Hanglipje zoekt het geluk

Humor is mijn wapen, mijn schild, mijn zalf, mijn vergif, mijn spiegel, mijn 'kompas, mijn snuifdoos en mijn pruik', noteerde Paul Claes in zijn niettemin wat klagerige autobiografische roman Het hart van de schorpioen....

Misschien moest hij zijn maskers maar eens afzetten en een boek schrijven zonder zijn toevlucht te nemen tot snuifdoos en pruik.

Een jaar later is daar Lily, het droevige verhaal over de jeugdjaren van een doodgewoon katholiek Vlaams meiske tot aan de volwassenheid (gezien de verwijzingen naar 'hotpants' en de popgroep Aphrodite's Child, ergens rond 1970 spelend). Claes permitteert zich dit keer geen grappen. Toch noopt de flaptekst tot achterdocht: 'Lily zoekt zich een weg in het leven en de liefde. Ze loopt in het spoor van haar vriendin Alice, die alles heeft wat zij ontbeert: charme, durf en verstand. Tijdens een vakantie in een bergdorp voelen ze zich allebei aangetrokken door de aantrekkelijke gids.' De kreupele formulering kan in het geval van Claes alleen maar als verraderlijk worden bestempeld.

Zoals ook de naam van de hoofdpersoon, Lily Mariën, al bij voorbaat geladen is met de symboliek van godsvrucht en onschuld. Claes laat het kind uit de stadsbibliotheek het boek Lilith lenen van Sara Hartman. Voor het gelijknamige gedicht uit 1879 van somberman Marcellus Emants, laat staan de Bijbel zelf (Oude Testament, profeet Jesaja (34: 14) acht hij haar kennelijk te weinig studieus. Nu, ook zonder de brontekst te raadplegen, ontdekt Lily dat Lilith de eerste vrouw van Adam was, die hem niet wenste te gehoorzamen, hem verliet en in een 'nachtspook' of duivelin werd veranderd. Daarna maakte God uit Adams rib Eva, die wel gedwee was.

Lily is schuchter en zoet van nature, maar blijkt tegen haar zin een moderne Lilith te zijn. Op schoolreis in Oostenrijk is er de blonde berggids Max Weiss, een charmeur die andere vrouwen leuker vindt. Als ze daarna met haar ondernemende nichtje Alice naar de 'dancing' durft te gaan, is er de plaatselijke womanizer Luc Fortuin, met wie ze slijpt op de vervaarlijk hoge stem van de bebaarde bard Demis Roussos. Aan het nakende geluk – de eerste echte zoen – komt een bruusk einde doordat haar gramstorige vader Lily buiten opwacht en in zijn auto mee naar huis voert. Onderweg rijdt hij tegen een boom.

Pappa is dood, en Lily's aangezicht voorgoed geschonden: zij moet met een hanglip door het leven. En met een schuldgevoel. Zij had de afspraak geschonden, en vader een uur laten wachten. Door hun geruzie had hij zijn autogordel niet omgedaan. Haar schuld. Ze was ongehoorzaam geweest, als Lilith.

Hoe serieus moeten we dit nemen? Heeft Paul Claes voor de grap eens een zielig meisjesboek willen schrijven: Hanglipje zoekt het geluk? Zo'n exercitie zou je, met zijn vorige romans in gedachten, nog kunnen verwachten. Maar de strakke en vlakke afwikkeling van deze geschiedenis geeft je voor die lezing bitter weinig steun.

De stumper gaat na haar eindexamen als tikgeit op het verzekeringskantoor van haar vader werken, maar als ze daar ongewenst intiem wordt benaderd door een chef, verandert hanglipje in stijfkopje en geeft ze de fielt een klap. Die zit. Veel verhelpt het nochtans niet. Pas als ze een tijdje op het kindje Anna mag passen van haar boezemvriendin Alice, gloort er iets van hoop aan de einder.

Het erge is dat je dat niets kan schelen. Lily is een onnozele gans wier misère je onaangedaan laat. Op advies van haar moeder reageert ze op een contactadvertentie van het moederskindje Jan Adams. Lily trouwt godbetert ook nog met hem: zij wordt dus Adams eerste vrouw, vat u wel? De huwelijksnacht moeten ze doorbrengen in de auto, die is vastgeklonken in de modder van een bos in de Ardennen. Dan weet je het wel. De nacht erna liggen ze weliswaar in hun hotelbed, maar slinkt Adams' elfde vinger of derde been zodra het op daadkracht aankomt.

Gelukkig mag ze weer op het kindje Anna passen. Maar dat krijgt een fatale meningitis.

Amai, beste Claes, waar is uw kompas gebleven? Er zijn auteurs die je liever zonder mombakkes ontmoet. Maar gelooft u mij nou: ándere schrijvers zijn het best te genieten wanneer ze zich verschansen achter het schild van hun humor. Overwin uw Selbsthass en kom in het vervolg weer geharnast op ons toe. Een kundig plastisch chirurg als u was toch in staat geweest een druilerige hanglip in een vreeswekkende vamp om te toveren? Welaan dan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.