het lang niet altijd met elkaar kunnen vinden.' Want voor iedereen is de grond op een andere manier heilig.

Maai Mahiu leeft van het zand dat, dankzij ontbossing en erosie, van de naburige berg Longonot naar beneden komt, 'geoogst' wordt en goed van pas komt in de bouwsector van Kenia. Maar het dorp leeft vooral van zijn passanten, van de vrachtwagenchauffeurs die letterlijk uit alle windstreken komen en er de nacht doorbrengen.

Dat laatste kan slapend, in de cabine of in een van de goedkope hotelletjes. Maar wie wil, kan tot zes uur in de ochtend, wanneer de meesten weer op pad gaan, dansen in een kroegje. Daar ook zijn de dames van de nacht te vinden, de hoertjes die hun kinderen onbeschermd thuis laten om voor hen wat geld te verdienen.

De brede, onverharde strook tussen de asfaltweg en de stenen panden is het eigenlijke Maai Mahiu. In het begin van de avond wringen de chauffeurs er hun enorme trucks in het gelid. Nairobi ligt op slechts anderhalf uur rijden. Maar de hoofdstad is 'te duur', zo meent een trucker. 'Voor ons is daar geen plek.'

Als 's ochtends de meeste vrachtwagens weer verdwenen zijn, ligt Maai Mahiu er behoorlijk verlaten bij. Bij de splitsing van de weg komen nu de matatu's voorbij, de minibusjes die meer mensen uit het dorp weg lijken te halen dan erheen te brengen.

Want wie zou hier nu nog willen zijn? Aan 'de achterkant' van het dorp is al bijna helemaal niets meer te beleven. Stenen huizen worden houten hutten. Nijvere zakenlieden maken plaats voor koeien en geiten. Het dorp wordt weer gras. Pas vanavond komt Maai Mahiu weer tot leven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden