Half miljard Nederlandse steun Zuid-Soedan in rook op

Meer dan tien jaar diplomatieke inspanningen en ruim 500 miljoen euro ontwikkelingsgeld van Nederland zijn vrijwel tenietgedaan na zes maanden burgeroorlog in Zuid-Soedan.

De ministers Koenders en Verhagen brachten in 2008 een bezoek aan Soedan. Beeld anp

Nederland is een van de belangrijkste aanjagers geweest bij de stichting van 's werelds jongste staat. Maar de 'vooruitgang is in de knop gebroken', zegt PvdA-minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Lilianne Ploumen.

Uit cijfers die de Volkskrant heeft opgevraagd bij Buitenlandse Zaken blijkt dat alleen Afghanistan de afgelopen jaren hogere bedragen incasseerde. Dat had veel, zo niet alles te maken met de grote militaire missie in de provincie Uruzgan en de kleinschaliger politietraining in Kunduz. Zo veel aandacht als de Afghanistanmissies kregen, zo weinig belangstelling was er - ook in de Kamer - voor de geldstromen naar Soedan, in het bijzonder naar het in 2011 onafhankelijk geworden Zuiden.

Kritisch debat ontbrak
De Kamerleden Bram van Ojik, fractieleider van GroenLinks, en Sjoerd Sjoerdsma (D66) stellen dat er ten onrechte amper aandacht is besteed aan kritische rapporten van de eigen inspectiedienst van het ministerie, IOB (Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie). Van Ojik is oud-IOB-directeur, Sjoerdsma werkte bij de Task Force Soedan op het ministerie. Volgens Van Ojik had de Kamer 'grote sympathie voor de geboorte van een nieuwe staat.' Daardoor ontbrak volgens Sjoerdsma 'een kritisch debat.'

Minister Ploumen in gesprek met de Zuid-Soedanese onderminister van Buitenlandse Zaken. Beeld afp

De burgeroorlog in Zuid-Soedan heeft sinds december duizenden mensenlevens gekost, deed anderhalf miljoen mensen op de vlucht slaan en dreigt nu tot een hongersnood te leiden. Minister Ploumen staakte onlangs haar steun aan hulpprogramma's waarbij de regering van Zuid-Soedan is betrokken, ten gunste van noodhulp.

Steun donoren 'onrealistisch'
Al in 2010, een jaar voor de onafhankelijkheid van Zuid-Soedan, liet de IOB zich negatief uit over de inspanningen van Nederland en andere donorlanden. 'De doelmatigheid van de hulp bleef beperkt.' Geld werd onevenwichtig besteed. Enerzijds was er 'zeer ruime steun' voor de opbouw van basisvoorzieningen (onderwijs, zorg), sociaal-economische ontwikkeling en humanitaire noden. Anderzijds was er 'de veel beperktere steun voor veiligheid in brede zin en goed bestuur, waaronder de opbouw van politie en justitie en het terugdringen van wapenbezit onder de bevolking'. Al met al waren de 'interventies' van donoren 'te ambitieus en, in feite, onrealistisch'.

De verwachtingen waren te hoog gespannen nadat Soedan en Zuid-Soedan 'op relatief vreedzame wijze in juli 2011 hun eigen weg zijn gegaan'. In april 2013, negen maanden voor de strijd uitbrak, noemde de IOB de veiligheidssituatie wankel. 'Gewelddadige incidenten, al dan niet economisch, etnisch of politiek bepaald, bleven zich voordoen. Het wijdverspreide wapenbezit onder de bevolking gaf mede aanleiding tot banditisme. Leger en politie (deels getraind door Nederlandse militairen, red.) bleken niet goed in staat een en ander te beteugelen.'

Lees de volledige reconstructie vandaag in de Volkskrant

Een vluchtelingenkamp in Darfur. Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden