Haar obsessie is het pure genot

ZE SCHRIJFT over neuken, rollebollen, kezen, pompen, stoten, wippen, joekelen, pijpen, geilen, rampetampen en bonken. Het gaat over partouzes, toevallige ontmoetingen, triootjes en andere vormen van seks, nummertjes maken en passie....

Sinds enkele weken is La vie sexuelle de Catherine M. van Catherine Millet het meest besproken en best verkochte boek in Frankrijk. Haar boek verschijnt in het najaar in Nederlandse vertaling bij De Bezige Bij. Het is het relaas van M., de schrijfster als hoofdpersonage van haar boek, een met distantie en gedetailleerd geschreven verslag van haar seksuele appetijt en voorkeuren. Er gingen al tweehonderdduizend exemplaren over de toonbank, het boek staat in alle vitrines van de Franse stationskiosken, het is een zomerbestseller.

Maar het is ook al uit de schappen gehaald, in de vestigingen van het grootwinkelbedrijf Auchan, omdat het volgens de warenhuisdirectie aanstootgevend is en verderfelijk. De geschiedenis van het seksuele leven van M. is, zoals elke chronique scandaleuse, onderwerp van verhitte discussies in kranten en tijdschriften. De obsessionele manier waarop Millet het seksleven beschrijft van M., heeft preutse en truttige Fransen, die zoveel openhartigheid niet kunnen verdragen, gechoqueerd. Na de rel die in Frankrijk is losgebarsten over de verfilming van de roman Baise-moi (neuk mij) van Virginie Despentes, bestrijden de Franse moraalridders nu massaal de recht-toe-recht-aan geschreven bekentenissen van Millet.

In Despentes' boek, uitgegeven bij het gerenommeerde Grasset, wordt de lezer al vanaf de eerste pagina bevangen door een onbehaaglijk gevoel. Het klinkt allemaal grof en voos, de manier waarop een dronken Nadine zich bevredigt terwijl ze naar een afschuwelijke pornofilm kijkt, de lallende types die zich vervelen. Het houdt niet op, pisse tout ce que tu sais, ruige plasseks, vingeren en kittelen, snuiven en zuipen. Er vallen ook doden. De film werd verboden, Despentes werd verguisd. Kon dit nog wel? Haar roman, schreven sommige critici, was een samenraapsel van vunzigheden. Dit was geen kunst meer maar pornografie. De lezer werd genaaid. Het ging uitsluitend over seks en geweld.

Het boek van Millet is een totaal ander verhaal. Ze beschrijft op een minutieuze manier haar zoektochten naar seksueel genot, het bestijgen en het eroverheen gaan, het kreunen en het klaarkomen. Ze schrijft over M.'s eerste ervaringen, haar ontmaagding en haar latere belevenissen in seksclubs, over de manier waarop ze gestreeld wordt, over de pikken die ze in duistere alkoven vastgrijpt en in de mond neemt, over tientallen mannen, ook anonieme partners, en over de plekken die haar fantasieën en verlangens prikkelen.

Catherine Millet is hoofdredactrice van het toonaangevende kunsttijdschrift Art Press. Ze schreef boeken over Yves Klein en Roger Tallon, over de kritiek en de hedendaagse Franse kunst. Ze heeft een scherpe pen en een geoefend oog voor details. Haar boek is geen bespiegeling. Ze schrijft over het seksleven van M. zoals ze over kunst schrijft, zakelijk en precies. Het is geen pornografisch boek, het gaat over erotiek. Trefzeker en zonder poespas ontrafelt ze het leven van de naar seksueel genot verlangende M., hoe en waar, wanneer en met wie. Het is geen dagboek, ze hanteert geen chronologie; het is een nuchter verslag in vier hoofdstukken over gewaarwordingen en tintelingen, over de ogen die haar bespieden en de rituelen van het vrijen. Ze verkent het plezier, ook op videotapes, ze botaniseert. Millet speurt naar de verschillen en de gelijkenissen van de erotische roes die door zoveel prikkelende sensaties en onthutsende ervaringen wordt opgewekt.

Ze fragmenteert het lichaam. Wanneer iemand zichzelf tekent, zegt Millet, op het papier een naaktportret maakt van het eigen lichaam, dan levert dat een buitenissige galerie van monsters op, met uitvergrotingen van lichaamsdelen, een gezicht of een torso, een penis of een vagina, borsten of dijen.

Ze herinnert zich Claude die haar gezicht verschrikkelijk vond, mais quel cul, 'wat een kont'. Of Jacques die haar op allerlei manieren penetreerde. Ze citeert haar sekskompanen, hun kreten en hun gefluister tijdens het vrijen. Oh, Catherine! Ton cul, ton cul. Her en der brengt ze hulpmiddelen ter sprake, ook onbenulligheden zoals het schijnsel van een zaklantaarn of een doorzichtige jurk, ze sprokkelt suggesties bij elkaar die het genot kunnen verhevigen. Het boek is een repertorium van alle mogelijke en gevarieerde standjes.

Wie is M., kun je het personage vereenzelvigen met de schrijfster? Is het open en bloot Millet? Haar vriend Jacques Henric, schrijver en medewerker van Art Press, publiceerde bij een andere uitgever Légendes de Catherine M., een boek waarin hij aan de hand van foto's en commentaren het lichaam van zijn vrouw verkent. Al ruim dertig jaar fotografeert Henric het naakte lichaam van Catherine M., snapshots uit het leven van zijn partner. Hij noemt het album 'legenden', ook al staat er onder de titel van het boek récit, 'relaas'. Zijn boek is een soort bespiegelende pendant van La vie sexuelle de Catherine M., een persoonlijk en filosofisch getint verhaal bij weinig verhullende foto's van Catherine.

Hij schrijft over die zaterdag 14 augustus 1999, in het grensstation van Port-Bou, waar Catherine zich laat fotograferen. Ze knoopt haar kleed open, ze draagt geen slipje en ook geen bh; ze staat op het perron en loopt vervolgens haar vriend tegemoet. Noch hij noch zij bekommert zich om de blikken van de passagiers in de treinen. Het geroezemoes horen ze niet, ze gaan totaal op in hun exhibitionistische vertoning.

De foto's roepen bij hem herinneringen op aan reizen, aan boeken die hij heeft gelezen en geschreven, aan schrijversanekdotes en uitspraken van filosofen. Gekleed is ze een gewone vrouw, schrijft Henric, een petit bout de bonne femme, maar naakt is ze een zelfzekere en sensuele vrouw. Een monument. Henric verbaast zich over al die egodocumenten, dagboeken en correspondenties, waarin schrijvers vertellen over hun besognes, hun werk, hun slapeloosheid en al hun pietluttigheden, maar waarin je nooit iets leest over de vrouwen die ze hebben gekend, over de neukpartijen en de verleidingen waaraan ze niet konden weerstaan. Dan gaat de deur dicht, mijmert Henric, dat schrijf je niet op, het zijn slaapkamergeheimen, dat hoort niet.

Millet en Henric waren op de Franse televisie, in het boekenprogramma Bouillon de Culture bij Bernard Pivot, deels gepresenteerd bij een schilderij van een vrouwelijk geslachtsdeel. Men herinnere zich de al even memorabele uitzending van Apostrophes waar, vijftien jaar geleden, bij Pivot een gesluierde Jeanne de Berg te gast was, vrouw van een beroemd Frans auteur en schrijfster van het onthullende Cérémonies de femmes (Grasset). De Berg schreef over sm-clubs in New York, over toevallige en vluchtige sekscontacten langs de Seine, over de scabreuze en wellustige zoektochten van de schrijfster naar vleselijk genot en plezier. Ze verborg haar gezicht achter een voile, ze wilde niet gekend of herkend worden.

Die gereserveerdheid of pudeur lijkt nu uit de tijd. Je kunt, of beter je moet als het ware, jezelf blootgeven. Schroom is blijkbaar ongepast.

Ook wanneer je een filosofisch werk schrijft, zoals Michel Onfray in zijn recente Théorie du corps amoureux (Grasset), breng je in het boek heel expliciet jezelf ter sprake. Je hebt het niet alleen meer over Sappho, Diogenes of Epicurus, maar ook over je eigen seksuele geaardheid, over de pedofielen van het weeshuis waar je bent opgegroeid, of over het eerste meisje waarmee je op nog zeer jeugdige leeftijd naar bed ging. De bekentenisliteratuur is openhartiger; de lezer wordt een voyeur die alles te zien krijgt, de schrijver laat zich ongegeneerd zien.

Het lijkt wel een hype in Frankrijk. De schrijfster Christine Angot publiceerde in 1998 Sujet Angot (Fayard), een boek waarin ze haar man aan het woord laat. Ze zijn uit elkaar. Het boek is opgedragen aan hun dochtertje Léonore, een personage uit de roman. Angot schrijft over Angot, haar credo luidt: s'écrire, 'schrijven over jezelf', je privé-leven notuleren. Ze schrijft over alles, waarheidsgetrouw, ook over seks of, zoals in L'inceste (Stock), over homoseksualiteit en incest. Dat doet ze zonder schaamte, recht voor z'n raap.

Camille Laurens schreef Dans ces bras-là (P.O.L.) over alle mannen uit haar leven, of liever, alle mannen uit het leven van het romanpersonage. Ze heeft het over haar uitgever, haar vader, haar echtgenoot, haar grootvader, haar minnaar, haar dokter, haar eerste liefde, zelfs over de mannen die haar boek lezen. Ze komen er allemaal in voor, ze worden in de roman 'uitgekleed'. Ze had een titel, Carnet de bal, ze gaat op een dansfeest van partner naar partner, maar de uitgever gaf de voorkeur aan de meer expliciete verwijzing naar mannenarmen.

Is het allemaal vivisectie? Of een literaire vorm van 'lichaamskunst', waarin de schrijver of de kunstenaar zich uitdrukkelijk en soms ook schaamteloos manifesteert? Millet is critica, ze kent het werk van beeldende kunstenaars die het lichaam 'sonderen en transformeren': de reassemblage van het gezicht van Orlan, waarbij haar gelaat door plastisch chirurgen wordt gemodelleerd naar historische personages uit de kunstgeschiedenis, of de bekende video Bouncing balls waarin Bruce Nauman in close-up met zijn ballen speelt.

La vie sexuelle de Catherine M. is geen pornografisch boek. Millet huldigt het libertijnse gedachtengoed, het werk van een De Sade, een Casanova of een Restif de la Bretonne. Seks is een lichaamstaal, het is kunst. Genot is geen surrogaat, maar een doel. Waarom zou je dat niet nastreven? Ook Onfray verdedigt het hedonisme. 'Geniet met volle teugen van het leven.' Vrijheid, blijheid.

Ze schrijft op een laconieke manier over het seksleven van haar hoofdpersonage. Haar toon en haar stijl zijn niet 'houellebecqiaans'. Geen zwartgalligheid, geen cynisme. De negativiteit, waarvan het werk van een successchrijver als Michel Houellebecq meestal doortrokken is, ontbreekt.

In het zomernummer van het Franse boekentijdschrift Lire staat een heel mooie omschrijving van het neologisme 'houellebecquien': het woord verwijst naar orgieën met lelijke mannen en lelijke vrouwen, naar de uitgebluste vrijgezel die in zijn appartementje sardines uit een doosje eet met een verkruimeld beschuitje. De M. van Millet is niet op zoek naar zulke types. Haar obsessie is het pure genot.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden