Column

Heeft Dijsselbloem dan toch toverkracht?

Wouter Bos had als minister van Financiën toverkracht, opvolger Jeroen Dijsselbloem niet. Maar klopt deze conclusie van het CPB wel?

Jeroen DijsselbloemBeeld anp

Twee weken geleden leek het helder als glas. Wouter Bos had als minister van Financiën toverkracht, opvolger Jeroen Dijsselbloem niet. Het Centraal Planbureau (CPB) had een studie overgedaan van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), en bevestigde hierin dat in de tijd van Bos op Financiën het effect van een verandering van het financieringstekort op de economische groei - de begrotingsmultiplier - ongebruikelijk groot was. Het CPB concludeerde ook: de begrotingsmultiplier is weer normaal. Maar: misschien klopt deze conclusie niet, althans het tweede deel ervan.

Waarom is dit belangrijk? Om twee redenen, één inhoudelijke en één politieke.

Inhoudelijk: een 'grote multiplier' is een teken dat de economie uitzonderlijk zwak is. Een impuls door de overheid - positief of negatief - heeft dan extra veel impact. De boodschap dat de multiplier de afgelopen jaren kleiner is geworden, was dus eerst en vooral een aanwijzing dat de economie sterker was.

Politiek: als de economie zeer zwak is, en de begrotingsmultiplier groot, dan is het terugdringen van het financieringstekort in zo'n periode extra schadelijk voor de economie. De politieke term is: 'kapot bezuinigen'. Als het wel meevalt met die multiplier, is de economische schade gering. Dan worden 'de overheidsfinanciën op orde gebracht'. Die toonzetting is politiek van belang.

De hamvraag is dus: hoe groot is dat ding en wat is ermee gebeurd? Een eenvoudige vraag, lijkt het. Maar zo'n begrotingsmultiplier staat niet ergens in een kastje op het ministerie van Financiën. Je moet hem afleiden uit economische data aan de hand van modellen. Het is, anders gezegd, een ding van de wetenschap, en wel van die even prachtige als moeizame staathuishoudkunde.

Kijk even mee. De CPB-studie berust, net als de oorspronkelijke IMF-studie, opeen handigheidje. Het IMF voorspelt aan de hand van modellen de economische groei in landen. In die modellen zit een begrotingsmultiplier, afgeleid uit de data uit het verleden. Het handigheidje is: als de groeivoorspellingen er systematisch aan dezelfde kant naast zitten, is de begrotingsmultiplier blijkbaar onderschat.

Die multiplier blijkt volgens IMF en CPB voor de jaren 2009-2013 inderdaad te zijn onderschat, maar pak je de periode 2011-2015, wat het CPB wel kon doen en het IMF niet, dan wordt de voorspelfout weer veel kleiner. Multiplier weer normaal, dus?

Nee, zei econoom Bas Jacobs meteen. De harde conclusie is alleen: de voorspelfout is kleiner. Maar dat kan ook komen doordat het IMF de begrotingsmultiplier in de modellen heeft verhoogd. Dan is de multiplier dus nog net zo groot als in 2009-2013, alleen de voorspelfout is kleiner.

Mede-auteur van de CPB-studie Wim Suyker zei twee weken geleden desgevraagd: hier zijn geen aanwijzingen voor. Maar dan moet je net Bas Jacobs hebben. Op zijn weblog verzamelde hij deze week aanwijzingen dat dat nu precies is wat het IMF wél heeft gedaan. Onvoldoende voor een eenduidige conclusie, voldoende om althans bij uw verslaggever weer twijfel te zaaien. Die verrekte wetenschap ook.

De CPB-auteurs en Jacobs lijken het intussen over meer eens te zijn dan wellicht lijkt. Ten eerste over de redenering. Tijdens een presentatie op Financiën deze week zei Suyker: 1) De multiplier is niet constant; 2) de multiplier wordt groter door een (slechte) stand van de conjunctuur, een (slechte) situatie in de bankensector en (het uitblijven van) een reactie van de centrale bank; 3) hoeveel groter is niet met precisie te zeggen. Dat is ook de redenering van Jacobs.

Ten tweede naderen ze elkaar ook kwantitatief. Jacobs maakte deze week een achterkant-sigarendoosberekening van het effect van bezuinigingen tussen 2011 en 2017 op de economie: -7,5 procent. Uit de presentatie van Suyker op Financiën kan worden afgeleid: minstens -5 procent.

Conclusies? Wetenschappelijk: meer onderzoek nodig. Inhoudelijk: de schade van bezuinigen in een crisis is groot. Politiek: bouw in goede tijden grotere buffers op, zodat je in crisistijd de schade van die grote multiplier kunt vermijden.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? frank@argumentenfabriek.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden