Haar verschijning doet aan een orchidee denken

Oog voor detail

Je gaat het pas zien als je het doorhebt.* Wieteke van Zeil over opmerkelijke en veelbetekenende bijzaken in de beeldende kunst. Deze week: dans.

Henri de Toulouse-Lautrec Loïe Fuller. 1893; kleurenlithografie op velijnpapier; 38 x 27,8 cm Foto Collectie Van Gogh Museum

Een van de mooiste dingen van de art nouveau is dat als je voor een object of gebouw uit die periode staat, je soms echt het gevoel kunt hebben dat het zijn vleugels uitslaat en wegvliegt. Deurlijsten, glasdecoraties, trapleuningen, in Brussel en Parijs kun je zo maar het idee krijgen dat je in een boek bent beland waar alle dingen leven en bewegen. Waar glaskoepels lijken te zijn gegroeid als een volle struik of een kast met libellenvleugels is neergedaald. Dat is voor mij ook de aantrekkingskracht van de art-nouveausieraden: dat ze net lijken te zijn neergedwarreld op je revers of in je haar, als een esdoornpropellertje.

Beweging, en dan vooral beweging die voortkomt uit groei of bloei; dat een kunststijl dat gevoel consequent kan oproepen, en ook nog in zo'n beetje alle creatieve disciplines die er zijn, tot letters en ijzerwerk aan toe, daar kan ik nog steeds heel blij van worden.

Toen ik deze prent voor het eerst zag, had ik geen idee waar ik naar keek maar het gaf wel diezelfde indruk van beweging en bloei. Het is nogal abstract en voor een werk dat tot de art nouveau behoort behoorlijk sober. Vooral aangezien het een portret is. Drie kleuren (in totaal vijf) en een paar simpele vlakken had Toulouse-Lautrec nodig om iemand te verbeelden die iedereen in zijn tijd meteen herkende.

Haar gezicht is niet meer dan een vlek waarin twee strepen een mond en ogen suggereren. Haar verschijning doet aan een orchidee denken. Die simpele 8-vorm naast haar gezicht roept beweging op; een zwierende orchidee.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Klik op de afbeelding om in te zoomen.

Foto Collectie Van Gogh Museum Amsterdam

Loïe Fuller was de menselijke verschijning van de art nouveau. Ze maakte zichzelf tot de organische, sierlijke vorm die de stijl zo kenmerkt. Levend en toch abstract. Er is geen gezichtskenmerk te zien, ze moest haar beroemdheid hebben van de hele verschijning. Fuller was danseres en ontwikkelde een manier om met grote zijden gewaden te dansen alsof er een orchidee in de wind deint. Ze was wereldberoemd, trad veel op in de Folies Bergère en werd door meerdere kunstenaars in haar tijd uitgebeeld. Ze had ook elektrische, gekleurde lichteffecten uitgevonden (en er octrooi op) waarmee de gewaden constant van kleur leken te wisselen - iets wat Toulouse-Lautrec subtiel vertaalde naar zijn kleurdrukken, die allemaal een beetje verschillen door nabehandeling met zilver- en goudstof. Het is een autonome druk, geen theateraffiche dus, die voor verzamelaars in beperkte oplage werd gemaakt, en bij deze heeft Loïe een lavendel en geelgoud licht op haar 'vleugels'. Wat mooi is: Lautrec laat haar echt vliegen. Ze komt los van de grond, die schuin is. Door de crachis-techniek - een spettertechniek, een beetje als de ecoline die ik op school met tandenborstels en zeef op papier spetterde - zijn alle vlakken zacht en ontstaat er een soort kosmisch effect, alsof ze in een sterrennacht danst.

Henri de Toulouse-Lautrec

Loïe Fuller

1893; kleurenlithografie op velijnpapier; 38 x 27,8 cm Van Gogh Museum Amsterdam

www.detailsofart.com

Loïes hoofd verdwijnt in die dans: kijk maar op YouTube. Gelukkig staan daar films van haar en haar dans uit 1895 en 1897. Het is geweldig modern om te zien. Precies zo laat Toulouse-Lautrec op dit portret Loïes hoofd verdwijnen. Haar transformatie naar een groeiend, bewegend en betoverend art-nouveaukunstwerk; dat zette hij neer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.