Hand in de vlam

Met de overgeleverde brieven van Vincent van Gogh in de hand is het mogelijk het genie alsnog op de divan te leggen....

Vincent van Gogh was eigenlijk niet zo'n aardige man. 'Kee', zei hij onverhoeds tegen zijn zojuist weduwe geworden nicht in de zomer van 1881, 'ik heb net een gevoel als waart gij mijn naaste en ik uw naaste in de volste zin van het woord, ik heb u lief als mijzelve.'

Kee reageerde verschrikt op deze liefdesverklaring: 'Nooit neen nimmer.' Maar daar zat Vincent niet mee. Hij bestookte haar met (onbeantwoorde) post, trotseerde de toorn van zijn familie, en zocht uiteindelijk Kee thuis op. 'Als gij in huis zijt', zei Kees moeder die opendeed, 'dan gaat Kee het huis uit.' Waarop Vincent zijn vingers in de vlam van een lamp hield en zei: 'Laat mij haar zien voor zolang als ik mijn hand in de vlam houd.'

De familie blies de lamp uit. Kee heeft hij niet gezien.

Wat was er mis met de man die de geschiedenis in zou gaan als het archetype van de kunstenaar, die een gekweld maar bezeten leven leidde en aan wie postuum de kwalificatie genie is toegedeeld? Erwin van Meekeren (1955) is niet de eerste wetenschapper die het antwoord op deze vraag zoekt. Hij is een psychiater die het leven en de ziektegeschiedenis van Vincent van Gogh (1853-1890) nauwgezet via Vincents brieven heeft geanalyseerd, net nu vanwege de viering van de 150ste geboortedag de kunstenaar overal weer opduikt.

Van Meekerens conclusies zijn niet nieuw, wel plausibel: Van Gogh leed aan wat de huidige pyschiatrie een borderline-syndroom noemt. Negatief zelfbeeld, stemmingswisselingen, depressies, aanleg tot suïcide, verlatingsangst, impulsiviteit en automutilatie; dat het defecten zijn waaraan Van Gogh leed, wordt door Van Eekeren aannemelijk gemaakt aan de hand van Vincents eigen teksten ('Mendes, ik heb mijzelf weer met de knuppel bewerkt').

Het is een glibberig terrein: de pyschiater die postuum een beroemde patiënt op de divan legt. De verleiding om de 'ontdekker' te worden van de finale diagnose is groot. De doodsoorzaak van Van Gogh is door wetenschappers al eerder toegeschreven aan syfilis, schizofrenie, ondraaglijke oorsuizingen, absintvergiftiging, schildersziekte en digitalistoxicatie. Allemaal speculatief. Van Meekeren deinst daarom terug voor al te stellige conclusies. Al is het zelfmoordpercentage onder borderliners hoog (10 procent), de ware reden dat Van Gogh in Auvers op die zomeravond in 1890 het korenveld inliep en dat pistool tegen zijn borst drukte, zal nooit kunnen worden achterhaald.

Van Meekeren telt zeven inzinkingen vanaf eind 1888 tot de zelfmoord in 1890; die laatste twee jaar van zijn leven waren ook de meest vruchtbare. Die inzinkingen werden veroorzaakt door Vincents persoonlijkheidsstoornis in combinatie met langdurige ondervoeding en drankgebruik. Van Meekeren: 'Er is een merkwaardige discrepantie tussen de toenemende ernst van Vincents ziekteverschijnselen en de fabelachtige productie van schilderijen.' In de psychiatrische inrichting in St. Remy schilderde Vincent onder meer de fameuze Sterrennacht.

Een extatische gemoedstoestand was klaarblijkelijk vruchtbaar voor Vincent: 'Hoe meer ik verward raak en ziek word, des te meer word ik ook een scheppend kunstenaar', schreef hij. En: voor kunst 'heb ik mijn lichaam afgetakeld'.

Als een rode draad loopt door het leven van deze borderliner het onvermogen relaties aan te gaan. Er zijn minstens vier mislukte liefdes, ondanks een diep verlangen naar een huwelijk: 'Ik weet niet of gij dat gevoel kent, dat maakt dat wanneer men alleen is, op sommige momenten men een soort zucht of klacht voelt rijzen van binnen. Mijn God, waar is mijn vrouw, mijn God, waar is mijn kind.'

Van Meekeren constateert dat hij eigenlijk met iedereen die hem na stond ruzie heeft gekregen. Uitgezonderd Theo. Zijn zus Anna schreef dat Vincent zich 'illusies maakt over mensen' vooraf als hij ze nog niet heeft ontmoet, en als hij 'ontdekt hoe ze echt zijn en niet aan die verwachtingen voldoen, dan is hij zo teleurgesteld dat hij ze weggooit als een boeket verlepte bloemen'.

De grootste deceptie was het stuklopen van zijn vriendschap met de schilder Gauguin. Hier had hij zich lang op verheugd, de beide mannen zouden in 1888 in Arles het Atelier van het Zuiden stichten en volop gaan schilderen. Maar al snel ontstond knetterende ruzie, met als apotheose de zelfverminking van Van Gogh. Overigens is het oor een zeldzame keuze als het gaat om automutilatie-patienten. Die teleurstelling, stelt Van Meekeren vast, is een breekpunt geweest. Vincent had veel van zijn lichaam gevergd, en kreeg een zware terugslag. Anderhalf jaar later was hij dood. Geen van de mannelijke Van Goghs is oud geworden. Theo overleed kort na Vincent aan de gevolgen van een psychische ineenstorting en syfilis. Broer Cor stierf in het Vreemdelingenlegioen, volgens Van Eekeren vermoedelijk zelfmoord.

Zonder Vincents - openhartige, complete - brieven zou Van Meekeren natuurlijk nooit tot deze exercitie in staat zijn geweest. Dat de auteur vrijwel alleen uitingen van boosheid, wanhoop of ander onwelbevinden citeert, ligt voor de hand. Maar daardoor ontstaat wel een heel eenzijdig beeld van een koppige, drammige egoïst.

In Vincent - schreef zijn broer Theo, die hem het beste heeft gekend - huizen twee mensen: 'De een merveilleus begaafd, fijn en zacht, en de ander eigenlievend en hardvochtig.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden