Harry's Cuba - filiaal van de hemel voor linkse elite

Overlijden Fidel Castro

Fidel Castro bezat in de jaren zestig een grote aantrekkingskracht in linkse kringen. Studenten en journalisten, schrijvers en componisten, avant-gardistische kunstenaars en Nieuw-Linksers werden op het eiland uitgenodigd. De Cubagangers zagen er de volmaakte maatschappij ontstaan, harmonieus en rechtvaardig. Nederland was Luns-met-spruitjeslucht, Cuba was salsa.

Harry Mulisch in Cuba met een Franse vertaling van Che Guevara's Ppasajes de la guerra revolucionaria. Beeld Ed van der Elsken/Nederlands Fotomuseum

'Cuba heeft mijn leven gebeterd', schreef Harry Mulisch, drie keer te gast in 1967 en '68. Cineast Joris Ivens stelde in zijn memoires: 'Het waren de tropen met hun hitte, zweet, sensualiteit en die soort lichte loomheid die mensen ontvankelijk maakt voor ontboezemingen en onmiddellijke vriendschappen.'

Castro zag de westerse sympathisanten maar wat graag komen. Ze kwamen nog geestdriftiger terug dan ze erheen gingen. Als ze al kritiek hadden, was die zelden fundamenteel. Cuba was haast een 'filiaal van de hemel', zoals Harry Mulisch het in 1992 verwoordde in zijn roman De ontdekking van de hemel.

'Ik wil graag bekennen dat ik iedere keer weer zand in mijn mond heb wanneer hij met mij spreekt', schreef Mulisch destijds over Castro. 'Wat zou ik hem te vertellen kunnen hebben?' Castro was 'een zwaar atletische gestalte, een hoofd groter dan de anderen, 1,85 meter lang, gewicht 104 kilo... en daarbij ook nog een beetje verlegen, wat ook de laatste vrouw verliefd op hem doet worden.'

Rond de jaarwisseling van 1967-'68 vormde Mulisch met onder anderen schaker Hein Donner, componist Peter Schat, Nieuw-Linkser Han Lammers en journalist Wouter Gortzak de Nederlandse delegatie op het Congreso Cultural. Honderden intellectuelen uit zeventig landen werden in Havana gefêteerd. 'Fantastisch! We waren in La Tropicana, de grootste nachtclub van Cuba, echt een é-nór-me tent', zei Gortzak in 2006 in de Volkskrant. 'Er was een supershow naar Amerikaanse snit, met geen pen te beschrijven.'

Op 1 januari volgde op het plein bij de kathedraal en het paleis een enorm diner, aldus Gortzak, die destijds voor De Groene schreef en lid was van de Werkgroep Cuba Informatie. 'Er werd een revolutionaire opera opgevoerd, koren hingen uit de ramen. Volslagen belachelijk, maar erg leuk.' Waar dat congres over ging? 'Ik kan het me met de beste wil van de wereld niet meer herinneren.'

Grenzeloze adoratie

Mulisch richtte na terugkeer het Comité van Solidariteit met Cuba op. Zijn adoratie voor Castro was grenzeloos. Tijdens een potje basketbal van het kabinet, de legerleiding en het Centraal Comité tegen een juniorenteam 'van snelle zware jongens, wier benen ergens bij hun oksel beginnen', maakte Castro persoonlijk 24 punten 'zonder dat hem speciaal de bal werd toegespeeld, want daar heb ik op gelet', schreef Mulisch. De regering won met 82-67 'van het volk'.

Massapsycholoog Jaap van Ginneken was als student 'het hulpje' van zowel Mulisch' comité als van de Werkgroep Cuba Informatie. Hij ging naar een zomerkamp voor studenten kort na 'mei '68' - Parijs stond in brand. De studenten hielpen als tegenprestatie op een koffieplantage; de Britse pers schreef dat ze werden opgeleid tot stadsguerrilla's. 'Allemaal lulkoek', aldus Van Ginneken.

Cuba duldde geen kritiek van de fellow travelers, merkte socioloog Herman Vuijsje. In 1965 belandde hij met zijn broer Bert op Cuba via de Amsterdamse studentenvereniging Politeia. 'Ik heb toen drie artikelen voor de Nederlandse regionale kranten geschreven. Daarin had ik zowel lof als kritiek.' Toen hij in 1977 weer naar Cuba wilde, werd zijn visum geweigerd. 'De persattaché zei: 'u hebt met een lantaarntje naar slechte dingen gezocht.' Dat was na twaalf jaar nog niet vergeten.' Via een omweg kwam hij er toch.

Ook Van Ginneken ervoer bij een tweede bezoek dat de teugels waren aangespannen. In 1971 wilde hij een tv-reportage maken over een vooraf gekozen dorp. 'De Cubanen wilden ons daar niet hebben. Wel konden we elders filmen. Ook kregen we een tolk mee, hoewel we aardig Spaans spraken. Het was wel duidelijk waar die begeleider echt voor diende. Maar de VPRO zat niet te wachten op een modeldorp dat men ons daar in de maag wilde splitsen.'

Jaap van Ginneken Beeld Martijn Beekman

Kritiek op Cubagangers

Kritiek was er zeker op de Cubagangers. Zo verweet columniste Renate Rubinstein Mulisch zich niet te verplaatsen 'in de man die vrijwillig suiker moet oogsten na kantoortijd, in de man die voor het volkstribunaal gedaagd is omdat hij ruzie met zijn buurman heeft, en in de paartjes die nu in het suikerriet vrijen omdat de cafés gesloten zijn. Mulisch is solidair met de leiders van Cuba. Hij is zich bewust van zijn bevoorrechte behandeling als buitenlandse gast, maar beschouwt het als een compliment aan hem persoonlijk en een bewijs voor hun goede smaak.'

Begin jaren 70 werden de sympathisanten van het eerste uur stiller over het palmenparadijs. Dat Castro in augustus 1968 de Sovjet-invasie in Praag steunde, werd nog vergoelijkt. 'Hij heeft het recht de dingen zeer ongenuanceerd te zien', oordeelde schaker Hein Donner. 'Zijn situatie is zwart-wit.' Maar de affaire-Padilla in 1971 betekende voor de meesten het einde van de solidariteit.

Heberto Padilla, een populaire Cubaanse dichter die zich kritisch over de Revolutie had uitgelaten, belandde in de cel en moest een 'zelfkritiek' schrijven. Mulisch verdedigde Castro uitvoerig: 'Renegaat zijn laat ik aan anderen over.' De affaire-Padilla sleept 'als een dood paard achter Mulisch' oeuvre aan', schreef columnist Stephan Sanders in 1992.

De meeste Cubagangers hebben hun grote held niet overleefd. Jaap van Ginneken heeft terugblikkend een 'dubbel gevoel'. 'Castro heeft belangrijke hervormingen ingevoerd op Cuba en zo ook Latijns-Amerika veranderd. Anderzijds is de Revolutie ontspoord, mede door de Amerikaanse blokkade. Dat laatste wordt nogal gemakkelijk vergeten.'

Herman Vuijsje: 'Qua vrijheid was en is Cuba afschuwelijk, óók al in de jaren '60. Als je dat wilde zien, dan kón je dat zien. Qua sociale gelijkheid was Cuba echter het paradijs. Als ik een arm boertje in de Andes was met zieke kinderen, zou ik zo naar Cuba verhuizen. Erst kommt das Fressen, dan kommt die Moral.'

Andere Tijden: Cuba, het gedroomde eiland

Bekijk hier een uitzending van Andere Tijden over de sympathisanten van Cuba, waarin Bart Dirks van de Volkskrant ook aan het woord komt. Hij deed onderzoek naar de Cubaanse fellow travellers in de jaren zestig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.