Hakkerige gabbertjes, gejongleer met humor

de parade..

Utrecht Op de eerste rij in de ronde tent zit een jongetje van 5. Curieuze toeschouwer voor een Gabber Opera, om 9 uur ’s avonds tijdens het reizende theaterfestival De Parade dat in Utrecht is neergestreken.

Maar dan begint zijn keurig geklede moeder hem uit te leggen wat Hakkuh is en wat voor raveteef zij vroeger was. Hij schuifelt in zijn trainingsjasje onrustig op en neer, maar klapt toch mee met de vijf kaalgeschoren toneelschoolstudenten die in stroboscooplicht hakkerig staan te gabberen.

Begrijpen doet hij het vast niet. Toch is het bijzonder hoe deze tweede- en derdejaars acteurs en performers de trotse, gesloten arbeiderscultuur van de gabbers weten te vangen in het basisstramien van een ultrakorte opera. In een afgeplakt bushokje voeren drie strak gespannen gabbers – trainingspakken, opengesperde ogen – een terugkerend ritueel uit, met bier en chips. Totdat een bomberjackgabber van buiten een wig drijft in de hechte, zwijgzame vriendschap. Fraai is de realtime filmscène waarin deze nieuwe leider wereldboodschappen verkondigt door over hun kale hoofden te aaien als waren het aardbollen. Daarna lost de spanning op in vaagheid. Maar de beelden beklijven, evenals het slotrijm over ‘chloortabletten, weekendsletten en Neurenbergwetten’.

Ook niet volledig te begrijpen, door iets te veel metaforen in een associatieve reeks zinnen, maar prachtig gespeeld is Jamais Vu van de jonge acteurs Hendrik Aerts en Aniek Boon. Hun relatie hangt boven de afgrond. Hij heeft op haar verjaardag een paar gasten uitgenodigd, toeschouwers die aan tafel prosecco mogen drinken. Dan speelt hij, zogenaamd luchtig, via het publiek een spelletje driebanden met dubbelzinnige vragen en diepzinnige gedachten, zoals: ‘Voel jij wat ik niet mag voelen?’ en: ‘Als je door haar heen kijkt, heb je mooier uitzicht.’ Antwoorden komen er niet, en ook geen afgerond eind. Maar Jamais Vu is het zien waard.

Helemaal duidelijk wordt ook Rechtniet van Theatergroep WAK niet, op een taps toelopend, stijgend podium met verdwijnpunt in de verte. Het uitgangspunt van drie werkmannen die een defect aan de deeltjesversneller moeten repareren, komt net niet helemaal uit de verf. Daardoor missen de wisselingen tussen fysieke slapstick, absurde zangscènes en beeldende effecten een organische logica, gebaseerd op indikkende en uitdijende tijdsbegrippen. Maar de drie jonge acteurs weten wel ijzersterk te jongleren met beeld, geluid, gereedschap, perspectief en humor. Als de timing versnelt, vallen de deeltjes in Rechtniet vanzelf op hun plaats.

Als muzikale uitsmijter brengen bassist Egon Kracht en gitarist Marcel de Groot met vier muzikanten en drie zangers – Maarten van Roozendaal plus twee jonge gasten – een ode aan de surrealistische liederen van Hauser Orkater, eind jaren zeventig. Energiek gespeeld, met muzikale sprongetjes en huppeltjes, en vol vuur gezongen. Toch houden ze de emotie op afstand: de mistige teksten van Alex van Warmerdam blijven gevangen in hun tijdperk van hoekige Hollandse avant-garde.

Annette Embrechts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden