Harde knallen, de grond danst, het huis kraakt

CHRISTCHURCH - Dit is geen schok. Dit is een reeks harde knallen, snel achter elkaar. Onder mijn voeten danst de grond. Ons huis dondert en kraakt. Mijn echtgenote zoekt dekking onder de eettafel. Ik pak mijn laptop en probeer door de tuindeuren naar buiten te komen. Overal om me heen klinkt brekend glas. Op de plek waar ik vijf tellen geleden nog zat te werken, ligt nu een boekenkast aan barrels.


Sinds de aardbeving die ons 4 september vorig jaar trof, mag iedere inwoner van Christchurch zich een expert in naschokken noemen. Deze is anders dan anders, dat voelen we direct. Hij is feller en krachtiger, maar duurt ook een stuk korter dan de beving van een half jaar geleden. 15 seconden? Dat betekent: lichter dan 7 op de schaal van Richter, vlak onder het aardoppervlak, en veel dichter bij de stad dan toen.


Om mogelijke verkeerschaos te omzeilen, springen we op de fiets. We rijden naar de school van onze twee kinderen, een kilometer verderop. Onmiddellijk zien we dat de schade aan wegen en bruggen vele malen ernstiger is dan de eerste keer. Overal in het asfalt zijn diepe scheuren zichtbaar. De brug is ontzet. We moeten afstappen om over een opstaande rand heen te komen.


Op het grote sportveld bij school hebben zich de kinderen verzameld. Leerkrachten en toegesnelde ouders werken namenlijsten af. We vragen of we eerste hulp kunnen bieden, maar dat blijkt niet nodig: het was net lunchpauze, de meeste kinderen waren buiten aan het spelen.


Onze oudste zoon komt aanlopen en zegt dat we naar onze jongste moeten. Die is hartverscheurend aan het huilen. Om ons heen zijn zo veel kinderen van slag, dat de leerkrachten het nauwelijks aankunnen. We proberen anderen te troosten. Al deze kinderen hebben in Christchurch de afgelopen maanden bijna vijfduizend voelbare naschokken moeten verwerken. Dit is er eentje te veel.


Af en toe horen we nieuwe zware schokken vanuit de verte aanrollen. Veel kinderen beginnen te gillen. Sommigen zoeken dekking door op de grond te gaan liggen. Op het sportveld ontstaan gaten waardoor fijn grijs slib omhoogkomt. Overal sijpelt water. We kunnen al na een half uurtje niet meer terugfietsen zoals we gekomen zijn: onze route langs de rivier is kolkend ondergelopen.


De stroom- en watertoevoer is afgesloten, merken we als we thuiskomen. De kinderen lezen in de tuin een boekje terwijl wij de puinhoop binnen inventariseren. Boeken en boekenkasten, glaswerk, wat waterschade. De buitenkant van ons huis lijkt, op een paar scheuren na, in orde. Zodra we alles voor de verzekering hebben gefotografeerd, beginnen we met opruimen. Halverwege pauzeren we bij de buren, die een rondje koffie hebben georganiseerd voor de omwonenden.


Niemand van hen is gewond geraakt, maar we horen de vreselijkste verhalen van buren die in het stadscentrum waren toen de klap kwam. Het lijkt erop alsof de bakstenen gebouwen die, soms in gehavende toestand, de beving van 4 september hadden doorstaan, nu massaal zijn ingestort. Onder het puin liggen mensen. Op de radio horen we eerst dat er 'in elk geval doden zijn'. Later gaat het om tien slachtoffers, en in de vooravond maakt de burgemeester bekend dat er 65 lichamen zijn geborgen. Intussen zijn de zoekacties in volle gang.


Inwoners krijgen het advies weg te blijven van de straat en thuis te blijven als de situatie daar het toelaat. Om tien over half acht hebben we weer stroom. Op tv kunnen we zien hoe immens de schade is, en hoe groot de ontzetting. We gaan met zijn vieren op één slaapkamer liggen, om maar bij elkaar in de buurt te zijn als 's nachts de harde klappen vallen waarvan we weten dat ze zullen komen - soms drie in een minuut, soms drie minuten niets.


Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden