Hardschrijver

Esther Verhoef oogstte succes met thrillers, maar verraste zichzelf ineens met een roman.

'De laatste jaren waren waanzinnig. Veel successen, nominaties, goede verkoopcijfers. Toch leefde ik niet op een wolk. Voor mij werd de vraag steeds meer: hoe hou ik nu de lol van het schrijven vast? Toen ik ooit begon met schrijven, wist niemand waar ik mee bezig was. Ik schreef losse scènes voor mezelf en uiteindelijk vormden die een boek. Er waren geen hoge verwachtingen. Naar dat eenzame schrijven verlangde ik heel erg terug.'


Esther Verhoef (43) - met thrillerauteurs Saskia Noort en Simone van der Vlugt voortdurend aanwezig in de bestsellerlijsten - wilde even af van de vraag: waar blijft je nieuwe boek? Boeken genoeg afgeleverd. Zestig dierenboeken - tekst en fotografie - die volgens de uitgever in bijna elk land van de wereld zijn uitgebracht. Vier zogeheten actiethrillers en vier psychologische thrillers, waarvan er alleen al meer dan een miljoen exemplaren verkocht zijn.


En dan was er nog de verhuizing, in 2004, met man Berry en de drie kinderen naar de Dordogne in Frankrijk. Na vier jaar weer terug naar Den Bosch, omdat het succes aanwezigheid in Nederland vereiste. Daar wilde Verhoef een plek vinden waar ze zich elke dag kon terugtrekken. Dat werd een studentenkamer in de binnenstad. Ze zette er een klein houten tafeltje, een houten stoel en een laptop neer en gaf zichzelf minstens een jaar. Spannend, omdat er geen omlijnd plan was. Net als in 2001, 2002.


'Ik was in die jaren overdag bezig met de dierenboeken, met fotografie. 's Nachts schreef ik scènes voor mezelf. Ik had geen lijn uitgezet, het was intuïtief schrijven. Er leek geen samenhang te zijn, en toch was die er. Later pasten de dingen in elkaar. Zo is Onrust begonnen, mijn eerste thriller.'


Afgrond

Deze keer lukte het ook weer. Gisteren verscheen Verhoefs roman Tegenlicht. Nee, het is geen thriller. Wel het verhaal over een vrouw die de weg kwijtraakt in haar leven. Ze is beschadigd in haar jeugd. Haar moeder werd voor gek verklaard en met haar vader en oma was het moeilijk leven. Ellende en kortstondig geluk lijken naar de afgrond te voeren.


De hoofdpersoon van Tegenlicht, Vera Zagt, is dierenfotografe en werd als kind onbarmhartig gepest. Twee zaken die Verhoef niet vreemd zijn. 'Dit boek begon met een paar ideeën. Dialogen van een vrouw met haar minnaar. Flarden van een reis met het gezin naar Florida, die we rond kerst hadden gemaakt. En jeugdherinneringen. Tot op driekwart had ik geen idee of het wel één boek was. Misschien was ik wel drie of vier verschillende boeken aan het schrijven. Dat was op zich niet verkeerd, want dan had ik in elk geval een paar bronbestanden waar een ziel in zat, die ik kon gebruiken voor meer verhalen. Maar het werd er één. Toen had ik pas in de gaten dat het een roman was.


'Als ik daar een thrillerplot in zou verwerken, zou dat afbreuk doen aan het verhaal. Ik heb na wat schuiven met hoofdstukken ook wel een mooie vorm gevonden. Enerzijds is er het kind dat vertelt over wat er in haar jeugd gebeurd. Anderzijds is er de volwassen vrouw die soms vreemde keuzes maakt. Door die afwisseling wordt het mysterieuze van de vrouw uitgelegd in de hoofdstukken van het kind.


'De dierenfotografe was in eerste instantie een dierenarts. Die weet ook goed hoe dieren in elkaar zitten. Dat heeft altijd mijn interesse gehad: dieren- en mensengedrag en hoe dat vaak overeenkomt. Maar sommige aspecten uit haar leven klopten niet met dat beroep van arts. Dus koos ik voor een fotografe. Zo kon ik de lezer ook een inkijkje geven in hoe dat werk eraan toegaat.'


Het kind, een meisje, vertelt over haar schooltijd. Dat is een hel, waarin ze door de ene na de andere leerling wordt gepest, getrapt en verraden. Pas later leert het meisje hoe ze zich moet gedragen om geen pispaaltje en buitenstaander te zijn. Dat blijkt grote gevolgen te hebben voor haar persoonlijkheid.


Verhoef over haar eigen jeugd in Noord-Brabant: 'Pesten is het woord dat andere mensen vaak gebruiken. Wat ik heb ervaren, ging verder. Dat was lichamelijk geweld. In de Brabantse wijk waar ik ben opgegroeid, was het de mores dat er elke dag iemand in elkaar werd geslagen. En ik was klein, heel mager, een beetje op mezelf, een scheve pony. En ik vond het heel leuk om veel te leren. Dat was in die wijk geen usance.


'Dat ene stukje over Pauline, die liegt en mij verraadt, is exact zoals ik het mij herinner. Ik was toen een jaar of acht, negen. Iemand is aardig tegen je, 'kom, ik help je wel', en vervolgens word je overgeleverd aan vier kinderen die je in elkaar slaan. Ik raakte het vertrouwen in mensen kwijt. Ik geloofde niemand meer.


'Achteraf denk ik: het waren kinderen uit probleemgezinnen. Ze hadden een uitlaatklep nodig. De ene keer reageerden ze zich op mij af, de andere keer op iemand anders. Thuis heb ik het stilgehouden, omdat ruzies niet beperkt bleven tot de kinderen. Hele families bemoeiden zich er mee. Ze gooiden ruiten in, staken dingen in brand. Daar was ik bang voor.


'Mijn ouders waren totaal andere mensen. Mijn moeder hield van Ramses Shaffy en Liesbeth List en ze repareerde antieke klokken. Toen werd ze een keer op school ontboden omdat de gymleraar blauwe plekken en bloeduitstortingen bij mij had gezien. Ze dachten dat ik thuis mishandeld werd. Mijn moeder was furieus en zei dat het op school gebeurd moest zijn. Maar daarmee werd niets gedaan.


'Vera Zagt en Esther Verhoef zijn twee verschillende mensen. Ik ben er op een gegeven moment uitgekomen, hoewel zo'n ervaring je tekent voor het leven. Terugslaan bleek uiteindelijk het enige dat hielp. Ik ben een tijdje behoorlijk agressief geweest. Op de middelbare school zei de rector na een incident tegen mij: luister, als jij steeds zo gepakt wordt, dan zegt dat ook wel wat over jou. Ga maar eens bij jezelf te rade. Dat is een keiharde uitspraak van zo'n man. Ik zat in de tweede klas en dacht: oké, ik zal eens kijken hoe anderen zich gedragen, wat ze bezighoudt, go with the flow. Vanaf dat moment is het een stuk relaxter geworden. Je moet er wel een groot deel van je eigen persoonlijkheid voor afstoten. Of verborgen houden. Dat kon ik dan weer kwijt in het schrijven. Ik schreef toen ook al elke dag thuis. En op school was ik iemand anders.'


Haar echtgenoot Berry leerde ze op haar zeventiende kennen. Hij nam geen genoegen met haar mooi weer spelen en eiste de 'echte' Esther. Samen schreven ze de Sil Maier-trilogie, met de naam Escober als pseudoniem. Het zijn harde, snijdende actiethrillers. De 'held' heeft een inktzwarte, destructieve kant. Hij werd huurmoordenaar en wil achterhalen waarom hij de persoon is geworden met wie hij nauwelijks kon leven. In Chaos is de hoofdpersoon Alex Fisher, een Britse militair die verwrongen en paranoïde van een oorlogsmissie in Bosnië was teruggekomen.


'Gek genoeg werden de hoofdpersonen uit de vrouwelijk getinte boeken eerder aan mij toegeschreven. Toch zit er iets van Sil Maier in mij, zoals trouwens in bijna elk personage. Berry fluit mij wel eens terug, omdat ik er harder inhak. Omdat ik het belangrijk vind dat zaken ook echt doordringen. Als Escober kiezen we ervoor de nare feiten niet af te zwakken.


'Ik vind het soms prettiger vanuit een daderperspectief te schrijven in plaats van het slachtofferperspectief te kiezen. Als dader heb je de touwtjes in handen, als slachtoffer moet je alles verdragen.


'We maken ons niet schuldig aan uitgebreide geweldsbeschrijvingen. Op een gegeven moment is er een verkrachting, die wordt niet beschreven. Wel de aanloop ernaartoe en het moment dat iedereen weg is en de vrouw alleen achterblijft. De impact hoeft daardoor niet minder te zijn.'


Chaos, gebaseerd op gruwelijke ervaringen van mensen die ze hadden leren kennen, heeft veel emoties opgeroepen. Huilen om de droefenis van een man met een posttraumatische stresstoornis die door niemand erkend of begrepen werd, en een oorlogsfotograaf die de dorpsgek wordt door zijn afwijkende gedrag. Het belangrijkste werd het herschrijven van feiten in fictie.


Afstand

'Op het moment dat je de werkelijkheid in een verhaal giet, in een thriller, blijft die veel beter hangen dan wanneer je het in een verzameling interviews zou doen. Je bereikt ook een groter publiek.


'Ik kan moeilijk afstand nemen van een verhaal, omdat ik er te diep in zit. Berry kan dat heel goed. Die bekijkt een boek op structuur, op de verhaallijn. Ik schrijf fragmentarisch, hij is een echte plotbouwer. Bij mijn solothrillers is hij ook mijn eerste sparringpartner.'


Zij schrijft 's nachts, hij schrijft overdag. Het begon ermee dat ze ooit, voor ze zelf thrillers schreef, een boek las van Greg Iles, Doodsangst (Mortal Fear). 'Daar zat alles in. Een interessante verhaallijn, diepgang, hier en daar buiten de lijntjes, sterke schrijfstijl, mooie metaforen. Ook filmisch, zodat je volledig kan verdwijnen in het boek.


'Toen dacht ik: zo'n boek wil ik zelf ook schrijven. Dat werd Onrust. Nu heb ik bijna twee jaar aan Tegenlicht gewerkt. Ik ben geen gemakzuchtige schrijver. Ik blijf schrappen en schaven tot ik het allerbeste heb bereikt. Het moet helder geschreven zijn en toegankelijk, zodat je tijdens het lezen mee gaat voelen, mee gaat leven, beelden gaat zien, in de wereld achter de woorden terechtkomt.'


Esther Verhoef maakte zo'n elf, jaar geleden op het strand een foto van haar nichtje, met de hond China Girl, bij hen thuis geboren. Ze bewaarde hem om er nog eens iets bijzonders mee te doen. Het werd de cover van Tegenlicht.


In het boek duikt ook een hond op. Ze lijkt op een klein paard, een witte reuzenhond met zwarte koeienvlekken. Het lijkt alsof ze recht uit een vertelling is gestapt. Een fabeldier. Het meisje en haar moeder noemen haar Fabeltje. Het meisje legt een arm over de warme, gespierde rug en voelt zich trots en veilig.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden