Harde lobby belaagt pensioenfondsen

Vakbeweging en werkgevers hebben klamme handjes over hun geliefde pensioenfondsen. Gepensioneerden willen meer zeggenschap, en commerciële verzekeraars azen op de pensioenmiljarden....

De nieuwe belangstelling voor de pensioenfondsen is het gevolg van twee ontwikkelingen: de vergrijzing en de fraaie beleggingsresultaten die de pensioenfondsen op de golven van de beurshausse van de jaren negentig hebben geboekt.

Een handvol bedrijfsfondsen zet de toon. Door robuuste beleggingswinsten hebben ze meer geld in kas dan ooit voor pensioenen nodig zijn. Zij storten enorme bedragen terug in de bedrijfskas. Unilever bijvoorbeeld kreeg miljarden terug van zijn bedrijfspensioenfonds Progress. Bij een aantal bedrijven hoeven werknemers en werkgever op dit moment geen pensioenpremie te betalen. De verplichtingen - premies en pensioenbetalingen - worden uit de beleggingsopbrengsten vergoed.

Niet alle fondsen hebben zo'n riante positie. Vooral de grote bedrijfstakpensioenfondsen zitten niet altijd even goed bij kas. Zij hebben geen logische partner die bijlapt als er ooit tekorten zijn. Dat zijn sommige grote bedrijven, zoals Unilever, wel verplicht als de nood bij hun pensioenfonds hoog is. Bedrijfstakfondsen moeten het doen met de premies. Dat beperkt ook hun speelruimte bij beleggingen. Er is geen suikeroom beschikbaar. Desnoods kan wel de premie worden verhoogd, maar dat bedreigt de loonmatiging. Een hogere pensioenpremie gaat immers ten koste van het nettoloon.

De beeldvorming over puissant rijke pensioenfondsen heeft de gepensioneerden echter wakker geschud. Hun pensioen is vaak krapper dan gedacht, bijvoorbeeld door pensioenbreuken. Ook was het pensioen waarvoor zij spaarden soberder. De idee heeft echter postgevat dat alle pensioenfondsen rijk zijn geworden van hún premies. Terwijl de fondsen het toegezegde pensioen uitbetalen waarvoor inleg is betaald.

Gepensioneerden eisen nu een plek in de besturen van de pensioenfondsen. Zo denken zij greep te krijgen op de kassen. De sociale partners zijn daar fel op tegen. Pensioenen zijn in hun ogen arbeidsvoorwaarden. Uitbetaald worden de toegezegde pensioenen. Verhoging zou alleen kunnen als dat ook geldt voor huidige werknemers. En dat is duur.

Drie jaar geleden hebben de afgevaardigden van de gepensioneerden - de ouderenorganisaties - en de sociale partners een convenant afgesloten over medezeggenschap. Meepraten is echter geen meebeslissen. Militante ouderen dringen nu bij politieke partijen aan op nieuwe wetgeving.

Politieke partijen geven hen een gewillig oor. Wie de ouderen heeft, heeft - vanwege de vergrijzing - de toekomst. Daarom maken partijen, D66 en PvdA voorop, zich nu druk om werknemers die geen pensioen opbouwen. Vijftien jaar geleden was dat wel anders. Toen was twintig procent van de werknemers uitgesloten van pensioensparen. Nu is dat minder dan negen procent, maar politiek is het slim om de trom te roeren.

D66 en PvdA willen bij wet ook aanvullende pensioenregelingen bij verzekeraars verruimen. De lobbyclub van verzekeraars loopt al jaren te hoop tegen de verplichte pensioenregelingen. Zij zien een prachtmarkt en dromen over het beheer van de ruim duizend miljard gulden in de pensioenkassen.

Nu zijn verzekeraars een nieuwe, intensieve lobby gestart. Zij stellen voor dat verplichte pensioenregelingen beperkt worden tot inkomens tot 90 duizend gulden, overeenkomend met de grens van sociale verzekeringen als WW en WAO. Hogere inkomens moeten hun extra pensioen zelf kunnen regelen. Bij verzekeraars.

Paars heeft al regels opgesteld om het bestuur van pensioenfondsen nieuw leven in te blazen. Als een fonds jarenlang onder de maat belegt, mogen bedrijven zelf het pensioen voor hun werknemers regelen bij bijvoorbeeld een verzekeraar. Maar alle fondsen voldoen op dit moment nog aan die toets, en bedrijven mogen dus ook niet naar verzekeraars overstappen.

Paars heeft de belastingregels al aangepast, waardoor jaarlijks meer voor pensioen mag worden gespaard. Als er een tekort is in de pensioenopbouw, mag zelfs fors worden bijgespaard. Bij verzekeraars. Helaas slagen pensioenfondsen er nog nauwelijks in om hun klanten precies te vertellen hoe groot hun pensioengat is.

De pensioenfondsen blijven bij al dit lobbygeweld nog muisstil. Terwijl zij toch een krachtige tegenlobby zouden kunnen starten. Een collectieve pensioenregeling is bijvoorbeeld voor de deelnemers goedkoper. Een pensioenfonds verdient niet aan deelnemers, verzekeraars wel. En verzekeraars kunnen nauwelijks inzicht geven in de kosten van hun producten. Openheid via een financiële bijsluiter blijkt voor verzekeraars even moeilijk als een heldere en tijdige pensioengat-melding voor een pensioenfonds. Terwijl het gaat om ieders oude dag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden