Interview Moeder van Angela B.

Haar kleindochter van 3 overleed in Syrië. ‘Nu is het Soumaya, maar er zitten nog 65 kinderen met hun moeders in de kampen’

Op televisie zag ze hoe de bommen neerdaalden op het laatste IS-bolwerk in Syrië, waar haar dochter Angela B. met haar twee kinderen verbleef. Afgelopen week hoorde dat ze haar kleindochter Soumaya, drieënhalf jaar oud, is overleden. Daarom wil Dores haar verhaal doen. 

In Syrië is een kind van een Nederlandse Syriëganger overleden. Het gaat om Soumaya, een dochtertje van Angela B. die in 2014 als 19-jarige vertrok uit Soesterberg. Beeld Alexandra España

‘Ik heb pas sinds de laatste twee weken echt het gevoel gehad dat ik een oma ben’, zegt de Portugees-Nederlandse Dores. ‘Eindelijk had ik het idee dat ik iets kon betekenen voor mijn kleinkind, dat ik nooit heb vastgehouden en alleen van foto’s en video’s ken.’

En nu is dat kleinkind dood, als gevolg van een zware hoofdwond die het opliep bij bombardementen op het laatste IS-bolwerk Baghouz. Soumaya heette ze. Een peuter van drieënhalf jaar oud, bezweken aan een bomscherf die haar hersens was binnengedrongen. Vorige week donderdagnacht overleed ze in het Al Hayat-ziekenhuis in de stad Al-Hasakah in het oosten van Syrië. Aan haar ziekenhuisbed stond de Syriëganger Angela (23), Dores’ dochter en de moeder van Soumaya.

Aangedaan en bedeesd pratend zit Dores 24 uur later aan de eettafel in een appartement in een dorp in het midden van het land. Dores’ andere dochter Sophie is ook aangeschoven voor het gesprek. Op de tafel staat een foto van de laatste vakantie van Dores met haar twee dochters. Vrolijk met zijn drieën in bikini aan het strand. De foto is genomen in de zomer van 2013, een jaar voordat Angela zonder afscheid te nemen naar Syrië vertrok.

Het contrast met de foto’s die Dores afgelopen week kreeg kan haast niet groter. Op één foto – genomen in het Al Hayat-ziekenhuis – kijkt Soumaya met een strak aangetrokken zuurstofmaskertje op recht in de camera. De andere foto, die Dores een klein etmaal terug binnenkreeg, toont Soumaya kort na haar overlijden. Gesloten oogleden met lange zwarte wimpertjes, op het kaalgeschoren hoofd is het kleine wondje te zien waar de bomscherf binnendrong.

Wekenlang had Dores niets vernomen van Angela, Soumaya en haar andere kleinkind, de 2-jarige Hamid. Ondertussen zag Dores op tv hoe een onophoudelijke bommenregen van Koerdische en Amerikaanse strijdgroepen neerviel op Baghouz, waar Angela en de kleinkinderen verbleven.

‘Dat was zenuwslopend. Elke dag verwachtte ik het bericht dat ze overleden waren. Totdat ik twee weken geleden telefoon kreeg. De stem van Angela. In paniek, wanhopig. Soumaya zou er slecht aan toe zijn. Tijdens een bombardement hadden ze in een tent onder de grond geschuild. Er was een grote inslag. Dat zijn die kinderen daar de afgelopen jaren wel gewend geraakt, maar dit was er een met veel rook en opwaaiend stof. Soumaya was nieuwsgierig, zoals veel kinderen van 3 jaar, en wilde kijken, Angela probeerde haar nog tegen te houden. Maar precies op dat moment vloog die bomscherf dus haar hoofd in.’

Angela heeft haar dochter van het ziekenhuis meegekregen om te begraven in het Koerdische vluchtelingenkamp Al Hol, de plek die duizenden IS-vrouwen en hun kinderen hun voorlopig thuis moeten noemen. In dit overvolle  kamp is ook het kind begraven van de Nederlandse Syriëganger Yago R. uit Arnhem. Het drie weken oude jongetje overleed begin maart aan de gevolgen van een longontsteking.

Waarom wilt u het verhaal van Soumaya vertellen?

‘Nu is het Soumaya, maar er zijn nog 65 kinderen die met hun moeders in de kampen van de Koerden zitten. Als we niets doen gaan er nog meer dood. In Nederland staan hulpverleners van de Kinderbescherming al maanden klaar om de kinderen op te vangen. Ze wachten op groen licht van de regering. Ik heb de laatste jaren intensief contact met ouders wier kinderen ook zijn uitgereisd. We hebben met bijna iedereen in Den Haag gesproken. Allemaal zeggen ze: ‘Goh, zijn jullie nu de ouders.’ Ze verbazen zich over hoe gewoon we zijn en zeggen dat ze met ons meevoelen. Maar ze doen niets. Wij weten: het enige wat hun nu in beweging kan brengen is emotie over kinderen die er niets aan kunnen doen dat ze in zo’n verschrikkelijke situatie terecht zijn gekomen.’

Een verhaal over Soumaya kan niet zonder het verhaal over Angela. Hoe kan het dat een Portugees-Nederlands meisje zonder islamitische achtergrond een lommerrijk dorp verruilt voor het kalifaat?

‘Angela was 11 toen ze vertelde dat ze moslim was geworden. Ze had op school Marokkaanse vriendinnen en vond de verbroedering in hun geloof mooi. Af en toe bezocht ze de moskee, varkensvlees wilde ze niet meer eten.

‘Ik dacht, dat waait wel weer over. Maar toen ze 18 was, begonnen we ons wel zorgen te maken. Ze had tegenslagen. Het ging uit met haar vriendje, op school ging het slecht. Bij een ‘zustergroep’ van moslima’s vond ze steun en rust. Toen begon ze zich ook steeds meer te bedekken, totdat ze volledig gesluierd was.’

‘Ze keek ook naar filmpjes uit Syrië’, zegt Sophie die altijd erg tegen haar mooie, negen jaar oudere zus opkeek. ‘Beelden van kinderen onder ingestorte gebouwen. Al je zonden zouden je worden vergeven als je zou gaan helpen in het kalifaat, vertelde ze. Het leek haar ook fijn dat ze in een islamitische staat niet meer gek zou worden aangekeken op haar geloof.’

Toen steeds duidelijker werd dat Angela van plan was om naar het kalifaat af te reizen, heeft Dores haar nog gesmeekt om niet weg te gaan. Ook de plaatselijke politie heeft haar het idee uit het hoofd proberen te praten. In augustus 2014, toen Dores en haar dochter Sophie voor een korte vakantie in België verbleven, zag Angela haar kans schoon en pakte haar koffers.

De eerstvolgende keer dat Angela van zich liet horen zat ze in Raqqa, destijds de onofficiële hoofdstad van IS. Daar werd ze opgewacht door de man die ze via internet had leren kennen: de knappe Fábio P., een Portugees-Angolese jongen die in Londen een veelbelovende voetbalcarrière had opgegeven om op te klimmen in de rangen van IS. Fabio, die dezelfde voetbalopleiding doorliep als voetbalster Cristiano Ronaldo, wordt er onder meer van verdacht een belangrijke rol gespeeld te hebben bij de mediatak van IS, Al-Furqan Media, waarvoor hij onthutsende executievideo’s zou hebben geproduceerd. Zoals de beruchte ‘verbrandingsvideo’ van een gevangengenomen Jordaanse piloot.

Terwijl Fábio de pr-terreur van IS vooruit hielp, liet Angela in september 2014 – een maand na haar vertrek – aan De Telegraaf weten dat het leven in het kalifaat haar uitstekend beviel. ‘We worden als prinsessen behandeld’, zei ze. ‘Ik kom nooit meer terug, al bieden ze mij een miljoen aan.’ Ook in een gesprek dat Angela een half jaar later had met De Telegraaf, in april 2015, was ze onverminderd enthousiast over haar nieuwe bestaan. Ze zou er zelfs een ‘soort uitkering’ ontvangen van IS. ‘Het voordeel hier is natuurlijk dat we geen rekeningen, belastingen, verzekeringen, etc. hebben.’

Volgens Dores was Angela’s leven in het kalifaat veel minder rooskleurig dan ze het in de krant deed voorkomen. Ze verveelde zich omdat ze als vrouw de hele tijd binnenshuis moest blijven. Ook was ze ontevreden over het feit dat ze Fábio met drie andere echtgenotes moest delen. ‘Dat had hij er van tevoren even niet bij verteld’, aldus Dores.

Kort na haar aankomst in IS-gebied probeerde Angela alweer weg te komen, zo blijkt uit berichten – ingezien door de Volkskrant – die ze aan Dores stuurde. Dores: ‘Dat was in het begin van 2015. Angela was net vijf maanden zwanger van Soumaya. Ze had zelf het Nederlands consulaat in Istanbul ingelicht en gezegd dat ze naar Turkije zou vluchten. Ik werd vervolgens door een diplomaat gebeld. Of het klopte dat ik een dochter in Raqqa had. Zij stonden bij de grens klaar om haar op te vangen, maar ze kwam niet opdagen. Daarna kon ik een tijd geen contact krijgen met Angela.’

Dores kijkt naar haar jongste dochter. ‘Ja Sophie, dit is naar voor jou om te horen. Maar ik kreeg dus van een andere ouder door dat Angela tijdens haar vluchtpoging was onderschept en flink was gestraft. Zo erg dat ze geen telefoon vast kon houden. Vanaf dat moment werd ze bewaakt, vertelde Angela. Als haar man weg was, controleerden andere vrouwen geregeld of ze nog thuis was.

‘Uiteindelijk is ze in haar leven in het kalifaat gaan berusten. Ze probeerde er het beste van te maken. Kookte veel, en was met de kindjes. Ze zei ook dat Fabio een goede man was en een goede vader.’

Doet ze zich niet onschuldiger voor dan ze is? Ze zat in Raqqa, de plek waar mensen werden onthoofd, handen werden afgehakt, en waar buitenlandse IS-strijders yezidi’s als slaaf hielden.

‘Daar vertelde Angela nooit over. Volgens mij wilde ze mij zo veel mogelijk beschermen, zolang ze daar zat. Zelfs toen ze in Baghouz zat vertelde ze mij dat het goed ging, terwijl ik via andere ouders hoorde dat mensen daar een gebrek aan alles hadden en uit honger zelfs gras aten. Angela zei tegen mij dat ze genoeg te eten had. Maar ik zag wel aan de foto’s dat de kinderen ondervoed waren.’

Bent u niet woedend op haar, dat ze zich in deze hel heeft begeven en er zelfs kinderen kreeg?

‘Ik denk dat echte boosheid pas komt als ze terug is. Nu overheersen vooral verdriet en wanhoop. Als ouders van Syriëgangers stellen we onderling weleens de vraag wat je als eerste doet als je je kind terugziet: geef je ze eerst een klap of een omhelzing? De meesten zeggen toch eerst een omhelzing te geven, en daarna een klap.’

Sophie vult aan: ‘Ik was de afgelopen jaren ook weleens boos. Maar dat wil ik eigenlijk niet. Stel je voor dat ze omkomt op een moment dat je nog erg boos op haar bent.’

Anderhalf jaar geleden werd Angela weduwe. Fábio raakte vermist, vermoedelijk kwam hij om bij een drone-bombardement. Onder het puin werd alleen nog zijn horloge en een rugtas teruggevonden. Dores heeft Fabió’s familie in Portugal moeten bellen om hen op de hoogte te brengen van de vermissing van hun zoon. Daarna trouwde Angela met een andere Portugese IS’er, een vriend van Fabio. Met hem en haar twee jonge kinderen reisde ze door het almaar slinkende IS-kalifaat dat werd teruggebombardeerd tot een paar vierkante kilometer in de Syrische woestijn.

Terug naar de afgelopen weken. Wat is er nog gedaan om Soumaya te redden?

‘Na het bombardement in Baghouz heeft Angela zich overgegeven aan de Koerden. Angela heeft hun gesmeekt om hulp voor Soumaya. Toen Soumaya verlammingsverschijnselen kreeg, zijn ze opgehaald door een ambulance. Angela mocht mee naar ziekenhuis, Hamid bleef achter in het kamp Al Hol. Angela dacht toen nog: die wond is klein, ze halen de scherf eruit en dan gaat Soumaya weer mee terug naar Al Hol. Maar in het ziekenhuis zeiden ze dat Soumaya langer moest blijven. Vorige week donderdag heeft Angela me de hele dag door geappt. Het ging niet goed met Soumaya, ze had heel veel pijn. De doktoren zeiden dat ze niet gingen opereren, als ze het al zou overleven zou ze ernstig gehandicapt zijn. Vijf minuten later appte ze dat Soumaya was overleden. Angela noemde Soumaya een zacht kind dat moest leven in een harde wereld.’

Veel mensen in Nederland zullen zeggen: als Angela tot het allerlaatst in Baghouz is gebleven, dan is ze waarschijnlijk een enorme hardliner die te gevaarlijk is om te repatriëren.

‘Ik zeg ook zeker niet dat ze zo de maatschappij in kan. Ze heeft vierenhalf jaar in dat gebied geleefd, ze zal zichzelf daar zijn kwijtgeraakt in het gedachtengoed van IS. Ze zal veel hulp nodig hebben om daar afstand van te nemen. Ze weet ook dat ze waarschijnlijk een paar jaar de gevangenis in zal moeten en daar heeft ze vrede mee. Eenmaal achter slot en grendel zal ook beoordeeld kunnen worden of ze gevaarlijk is.’

In de Tweede Kamer probeert de PvdA nu om in elk geval kinderen onder de 10 jaar oud naar Nederland te halen. Zou dat voor uw andere kleinkind Hamid een oplossing zijn?

‘Ik denk niet dat Angela hem nu laat gaan, zeker nu ze net haar andere kind heeft verloren. Het lijkt me ook heel erg slecht voor een kind van twee dat al getraumatiseerd is om na de dood van zijn vader en zusje ook nog bij zijn moeder weggerukt te worden.’

De namen van Dores, Hamid en Sophie zijn op hun verzoek gefingeerd om hun privacy te beschermen.

Ouders Syriëgangers richten stichting op om overheid tot repatriëring te dwingen

De ouders van Nederlandse Syriëgangers richten gezamenlijk een stichting op met als doel hun kinderen en kleinkinderen naar Nederland te krijgen. Een van de opties is om de Nederlandse staat via een juridisch proces tot repatriëring te dwingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.