Haïtianen kiezen zondag nieuwe president

PORT-AU-PRINCE Keiharde hiphopbeats knallen uit de speakers van de grote geluidswagen. Dan schreeuwt een Haïtiaanse jongen als een bezetene. 'Vote Jude Célestin. Célestin, Prezidan'. Sommige omstanders juichen en zwaaien met hun armen. Anderen blijken nauwelijks warme gevoelens te koesteren voor het oud-hoofd van het Haïtiaanse wederopbouwcomité, dat hoogstpersoonlijk door de huidige president René Préval als kandidaat naar voren is geschoven.

Het lijkt wel of je Célestin overal tegenkomt. Waar je ook kijkt, hangen rijen verkiezingsposters van de lachende zwarte man met de flinke snor. Maar niet alleen Célestin domineert het straatbeeld van de Haïtiaanse hoofdstad: op elk vrij stukje muur, op elke lantaarnpaal en zelfs op platgedrukte autowrakken hangen afbeeldingen van de negentien presidentskandidaten. Er mag dan in Port-au-Prince nauwelijks eten zijn, aan plaklijm lijkt geen gebrek, moppert een oudere Haïtiaan.


De meeste presidentskandidaten maken echter geen kans. Als je het gezaghebbende Haïtiaanse dagblad Le Nouvelliste moet geloven, gaan de verkiezingen, die gepland stonden voor eind februari maar die werden uitgesteld na de zware aardbeving van 12 januari, tussen Célestin en nog een handvol kandidaten.


Neem Jean-Henry Céant, een bekende jurist met nauwe banden met de in 2004 naar Zuid-Afrika gevluchte ex-president Jean Bertrand Aristide. Of Charles Henry Baker, een rijke zakenman die zich ook al verkiesbaar stelde vier jaar geleden, toen zelfs 33 kandidaten een gooi deden naar het Haïtiaanse presidentschap.


Maar opvallend populair onder de ruim vier miljoen Haïtianen die morgen hun stem mogen uitbrengen om een nieuwe president te kiezen - alsook de 99 leden van het parlement en 11 senatoren - blijken ook Mirlande Manigat en de bekende volkszanger Michel 'Sweet Mickey' Martelly. Manigat, die als eerste vrouw president van Haïti zou kunnen worden, is een oud-parlementslid en de echtgenote van ex-president Leslie Manigat, die in 1988 na 130 dagen bestuur bij een staatsgreep werd afgezet. Martelly lijkt vooral een groot deel van de Haïtiaanse jongeren te hebben aangetrokken die aanvankelijk hun hoop hadden gevestigd op die andere Haïtiaanse muzikale superster: Wycleaf Jean. Die kreeg geen toestemming om aan de verkiezingen mee te doen, omdat hij de laatste jaren niet permanent in Haïti had gewoond.


Toch worden ook Manigat en Martelly niet geacht meer dan de helft van de stemmen binnen te kunnen slepen, en daardoor zal voor het eerst in de Haïtiaanse historie op 19 januari een tweede verkiezingsronde moeten worden georganiseerd.


Choleracrisis

Maar die democratische noviteit zal 49-jarige chauffeur Frantz Dorgeron werkelijk een zorg zijn. Vraag hem op welke presidentskandidaat hij gaat stemmen en hij begint keihard te lachen: 'Ik stem op mijn auto. Daar kan ik tenminste op rekenen. Dat is de enige die mij geld geeft. De rest wil slechts mijn geld afpakken.'


Bovendien vindt Dorgeron, net als veel van zijn landgenoten, dat van een eerlijke stembusgang geen sprake kan zijn midden in een choleracrisis en de stagnerende wederopbouw na de zware aardbeving, waardoor ruim 220 duizend Haïtianen omkwamen en er nog altijd 1,3 miljoen dakloos zijn. Een mening die niet eens vreemd klinkt als je bedenkt dat Haïti slechts drie of vier eerlijke verkiezingen heeft gekend sinds het Caribische land in 1804 de eerste onafhankelijke negerrepubliek ter wereld werd.


En dan zijn er de Haïtianen die helemaal niets moeten hebben van de presidentskandidaten omdat ze vooral verlangen naar vroeger, toen volgens hen de straten van Port-au-Prince nog schoon waren, de elektriciteitstoevoer altijd werkte en het 's avonds altijd veilig was. Geregeld kom je hun boodschap tegen op de muren: 'Bon retour J.C. Duvalier'.


Ook Auguste Alexandrix, de 46-jarige beheerder van het Grand Cimetière, de enorme nationale begraafplaats in Port-au-Prince, denkt met weemoed terug aan de jarenlange dictatuur van de overleden François 'Papa Doc' Duvalier en zijn zoon Jean Claude 'Bébé Doc' Duvalier, die sinds 1986 in ballingschap leeft in Frankrijk. 'Natuurlijk was het een hardvochtige dictatuur en hebben de Tonton Macoutes, de knokploegen van de Duvaliers, verschrikkelijke dingen gedaan. Maar ze hebben het Haïtiaanse volk ook veel gegeven: veiligheid, mogelijkheden om te studeren, eigenwaarde en vooral aanzien in het buitenland.'


'Wat is Haïti nu?', vraagt de 46-jarige bewaker Antoine Dorelean. 'Een land dat zelf niks kan doen tegen de cholera. Met een bevolking zit zonder eten en zonder perspectief. Dat totaal afhankelijk is van buitenlandse hulporganisaties en het moet doen met presidentskandidaten die geen alomvattende visie of programma hebben om onze problemen op te lossen.'


Massagraf

Terwijl beiden blijven mopperen over de Haïtiaanse politici lopen we langs een wirwar van grafzerken, mausolea en pantheons, waarvan enkele zelfs beplakt blijken met verkiezingsposters. Alexandrix en Dorelean schudden het hoofd en wijzen liever op het graf van de familie Silvéra, de eerste Haïtiaanse miljonairs. Op de offerplekken voor Baron Criminel en Grann Brigit, die een verzamelplek zijn voor aanhangers van voodoo op zoek naar contact met geesten. Op naamloze betonnen graven en niches waarop een grote 'X' is gebeiteld en waarin de resten van anonieme slachtoffers van de aardbeving van januari liggen.


Opeens staan ze stil bij een muurschildering van een grote hand met drie gezichten die een voodoopriester, een protestant en een katholiek voorstellen. 'Dit is een fosse commune, een massagraf. Vijftien vrachtwagens met lijken hebben we hier na de aardbeving moeten begraven', vertelt Dorelean met een diepe zucht.


'Het is een van de weinige plekken die mij hier op de begraafplaats bij de strot grijpt', zegt Alexandrix. De andere zien we enkele minuten later: het nagenoeg verwoeste granieten praalgraf van de in 1971 gestorven dictator François 'Papa Doc' Duvalier. 'Vreselijk toch? Zo mooi als het was.'


Of het praalgraf van Duvalier ooit zal worden herbouwd? Ze halen allebei hun schouders op. Begraafplaatsbeheerder Alexandrix: 'Die vraag zou je mij ook over Haïti kunnen stellen. Ik weet het echt niet.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.