Heeft de rekentoets wel zin?

De rekentoets is het zorgenkindje van de onderwijsvernieuwingen. Twee jaar na de invoering halen de meeste leerlingen een onvoldoende. Dat ligt niet aan hen, stellen wiskundigen en docenten op een hoorzitting in Den Haag.

Kamp 1: JA

Staatssecretaris Sander Dekker schrijft de relatief goede PISA-resultaten van Nederlandse leerlingen voor wiskunde in een Kamerbrief toe aan de rekentoets. De toets werd in 2010 ingevoerd door zijn voorganger Marja van Bijsterveldt, omdat Nederlandse leerlingen in het voortgezet onderwijs tekort bleken te schieten in wiskunde, vooral op de onderdelen waarbij gevraagd werd naar het toepassen van de traditionele rekenvaardigheden: optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, delen en breuken. Ze waren te afhankelijk van hun rekenmachine, was de redenering.

De toets bestaat nu twee jaar en de resultaten zijn huiveringwekkend: op het vmbo slaagt 32 procent, op de havo 28 procent, op het vwo 78 procent. Dit terwijl de toets over algemene vaardigheden gaat, die elke leerling - op zijn niveau - moet kunnen toepassen. Het ministerie wil ondanks de slechte resultaten 'vasthouden aan de ingezette koers', schreef Dekker een maand geleden aan de Kamer, nadat de PvdA-fractie haar zorgen had geuit over de slechte resultaten. Dit schooljaar zou het cijfer voor de toets voor het eerst op de rapporten komen te staan. Onder druk van de Kamer stelde het ministerie dit uit tot 2015-2016.

KAMP 2: NEE

'Staatssecretaris Van Bijsterveldt heeft die toets er destijds in een aanval van paniek doorgejast', zegt Ben Wilbrink, gepensioneerd psycholoog en toetsdeskundige. Hij begrijpt het wel, een jaar of zes geleden werd de kritiek op het rekenniveau van scholieren breed gedeeld. Maar hij begrijpt niet waarom het ministerie koos voor een rekentoets die losstaat van het vak wiskunde. Wilbrink: 'Leg de verantwoordelijkheid voor het rekenen bij de wiskundedocent. Laat hem leerlingen de wiskundige vaardigheden leren en laat de context over aan andere vakken waar rekenvaardigheid wordt gevraagd: economie, natuurwetenschappen en aardrijkskunde.'

Adri Treffers, ook verbonden aan het Freudenthal Instituut, is het daarmee eens. 'Je lost dit probleem eenvoudig op door de rekenvaardigheden te incorporeren in de wiskundemethoden. In het buitenland doen ze dat ook, daar krijgen leerlingen tot hun 14de rekenen binnen het vak wiskunde.' Logisch, vindt Treffers: rekenen is een deel van het vak wiskunde, al in 1920 hebben we in Nederland het onderscheid tussen die twee afgeschaft. 'Waarom zouden we het nu weer invoeren? Als het rekenen weer aan bod komt in de wiskundeboeken is de hele toets overbodig.'

Kamp 3: NOU... Niet in de huidige vorm

Veel aanwezigen bij de hoorzitting woensdag op het ministerie van OCW zijn geen tegenstanders van de rekentoets an sich, maar wel in deze vorm. 'Absurd en gekunsteld' noemde Jan van de Craats, emeritus hoogleraar wiskunde aan de Universiteit van Amsterdam, de opgaven van de huidige toets. De meeste komen neer op rekenmachinevaardigheden. Daar ontbreekt het Nederlandse scholieren nu juist niet aan, vindt hij. Ook stelt Van de Craats dat de test door de verhalende context van de sommen veeleer leesvaardigheid en intelligentie toetsen dan rekenen. Onder de kritiek op de rekentoets sluimert een dispuut tussen twee reken- en wiskunde scholen. Marja van den Heuvel-Panhuizen, verbonden aan het Freudenthal Instituut voor reken- en wiskundedidactiek, is een van de pleitbezorgers het vernieuwende 'realistisch rekenen', waarin contextsommen de hoofdmoot vormen. Normaal gesproken staan deze vernieuwers tegenover traditionele wiskundigen als Van de Craats. Maar woensdag voerden ze een pleidooi met dezelfde strekking: de rekentoets gaat niet over de vaardigheden die hij zou moeten toetsen en is te ingewikkeld. Om dat aan te tonen verwees Van den Heuvel-Panhuizen net als Sander Dekker naar de goede PISA-uitslagen, waarin ook vooral contextsommen voorkomen. Nederlandse leerlingen zijn niet slecht in rekenen, want bij de PISA-test horen we bij de wereldtop, redeneert zij. Dat zo'n groot percentage zakt voor de rekentoets ligt dus niet in de eerste plaats aan de leerlingen, maar aan het niveau van de toets.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden