Handel kan niet vrij genoeg zijn

In de afgelopen vijftig jaar is de armoede in de wereld sneller teruggedrongen dan in de vijfhonderd jaar daarvoor. Mede dankzij de globalisering van de economie....

Johan Norberg kijkt op Schiphol wat glazig om zich heen. J Hij is net geland – vier uur geleden nog maar, zo voor dag en dauw, stapte hij in Stockholm uit zijn bed. De gele richtingaanwijzers (arrivals, departures), de menu's (coffee, tea, muffins), de verpakkingsteksten van de broodjes (cheese, tomato, lettuce), álles op de luchthaven staat aangegeven in het Engels.

'Het is moeilijk te zeggen waar ik ben', zegt hij, leunend op zijn koffertje op wieltjes.

Maar oké, het is donderdag, dus dit moet Schiphol zijn.

Hij is nog maar een paar dagen terug uit the States, waar zojuist de 'veramerikaniseerde versie' van zijn boek Till världskapitalismens försvar is verschenen; tussendoor was hij een paar uur in Londen om 'in drie zinnen' de uitslag van de WTO-top in Cancún te vermelden in zijn Channel 4-documentaire Globalisation is Good; en ondertussen peinst hij alvast over een debat over landbouwhervorming in de EU, dat hij over vijf dagen in Brussel moet opstoken – Johan Norberg, vrijdenker voor een betere wereld, is op tournee.

Minder dan 24 uur is hij in Nederland met maar liefst twee lezingen op het programma: hij spreekt in Nijmegen voor een gehoor van sociaal-angehäuchte bedrijfsonderzoekers over de onzin van het maatschappelijk verantwoord ondernemen en in Leiden spreekt hij het wetenschappelijk bureau van de VVD toe over de noodzaak van open grenzen voor migratie. Nee, libertijn Johan Norberg draait zijn hand niet om voor een tegendraadse opinie hier of daar.

Trouwens, wisten we dat Nederland de thuisbasis is van zijn favoriete popgroep? 'Clan of Xymox, kennen jullie die?' Het is sterk, al sinds jaar en dag verkoopt deze gothic-band zo ongeveer in elk land van de wereld meer platen dan in Nederland. 'Wat is globalisering toch prachtig! Clan of Xymox zou allang over de kop zijn als zij niet andere markten had kunnen aanboren dan de Nederlandse.'

Johan Norberg (30) is vrolijk, opgeruimd, ontspannen. 'Een glamorous, jonge pro-kapitalist', schreef de Washington Post. 'Europa's antwoord op onze eigen Naomi Klein', meende de Winnipeg Free Press. Hij is er trots op. Zijn pamfletachtige boek is in acht talen vertaald, waaronder het Turks, het Ests en het Nederlands (Leve de Globalisering; uitg. Houtekiet). Hij heeft succes. Na de vier jaren waarin jonge, doemdenkende antiglobalisten in de schijnwerpers hebben gestaan, is het blijkbaar wel eens prikkelend om een jonge optimist op de barricaden te horen verkondigen dat de vrijhandel niet ver genoeg kan gaan. en de mensheid 'op een ongelooflijke schaal' profiteert van het bedrijfsleven.

'Globalisering staat voor alles waar ik voor sta: vrije handel, vrij reizen – vrij zi ¿ jn.'

Vóór kinderarbeid.

Vóór sweatshops.

Vóór de WTO.

'Het is zo makkelijk schande te roepen over kinderarbeid, honger of open riolen. Het is eenvoudig die dingen in beeld te brengen. Maar de groeiprocessen die zich achter de momentopnames afspelen zijn veel moeilijker te vangen, terwijl die het echte verhaal vertellen. In de afgelopen vijftig jaar is de armoede in de hele wereld sneller teruggedrongen dan in de vijfhonderd jaar daarvoor. Het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties heeft dat zelf berekend.'

Twee jaar geleden, in juni 2001, vond Norberg zich ineens terug tussen de demonstranten die zich in Göteborg tijdens de EU-top tegen de Unie keerden – hij heeft namelijk nog wel wat af te dingen op de Brusselse bemoeizucht. Maar daar, in het centrum van de stad, gingen zijn ogen open over de aard van de antiglobaliseringsbeweging. 'Ik zag er een moeder staan met een kinderwagen. Goh, dacht ik nog, leuk. Maar toen de anarchisten het signaal gaven om te gaan vechten tegen de politie, trok ze ineens haar sjaal op, over haar mond en neus, en trok het dekentje van de kinderwagen. Daar lag helemaal geen kind, maar een berg stenen!'

Het was tijd om een boek te schrijven en alle misvattingen recht te zetten die over de globalisering de ronde doen. Hij las en herlas het werk van de erkende vrijhandelsdenkers David Ricardo, Adam Smith en Jagdish Bhagwati en heeft dat gepopulariseerd.

'Veel goede boeken over handel en globalisering zijn ontoegankelijk voor de modale lezer. In korte tijd zijn die ideeën uitgeraakt, het klimaat is snel veranderd. De oorzaak is dat de kennis over de originele ideeën heel beperkt is. Ik wil de zaak toegankelijk presenteren, zoals antiglobalisten dat met hun betoog ook doen.'

De Amerikaanse president George W. Bush was bij zijn aantreden een groot pleitbezorger van vrijhandel. Is hij een waardig vlaggendrager?

'In de verkiezingen was hij geweldig. Consistent, goed. ”De angstigen bouwen een muur, de zelfverzekerden breken hem af.” Alsof ik mezelf hoorde praten.

'Maar toen kwam hij met de staaltarieven, tegen alle WTO-regels in en zonder provocatie van enig land. Toen volgde de Farm Bill, de enorme landbouwwet die zo protectionistisch is dat de gemiddelde Amerikaanse boer meer subsidie krijgt dan de gemiddelde Europese boer. En de reden? Populisme, puur populisme. Hij had politieke steun in eigen land nodig, in de rust belt en in de midwest.

'Tegelijk kreeg hij fast track authority, de toestemming van het Congres om over internationale handelsverdragen te onderhandelen. Maar de andere landen reageren dan natuurlijk verbaasd: in eigen land zeg je dat protectionisme goed is en met ons wil je een vrijhandelszone afspreken. Zo ondermijnt Bush zijn geloofwaardigheid. De VS waren de grote tegenmacht tegen het protectionisme in de Europese Unie en Japan, maar niemand gelooft ze meer.'

Begrijpt de Europese Unie wél wat goed is voor de wereldhandel?

'De EU heeft de arme landen bij de start van de WTO-onderhandelingsronde in Doha in 2001 beloofd samen met de VS alle exportsubsidies op de landbouw in fases af te schaffen. Mooi plan. Maar op de tussentop in Cancún lag er drie weken geleden een nieuwe landbouwtekst van de EU en de VS, die heel vaag is, maar één ding helder zegt: we gaan ni ¿ et alle exportsubsidies afschaffen, maar slechts een paar en we zien nog wel welke en wanneer.

'Arme landen voelen zich met recht verraden. Er zijn zoveel beloftes gedaan door de rijke landen maar er gebeurt bijna niks. Ja, de textielbedrijven uit arme landen mogen parachutes exporteren, kom op zeg!'

Welk land doet het dan wel goed? 'Estland!'

Estland?

'Estland is geweldig. In 1992, nadat ze zich van Moskou hadden losgemaakt, hebben ze al hun importtarieven afgeschaft. Just like that. Er hebben daar serieuze vrijhandelsmensen bijeengezeten en het land heeft zijn handelsverkeer met Rusland binnen een paar jaar ingewisseld voor handel met de EU, met snellere groei en vooral ook minder corruptie dan de omringende landen. Want als je geen speciale toestemming nodig hebt om producten in of uit te voeren, hoeft niemand meer smeergeld te betalen.

'Maar met hun toetreden tot de Europese Unie gaat het meteen helemaal mis. Ze nemen het acquis communautaire uit Brussel over en moeten tienduizend nieuwe importtarieven invoeren.'

De Zuid-Koreaanse boer die zich tijdens de WTO-top in Cancún uit protest doodstak zag naar eigen zeggen zijn boerenbedrijf verschrompelen, nadat Australië vrijuit vlees mocht exporteren naar Zuid-Korea. Had hij gelijk?

'Zuid-Korea heeft goede instituties en kan gemakkelijk andere industrieën opzetten dan de landbouw. Dus kan het zijn markt opengooien. Het probleem daar is: de landbouw wordt extreem gesubsidieerd en is niet geconcentreerd in streken waar de landbouw het beste zou gedijen. De WTO doodt niet de boeren, zoals de Zuid-Koreaanse demonstranten beweren. De landbouwprotectie doet dat.'

Imagine there's no countries – die zin uit John Lennons visoen Imagine sprak Johan Norberg als 16-jarige wel aan. Als hij in een casual zwart pak en gestreken overhemd in Nijmegen plaatsneemt achter het spreekgestoelte, is het moeilijk voor te stellen, maar in 1988 voelde hij zich een volbloed anarchist. Op de middelbare school, zo schrijft hij in Leve de globalisering, bootsten ze de parlementsverkiezingen na. Johan en zijn vriend Markus deden mee als Anarchistisch Front. De verkiezingsleus: 'Wie gaat er over je leven beslissen? Jij of 349 parlementsleden?' Ze wonnen glansrijk.

'Ik heb nog steeds de visies en dromen van toen. Die mentaliteit is de drijvende kracht achter mijn werk. Mijn doelstellingen zijn niet veranderd, maar mijn visie op hoe de wereld werkt is wel aangepast. De wereld zonder regels die ik vroeger voorstond, kan niet bestaan. Mensen zijn van nature geneigd anderen te onderdrukken en gewelddadig te zijn. Je hebt regels nodig om de elementaire persoonlijke vrijheid te waarborgen.'

De eerste 21 artikelen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens zijn hem uit het hart gegrepen. Maar de andere negen niet – recht op een sociale uitkering, recht op werk, recht op rust en vrije tijd, recht op een zeker gezondheidsniveau. 'Al die rechten zijn niet absoluut, maar onderhandelbaar. Het is gevaarlijk voor de mensenrechtensituatie als je allerlei andere rechten toevoegt. Dan is inflatie van rechten het gevolg.'

Wel wil Norberg nog een onvervuild milieu als mensenrecht benadrukken. 'Bedrijven die in arme landen het grondwater vergiftigen en er zo misbruik van maken dat de regering daar de regels niet zo strikt controleert, die bedrijven zijn medeplichtig aan een misdaad. Laat dan de demonstranten maar komen. Boycotten dat bedrijf! De markt is dan het beste toegerust om sancties op te leggen.'

Maar 'een beetje' gasuitstoot van fabrieken in Brazilië is niet zo erg – 'veel groter zijn de vervuilingsproblemen die gebrekkige huiskachels veroorzaken en di ¿ e verbeteren mensen pas als ze in de fabriek werk hebben gevonden'.

Voor alle duidelijkheid: als de lonen en de werkomstandigheden in die landen in geen verhouding staan tot de lonen en werkomstandigheden in het Westen, dan kunnen demonstranten gerust thuisblijven. Er i ¿ s dan tenminste werk – 'het salaris bij een Amerikaanse fabriek in een lagelonenland is gemiddeld altijd nog acht keer zo hoog als het lokale salaris. Lang leve de sweatshops.'

Brengt vrijhandel democratie?

'Nee, niet automatisch. Maar er zijn elementen in vrijhandel die democratie bevorderen. Er is een statististisch verband: landen die vrijhandel kennen, zijn vaker democratiën. Vrijhandel maakt mensen welvarender, kweekt een middenklasse die meer belang heeft bij een democratie. Dat hebben we gezien in Taiwan en in Chili. Misschien zien we dat nu beginnen in China. Het is een verschrikkelijke dictatuur, maar tegelijk komen burgerlijke vrijheden op: vrijheid om te reizen en sinds twee weken hoef je geen overheidstoestemming meer te hebben om te scheiden of te trouwen.'

Stel ondernemingen vestigen hun fabrieken in een arm land – Amerikaanse bedrijven in Mexico – en zetten zo dat proces in werking. Zodra de lonen in China lager zijn verplaatsen ze hun fabrieken toch?

'Het betekent meestal dat de lonen in Mexico ook gestegen zijn, de mensen beter worden opgeleid en veeleisender banen in andere sectoren beschikbaar komen. Als een fabriek weggaat omdat de lonen omhoog gaan, is dat een geweldig succes: het land produceert diensten waar meer kennis voor nodig is. Dit heeft het Aziatische wonder geholpen. Het begon met sweatshops in Japan, die hopten daarna naar Taiwan. Het was een teken dat Japan het geweldig goed deed. Toen konden Taiwan en Zuid-Korea het goed doen, toen gingen ze naar Maleisië en Indonesië, nu gaan ze naar China.'

Wat is het eindstation voor de lagelonenfabrieken? Welk land blijft er mee zitten?

'Niemand blijft ermee zitten. Vlieg uiteindelijk de robots maar in, want machines gaan alle laagbetaalde banen doen. Dat is mijn stellige overtuiging.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden