Harry Pennings 1934-2013

Hij werd wel de onderkoning van Limburg genoemd. Océ-topman Harry Pennings kon nietsontziend zijn.

'Laat het bier maar doorkomen. Mensen hier hebben weinig babbels', zei Harry Pennings toen kopieermachinefabrikant Océ vlak voor zijn vertrek het grootste sieraad van de BV Nederland bleek te zijn. Omdat hij van Océ in Venlo een van de succesvolste bedrijven van Nederland had gemaakt, werd hij wel de onderkoning van Limburg genoemd.


Pennings overleed op 16 november in Maastricht aan de gevolgen van leukemie. Hij werd 79 jaar. Hij laat een vrouw en drie kinderen na. Pennings werd geboren in Sittard, in een voor katholieke begrippen klein gezin met twee kinderen. Zijn vader was opzichter bij de Staatsmijnen. Omdat Pennings op het Bisschoppelijk College zulke mooie opstellen schreef, werd hem aangeraden journalist te worden. In Nijmegen volgde hij lessen bij dichter-schrijver Anton van Duinkerken. Maar in de journalistiek viel weinig te verdienen, zodat hij besloot een studie sociale wetenschappen in Nijmegen te gaan volgen. Nadat hij in 1961 was afgestudeerd, trad hij in dienst bij de Staatsmijnen. Voor een proefschrift verbleef hij twee jaar tussen de koempels in de Emma-mijn. Hij maakte als personeelsmedewerker de omvorming mee van de Nederlandse Staatsmijnen tot de chemieproducent DSM (Dutch State Mines).


Na een tussenstap bij Gist-Brocades trad Pennings in 1969 in dienst bij wat toen nog Océ-Van der Grinten heette. Hij zou zich vooral bekommeren om de nieuwe buitenlandse aanwinsten, waardoor hij jarenlang in Engeland woonde. In 1990 volgde hij de naar Philips vertrokken Henk Bodt op als bestuursvoorzitter. Onder Pennings' leiding verveelvoudigde de omzet van Océ en werd het bedrijf in Venlo groter dan een oud-industrieconcern als Hoogovens.


Pennings was een nietsontziend leider die zonder pardon falende managers op straat zette. Hij geloofde in compromisloze technologievernieuwing. 'Napoleon verloor de slag bij Waterloo alleen omdat zijn geschut verouderd was', zei Pennings in de Volkskrant. Dat hij als sociaal-psycholoog weinig verstand had van technologie zag hij als voordeel. 'Mijn taak draait om motiveren en inspireren. Een technische achtergrond veroudert snel in een hightechbedrijf. Zo'n achtergrond kan juist contraproductief werken.' Hij eiste een rendement van 14 procent voor alle bedrijfsonderdelen. Het was 14,2 procent toen hij opstapte. De waarde van het aandeel was in die acht jaar meer dan vertienvoudigd: van 33 naar 385 gulden. 'Iets bereiken is moeilijk. Iets vasthouden misschien nog moeilijker', zei hij bij zijn afscheid. Dat bleek ook zo te zijn.


Op de printermarkt kon Océ de concurrentie met de veel grotere Japanse multinationals niet aan. Ruim tien jaar na Pennings vertrek werd Océ overgenomen door Canon. Na zijn afscheid in 1998 werd Pennings supercommissaris. Hij verzamelde commissariaten bij De Nederlandsche Bank, Wolters Kluwer, Grolsch, Heijmans, Ahrend, Essent, de omroep L1, de industriebank Liof en AZL.


Zijn rechtlijnigheid brak hem af en toe op. In 2004 stemde hij als president-commissaris in met een salaris van 8 ton voor Essent-topman Michiel Boersma, wat tot veel kritiek leidde. Twee jaar later verkocht hij de Heerlense mijnwerkers-pensioenadministrateur AZL aan ING voor 60 miljoen euro. Dat geld werd gestoken in Stichting De Weijerhorst die werkgelegenheidsprojecten entameert. De verkoop zette kwaad bloed bij de voormalige mijnwerkers, die het als hun geld zagen. Uiteindelijk werd 5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor onderzoek naar stoflongen en het vastleggen van de geschiedenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden