Haat in Israëls modelgemeente

De ultra-orthodoxen rukken op, waarschuwt de feministische wethouder van Ra'anana. Leugens, repliceert een rabbijn. In de Israëlische zusterstad van het Friese Opsterland vallen woorden als Kristallnacht en Kulturkampf....

RA'ANANA is de groenste gemeente van Israël. De straten zijn schoon. Het verkeer veroorzaakt enige overlast, maar wie de situatie in andere steden rondom Tel Aviv kent, haalt de schouders op. Wethouder Rina Bar-Tal noemt het allemaal 'een façade'. Een invasie van ultra-orthodoxe joden dreigt het goede leven in de stad te verstoren.

Nee, er zijn nog geen bioscopen op sabbat gesloten onder druk van mannen in het zwart. Evenmin belegeren zij op vrijdagavond restaurants. En hun talrijke kroost bekogelt geen automobilisten, zoals in Jeruzalem. Maar zover zal het wel komen, vreest Bar-Tal. Ultra-orthodoxen zullen het aanzien van Israël's 'modelgemeente' drastisch veranderen.

De wethouder is in Ra'anana, zusterstad van het Friese Opsterland, al tien jaar verantwoordelijk voor jeugd, sport en cultuur. Ze wil nu hogerop. Volgende week worden in Israël verkiezingen gehouden voor 250 gemeenteraden en burgemeestersposten. Bar-Tal is een van de 28 vrouwelijke burgemeesterskandidaten. Door haar toedoen domineert religie de plaatselijke verkiezingsstrijd. 'Ze maakt gelukkig geen schijn van kans met haar vuile campagne, die louter op haat gebaseerd is', zegt rabbijn Stewart Weiss.

Hij keerde zich, met andere stadgenoten, in krantenartikelen en ingezonden brieven tegen Bar-Tal. Onbekenden gingen minder fijntjes te werk. Tijdens een gesprek met Bar-Tal op het stadhuis komt een politieman binnen met een dreigbrief aan haar adres. 'Al maanden word ik lastig gevallen, maar deze brief gaat wel erg ver.' Bar-Tal en haar kinderen worden met de dood bedreigd. De politieman belooft dat het geschrift grondig onderzocht zal worden.

Rabbijn Weiss, directeur van een instituut dat immigranten uit alle delen van de wereld opvangt: 'Bar-Tal wordt gehaat omdat ze haat zaait. Dit is een vredige, tolerante stad. Bar-Tal verziekt de sfeer met leugens en racistische taal. Orthodoxe joden, onder wie ikzelf, vormen een kwart van de bevolking. Nou en? Ik ga naar de bowling en de bioscoop, net als seculiere (niet-religieuze) inwoners. Haredim, ultra-orthodoxen, zijn hier nauwelijks. Bar-Tal kan net zo goed waarschuwen voor groene marsmannetjes die in Ra'anana de macht willen grijpen.'

In de plaatselijke verkiezingsstrijd gaat het volgens Weiss van kwaad tot erger. Bar-Tal, een feministe die banden heeft met de linkse Arbeiderspartij, trok landelijk de aandacht met slogans als 'In Ra'anana begint de revolutie', 'Alleen Bar-Tal zal de haredim stoppen', en sinds kort: 'Stem op mij, ik houd de stad seculier.' Weiss: 'Daarmee beledigt ze niet alleen ultra-orthodoxen, maar het hele religieuze deel van de bevolking. De wet verbiedt ''grove belediging van het geloof en de religieuze gevoelens'' van anderen. Naar mijn mening is dat precies wat Bar-Tal doet. Een overlevende van de holocaust zei tegen mij: ''Dit doet me denken aan de Kristallnacht'', zestig jaar geleden. Toen vielen Duitsers joden aan, nu keren joden zich tegen andere joden. Antisemitisme van joodse makelij, erger kan het toch niet?'

De rabbijn ziet de wethouder graag in een cel verdwijnen: 'Ze vráágt erom.' Bar-Tal zwaait met een papier van het openbaar ministerie dat haar zou vrijwaren van vervolging. 'Ik doe niets onwettigs, ik ben geen racist. Racisme betreft ras, huidskleur en etnische afstamming. Wat ik zeg, valt onder de vrijheid van meningsuiting.' Vrijheid, daar gaat het om. 'Ik wil mijn levenswijze niet laten bepalen door andersdenkenden. Ultra-orthodoxen proberen mij hun wil op te leggen.'

Maar waar zijn die ultra's dan? Op een doordeweekse namiddag zie je een handjevol in de hoofdstraat. Bent Schalimtzek, een inwoner van Ra'anana: 'Ik begrijp het ''probleem'' van Bar-Tal niet. Op vrijdag smeken vrome joden voorbijgangers hun synagoge binnen te komen. In een stad van meer dan zestigduizend inwoners moeten ze bedelen om het minjan, het minimum van tien volwassen mannnen dat vereist is voor een openbare eredienst.' De wethouder reageert ad rem: 'Wat wil je, er zijn meer dan honderd synagogen in deze stad.'

S CHALIMTZEK woont naast een ultra-orthodox instituut, een yeshiva (religieuze opleiding). 'Als ik Bar-Tal moet geloven, zou mijn straat zwart zien van de ultra-orthodoxen. Maar daar is geen sprake van. De rabbijn moet zijn vrome studenten ''importeren'' uit Bnei Brak.' In die gemeente wonen leden van de Lubavitch-sekte die joden 'de principes van het geloof' bijbrengt, en hen 'voorbereidt op de komst van de Messias'. Ze leven naar strenge religieuze regels.

Volgens wethouder Bar-Tal heeft de sekte al spanningen in haar gemeente veroorzaakt: 'Het probleem ís juist de import van ultra-orthodoxen. Eerst komen ze naar Ra'anana om te studeren, daarna willen ze hier wonen. Het is immers een aantrekkelijke gemeente, met een goede dienstverlening voor de religieuze bevolking. Alleen al in de jaren dat ik op het stadhuis zit, zijn er zo'n twintig synagogen gebouwd.'

De problemen met de sekte begonnen toen die een zogeheten Habad-centrum wilde neerzetten in een wijk van Ra'anana waar weinig of geen orthodoxen wonen. Habad-centra, verspreid over het hele land, hebben niet alleen een educatieve maar ook een sociale functie. Zo houdt het Habad-centrum in de stad Be'ersheva zich bezig met de opvang van Russische immigranten, die bij gebrek aan woningen in kampeerwagens werden ondergebracht. In het overwegend welvarende Ra'anana is volgens Bar-Tal geen behoefte aan een Habad-centrum. Maar het komt er toch, zij het niet op de beoogde plek.

NA EEN demonstratie van burgers, geestverwanten van Bar-Tal, zocht burgemeester Zeev Bielski een andere plek voor het instituut. Bielski, die wel 'de populairste burgemeester van Israël' wordt genoemd en die na de verkiezingen van dinsdag waarschijnlijk aan zijn derde ambtstermijn kan beginnen, vindt het compromis 'bevredigend' voor zowel de verontruste burgers als de sekte. Volgens Bar-Tal, Bielski's rivale in de verkiezingsstrijd, mogen vooral de ultra-orthodoxen in hun handen knijpen: 'Ze krijgen een paleisje, op een stuk grond dat groter is dan waarop ze hoopten.'

De wethouder is ervan overtuigd dat het centrum 'een enorme zuigkracht' zal hebben. 'De ultra-orthodoxen komen niet met duizenden tegelijk, maar ze kómen. Ik kan dat staven met een voorbeeld. Een paar jaar geleden werd een school geopend voor ultra-orthodoxe meisjes, overigens zonder toestemming van de gemeente. De haredim hebben geen boodschap aan de Israëlische wetgeving, want ze hebben hun eigen regels. Wat gebeurde? Eerst kwamen veertig schoolmeisjes, daarna vonden twintig ultra-orthodoxe gezinnen hier een woning. Dit jaar is het aantal scholieren opgelopen tot negentig, en ik denk dat volgend jaar nog eens twintig tot veertig gezinnen hier komen wonen.'

'Rabbijn Weiss zegt dat ik spoken zie. De cijfers spreken andere taal, de demografische situatie verandert snel. De laatste jaren hebben zich hier vooral orthodoxen en ultra-orthodoxen gevestigd, nieuwkomers uit de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Frankrijk en andere westerse landen. De Russische immigranten vormen een uitzondering.' Maar die groep is niet zo groot. Voor hen is de huisvesting in Ra'anana te duur.

Ra'anana is niet de enige gemeente waar de angst voor ultra-orthodoxen - reëel of niet - een rol speelt in de strijd om burgemeestersposten en raadszetels. Een politicoloog: 'Linkse en liberale kandidaten proberen hun potentiële kiezers naar de stembus te lokken. ''Breng je stem uit, want de religieuzen doen dat zeker'', zeggen ze.' Bij verkiezingen ligt de opkomst onder religieuzen traditioneel veel hoger dan onder Israëli's die als niet-religieus te boek staan. Religieuze partijen hebben, zeker in de nationale politiek, onevenredig veel macht. Onevenredig, omdat het grootste deel van de Israëli's zich als niet-religieus beschouwt.

In Ra'anana heeft 'religieus-rechts' vier van de negentien raadszetels in handen. Loco-burgemeester Zvi Kenig van de Nationale Religieuze Partij (NRP) gaat er prat op dat hij de stad aan veel religieuze scholen heeft geholpen. Voor het eerst neemt in Ra'anana de Shas-partij aan de verkiezingen deel. NRP en Shas behoren tot de rechterflank van de regeringscoalitie van premier Benjamin Netanyahu. Vooral Shas zal het volgens peilingen goed doen bij de komende plaatselijke verkiezingen.

Bar-Tal voorspelt in alle ernst dat '110 procent van de haredim' in haar gemeente een stem uitbrengt. 110 procent? Bar-Tal: 'Jazeker, in ultra-orthodoxe kringen worden de persoonsbewijzen van overledenen bewaard. Bij verkiezingen worden ze gebruikt, of liever: misbruikt.' Fraude dus, een verschijnsel dat onder ultra-orthodoxen veel voorkomt, blijkens een reeks artikelen in de linkse krant Ha'aretz.

Zo geven religieuze opleidingen valse (want veel te hoge) aantallen studenten op, om maar zoveel mogelijk financiële steun van de overheid in de wacht te slepen. Het is mede aan die praktijk te wijten dat je in Israël zeer negatieve oordelen hoort over de (ultra-)orthodoxen. 'Ze betalen geen belasting, weigeren hun kinderen naar het leger te sturen, maar houden wel de hand op bij de overheid', is een veelgehoord verwijt, niet zelden gevolgd door het woord: 'Parasieten.'

De spanning tussen het religieuze en het niet-religieuze deel van de bevolking staat volgens opiniepeilingen bovenaan de lijst van sociale problemen. Pas daarna komen vraagstukken als de kloof tussen arm en rijk, tussen rechts en links, tussen immigranten van verschillende herkomst. Uit een enkel onderzoek blijkt dat Israëli's de problemen tussen (ultra-) orthodoxen en de overige bevolking zelfs als een groter gevaar zien voor het voortbestaan van het land dan een falend vredesproces in het Midden-Oosten.

DE SITUATIE wordt vaak aangeduid als Kulturkampf. Zo ook in Ra'anana. 'Als inwoners moeite hebben met de bouw van een synagoge in hun wijk, kan die beter op een andere plek komen te staan. We moeten een Kulturkampf vermijden', zei burgemeesterskandidaat Yossi Olmert in een reactie op de campagne van Bar-Tal.

'Ultra-orthodoxen zijn ook mensen. 'Leven en laten leven' is mijn devies', zegt rabbijn Weiss, de gematigdheid zelve zolang hij niet spreekt over Bar-Tal. Dan spuwt hij vuur. 'Kijk', zegt hij, wijzend op een foto in een plaatselijke krant. Bar-Tal zit bedroefd bij verkiezingsposters die door onbekenden zijn vernield. 'Ze poseert als slachtoffer. Het doet me denken aan de cynische grap over een jongen die zijn ouders vermoordt en daarna klaagt dat hij weeskind is.'

Bar-Tal en Weiss woonden jaren in de Verenigde Staten. Het optreden van Bar-Tal herinnert de rabbijn aan pogingen van blanken in een Amerikaanse stad om zwarten als buren te weren. De wethouder verwerpt die vergelijking: 'Ik zeg tegen ultra-orthodoxen: waarom ga je niet in Jeruzalem wonen, of in Bnei Brak, waar je je eigen voorzieningen hebt en omringd bent door gelijkgezinden? Dat is geen discriminatie.'

De ironie wil dat Weiss en Bar-Tal zeggen hetzelfde doel na te streven: het vreedzaam samenleven van religieuze en niet-religieuze bevolkingsgroepen in Ra'anana. Voor Weiss vormt de 'opruiende taal' van Bar-Tal de grootste bedreiging. Voor Bar-Tal 'de veel te liberale houding' van mensen als Weiss tegenover ultra-orthodoxen, die zelf allerminst tolerant zijn. Die straks bepalen wanneer inwoners van Ra'anana naar de bowling en de bioscoop kunnen gaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden