Handballen met een therapeutisch randje

In een zaal van het sportmedisch centrum aan het Amsterdamse Olympiaplein spelen woensdagmiddag acht kinderen een potje handbal. Een van hen heeft obesitas, een ander een hartafwijking, een derde kan niet lopen en zit als keeper voor een van de kleine doeltjes....

Ellen de Visser

Voor de groep jongens die na hen komt, gaat in de fitnesszaal MTV aan. Ze kunnen fietsen, hardlopen of met gewichten trainen. Fysiotherapeut Pieter Offerman heeft voor ieder van hen een apart trainingsschema.

In het onlangs opgeleverde centrum revalideren veel topsporters. Laatst nog kwam Ajacied Jari Litmanen langs en was Juventus-voetballer Edgar Davids er om te fitnessen. Het is een ambiance die de kinderen aanspreekt, zegt Offerman. Gehandicapte en chronisch zieke kinderen willen immers het liefste trainen in een regulier fitnesscentrum tussen niet-gehandicapte sporters.

Maar bij een gewone sportclub is meestal geen instructeur aanwezig die kan reanimeren, laat staan dat die iets afweet van de piekbelasting van kinderen met taaislijmziekte. Extreem dikke kinderen durven er vaak niet eens naartoe. En aan het revalidatiecentrum kleven voor velen vaak negatieve herinneringen.

Samen met neuroloog Lex Winkler, directeur van de organisatie Artsen voor Kinderen, zette Offerman daarom sportcentrum Fitkids op. Vier maanden geleden betrok Fitkids een etage in de nieuwbouw van het sportmedisch centrum in Amsterdam-Zuid. Zeventig kinderen zijn al lid, Rotterdam krijgt ook een Fitkids-centrum en Den Haag wil een centrum speciaal voor kinderen met diabetes en overgewicht.

Winkler omschrijft Fitkids als fitness met een therapeutische rand'. In de zaal lopen weliswaar fysiotherapeuten rond die de kinderen begeleiden en hun grenzen in de gaten houden maar van echte therapie is geen sprake.

Geen dwang, geen vooraf vastgestelde doelen, geen individuele begeleiding.

De kinderen worden vaak doorverwezen door huisarts of schoolarts. Soms vergoedt de verzekering hun sportles, als blijkt dat ze er veel baat bij hebben. Het Fitkids-team ontwikkelt zelf het lesmateriaal, vertelt Winkler.

Wetenschappelijke informatie over de aandoeningen van de kinderen is er genoeg, zegt hij, maar hoe vertaal je die naar de praktijk in de sportzaal? Het blijkt een kwestie van uitproberen en aanpassen. We willen ook geen kanten klare cursus bieden, veel moet vanuit de kinderen zelf komen.'

Kinderartsen uit het AMC hebben hem onlangs gevraagd of het mogelijk is ook kinderen met ernstige obstipatieklachten naar Fitkids door te sturen. Als we daarop ingaan, moeten we nadenken over een programma. Moeten we veel met ze gaan bewegen of juist oefeningen doen om de bekkenbodemspieren te ontspannen?'

Fitkids heeft al een programma voor kinderen met het syndroom van Down. Samen met een haptonoom doen ze oefeningen die hen tot rust brengen of hun motoriek verbeteren.

Van de particuliere fondsen, die het geld voor het project beschikbaar hebben gesteld, mag de pioniersfase twee jaar duren, zegt Winkler. Doel is uiteindelijk de zelfredzaamheid van de kinderen te vergroten, zegt hij. Misschien kunnen sommigen zelfs de overstap naar een reguliere sportclub maken.'

Het idee de kinderen voor hun wekelijkse training met een busje te halen en te brengen is door het Fitkids-team afgewezen. Winkler: Het moet niet te verzorgend en te georganiseerd worden. Net als bij een gewoon sportuur moeten de kinderen zelf graag willen komen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden