Hamas en Morsi komen sterker uit Gazacrisis

Voor de Gazacrisis werd Hamas gesteund door vijanden en nu door bondgenoten van het Westen.

De oorlog van Israël in 2006 tegen de Libanese Hezbollah en de Israëlische militaire operatie Cast Lead in 2008 tegen de Palestijnse Hamas maakten reeds duidelijk dat het Midden-Oosten in een nieuwe fase was terechtgekomen. Eerdere Israëlische oorlogen, in 1967 en 1973, werden met Arabische staten gevoerd en resulteerden uiteindelijk in vredesverdragen met Egypte en Jordanië.

Maar de oorlogen van 2006 en 2008 waren gericht tegen radicale islamitische bewegingen en kregen een open einde in de vorm van een wapenstilstand, wat iets anders is dan vrede. Dit was een eerste indicatie voor de ernstige verzwakking van Arabische staten die vaak vereenzelvigd werden met regimes.

De veelbezongen Arabische Lente zou aan deze autoritaire regimes een einde maken, maar de toekomst zal uitwijzen of, in bijvoorbeeld Libië en Jemen, alleen het heersende regime ten val werd gebracht of de staat zélf. In dit verband waarschuwde Lakhdar Brahimi, de speciale VN-gezant voor Syrië, onlangs voor de 'totale Somalisering' van Syrië in de zin van een totale desintegratie van de Syrische staat.

De gevolgen hiervan vertalen zich in het wegvallen van de regionale orde - hoe onvolmaakt die ook was - wat zowel funest is voor het Israëlische verlangen naar veiligheid als voor de Arabische volkeren zelf, omdat buitenlandse investeringen en toeristen, die letterlijk broodnodig zijn voor een economisch herstel, wegblijven.

De wereld haalde onlangs opgelucht adem na de wapenstilstand tussen Israël en Hamas, maar twee vragen moeten nog beantwoord worden: wie zaten er achter deze laatste geweldsescalatie en waarom vond deze op dit moment plaats? Het antwoord is verbonden met een machtsstrijd binnen Hamas zelf, met de veranderde inter-Palestijnse verhoudingen en met een nieuw politiek landschap in het Midden-Oosten.

Hamas kende van oudsher twee vleugels. Enerzijds was er het leiderschap in de Gazastrook, gepersonifieerd door premier Ismail Haniyah, en anderzijds was er het meer radicale leiderschap in ballingschap dat zijn domicilie had in Damascus. Deze laatste vleugel was er verantwoordelijk voor dat de soennitische Hamasbeweging in de verzetsas terecht kwam die werd geleid door het seculiere Baathregime in Syrië en het sjiitische Iran. De Syrische crisis veroorzaakte echter ernstige scheuren in deze verzetsas, omdat uiteindelijk de religieuze verschillen sterker bleken dan het gedeelde verzet tegen Israël.

Hamas, de Palestijnse tak van de Moslimbroeders, koos de zijde van de door de Syrische Moslimbroeders gedomineerde oppositie en het buitenlandse leiderschap van Hamas verliet Damascus waardoor ook de Iraanse financiering opdroogde. De verkiezingsoverwinning van de Egyptische Moslimbroeders leek van Egypte een natuurlijke vervanger van de Iraanse beschermheer te maken, maar het was vooral Hamas in de Gazastrook dat hiervan profiteerde, ten koste van de internationale Hamas-vleugel.

Vanaf 24 oktober begonnen honderden raketten vanuit de Gazastrook op Israël neer te dalen en het lijkt geen toeval dat dit precies één dag gebeurde nadat de emir van Qatar een bezoek had gebracht aan Gaza, waarbij hij 300 miljoen euro aan steun toezegde aan de Gazastrook, en dus aan Hamas. Dit staatsbezoek van de emir van Qatar aan Gaza leek een officiële erkenning van de legitimiteit van de Hamas-regering. De Palestijnse Autoriteit in Ramallah werd volkomen genegeerd.

Dit tekende de nieuwe politieke machtsverhoudingen in de Arabische wereld. Met het vertrek van de Egyptische president Mubarak had de Palestijnse Autoriteit haar belangrijkste steunpilaar verloren. De nieuwe Egyptische leiders hebben dezelfde ideologische oriëntatie als Hamas. De Egyptische Moslimbroeders hadden hun Palestijnse zusterbeweging Hamas onder druk kunnen zetten om te stoppen met het afvuren van raketten richting Israël in het besef dat dit ongetwijfeld een Israëlische militaire reactie zou uitlokken.

De Egyptische Moslimbroeders kozen er echter voor om dit niet te doen, omdat ze ook wisten dat Israëlisch militair geweld koortsachtig internationaal diplomatiek verkeer op gang zou brengen, met de zoveelste wapenstilstand als resultaat. Dit alles diende de belangen van zowel het Hamas-leiderschap in Gaza als de Egyptische president Morsi.

De wapenstilstand die er inderdaad kwam maakte van de Hamasvleugel in Gaza de ware verdediger en kampioen van de Palestijnse aspiraties; voor de Palestijnse president Mahmoud Abbas was geen enkele rol meer weggelegd.

Voor de Egyptische president Morsi diende de Gazacrisis allereerst om de aandacht van de Egyptenaren af te leiden van de wanhopige economische situatie in eigen land en het volstrekte onvermogen van Morsi hier iets aan te doen. Egypte heeft dringend westerse leningen nodig. Door zich als een verantwoord bemiddelaar op te stellen tussen Israël - waarvan hij de naam overigens niet over de lippen krijgt - en Hamas oogstte Morsi overvloedige westerse lof, wat hem ervan verzekerde dat de westerse geldstromen zullen blijven vloeien.

Morsi zou deze Gazacrisis echter vooral aangrijpen om zijn eigen macht te versterken. Hij gebruikte de aanval afgelopen augustus van jihadisten in de Sinaï, waarbij zestien Egyptische soldaten het leven lieten, als voorwendsel om een aantal topgeneraals te ontslaan en om bijna vijftig (hoofd)redacteuren van Egyptische kranten te vervangen.

De inkt van de laatste wapenstilstand was nog niet droog of president Morsi liet weten zichzelf buitengewone volmachten toe te kennen die zelfs voormalig dictator Mubarak nooit had gehad. Zijn politieke besluiten zijn definitief en onherroepelijk, en staan niet open voor discussies. Bovendien kende Morsi zichzelf immuniteit voor het Egyptische gerecht toe. Het Westen zal wel wat morren, maar is ervan overtuigd geraakt dat Morsi onmisbaar is geworden voor de regionale vrede.

Voor Israël lijkt het weer eens 'winning the battle but losing the war'. In de oude situatie werd Hamas gesteund door Syrië en Iran, die door het Westen werden beschouwd als twee vijandelijke staten, wat de strijd van Israël tegen Hamas vergemakkelijkte. Hamas weet zich thans echter verzekerd van de uitdrukkelijke steun van Egypte, Qatar en Turkije, die alle drie bondgenoten van het Westen zijn. Bovendien wordt Israël geacht vredesbesprekingen te voeren met de Palestijnse president Abbas die ieder gewicht en legitimiteit verloren heeft.

De laatste Gazacrisis lijkt te illustreren dat het enige wat dit nieuwe Midden-Oosten gemeen heeft met het oude de bereidheid is om de Palestijnse kwestie als troefkaart te gebruiken.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden