Harp met liefst 96 tonen per octaaf

In het microtonenfestival van Het Nieuw Ensemble zijn uitsluitend stukken te horen in andersoortige stemmingen. 'De onderverdeling in consonant of dissonant is in de muziek van nu helemaal geen issue meer.'..

'Ik denk dat je het wel kunt zien', zegt Hans Wesseling, als hij zijn twee mandolines naast elkaar zet. Inderdaad. De kleinere heeft duidelijke slijtageplekken en een paar mooie ouderwetse krullen. Dat moet wel de gewone mandoline zijn. De grotere zit strak in de vorm en glimt van nieuwigheid. Dat is, zonder twijfel, het zelf ontworpen en pas geïntroduceerde kwarttoonexemplaar.

De mandolinespeler van het Nieuw Ensemble kijkt wat beteuterd. Het antwoord is goed, maar hij had liever een ander argument gehoord. De noviteit van het instrument, waar hij met bouwer Jan Verweij uren op heeft zitten puzzelen, spettert eraf: de kwarttoonmandoline heeft wel dubbel zoveel fretten - de kleine dwarsstreepjes waardoor de speler weet waar hij zijn vingers op de snaren moet zetten. Dat komt er nou van, als je niet de gebruikelijke twaalf tonen in een octaaf stopt, maar vierentwintig.

Het Nieuw Ensemble is deze dagen sterk onderhevig aan stemmingen. Voor het microtonenfestival 'Het verfijnde oor', waarvan vanavond in de Amsterdamse Rode Hoed de eerste stukken te horen zijn, worstelt de harpiste met een harp die liefst 96 tonen per octaaf telt, bespelen ook fluitist en gitarist kwarttooninstrumenten en moeten hoboïst en klarinettist gecompliceerde grepen toepassen om de hoogst ongebruikelijke tonen te produceren. Om van de vingerzettingen bij de strijkers nog maar te zwijgen.

Het resultaat van al deze stukken in andersoortige stemmingen heeft de uitwerking van een drankje uit Alice in wonderland. Gedesoriënteerd dwaal je door een klankwereld waarin alles groter of kleiner is dan je bent gewend.

'Er is geen ideale zuivere stemming', zegt Jan van Dijk. De wiskundige akoesticus van het instituut voor fonetiek aan de Universiteit van Amsterdam is ook voorzitter van de stichting Huygens Fokker, vernoemd naar de grondleggers van de 31-toonsstemming - een Nederlandse klassieker in de wereld van de microtonaliteit. Er zijn natuurlijk wel ideale toonverhoudingen. Zo zullen twee tonen waarvan de één een trillingsgetal heeft dat exact twee keer zo groot is als dat van de ander, een perfect octaaf opleveren. Maar wil je de trillingsverhoudingen van al die verschillende intervallen onderbrengen in een toonsysteem - wat in de westerse muziekgeschiedenis sinds Pythagoras is geprobeerd - dan ontstaat altijd een kleine rekenfout.

'Je moet altijd ergens een compromis sluiten omdat de kwintencirkel niet klopt', zegt Van Dijk. Een ingenieur als Simon Stevin verdeelde het octaaf gewoon in twaalf gelijke delen en legde daarmee de basis voor de getempereerde stemming die daarna in Das wohltemperierte Klavier van Bach een ambassadeur voor de eeuwigheid vond. Maar Huygens, en daarom houdt Van Dijk zo van hem, wilde iets wat hij zélf mooi vond. Hij baseerde zich op de boventonen die in elke grondtoon meetrillen en breidde het systeem uit met toonverhoudingen die door de muzikale smaakmeesters tot dan toe als dissonant en dus ongewenst waren verklaard. Uiteindelijk kwam hij tot een indeling van 31 tonen in een octaaf.

Een toonstemming is maar een schema, het menselijk oor en de conditionering van de luisteraar zijn een ander verhaal. Bij intervallen ontstaan zwevingen en die worden in de westerse cultuur niet altijd geapprecieerd. 'Vals', heet dat. Maar het is een kwestie van wennen. 'Bij Indonesische gamelanmuziek hoort het erbij', zegt Van Dijk. Ook in de Arabische muziekwereld zijn microtonale toonbuigingen heel normaal. En in de moderne muziek is een toonclustertje ook niet meer iets om van te schrikken. 'De onderverdeling in consonant of dissonant is in de muziek van nu helemaal geen issue meer.'

Wennen - dat was het ook voor de vijftig compositiestudenten van conservatoria in Nederland die het Nieuw Ensemble sinds afgelopen najaar aan het werk heeft gezet. Twintig composities in uiteenlopende stemmingen zijn er geselecteerd; zaterdag worden de eerste tien uitgevoerd, in september de andere. Wennen was het zeker ook voor de musici. Niet alleen voor hun oren, maar ook voor hun vingers.

En hoe zal het publiek vanavond de stemmingen van Ivan Wyschnegradsky, Manfred Stahnke, Julián Carillo en Brian Ferneyhough ondergaan? 'Ach', zegt Van Dijk, 'als ik over straat loop en ik hoor de radio uit het café en de tram komt voorbij, dan hoor ik wel meer dan 96 tonen tegelijk. Het is niet bijzonder om naar veel frequenties tegelijkertijd te luisteren. Het is meer de vraag wat de componist ermee gedaan heeft.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.