Haagse Haantjes

De concurrentie in Den Haag is groot. Elke minister of staatssecretaris wil met zijn eigen quote op televisie. Succesjes worden voor elkaars neus weggekaapt. Het leidt tot bizarre taferelen. ‘Hier met die spotlight!’

‘Ladies and gentlemen! Vandaag komen alweer twee ministers ons congres toespreken!’, roept de gastvrouw op het podium in het Scheveningse Kurhaus enthousiast door de microfoon. ‘Dit heb ik werkelijk nog nooit meegemaakt!

‘Gisteren waren er ook al drie bewindspersonen, dit kan alleen maar betekenen dat de Nederlandse regering het het uitbannen van geweld tegen meisjes hoog op de agenda heeft staan!’

De vraag is of dat echt zo is. Of dat er andere, politieke en persoonlijke belangen meespelen die het hoge aantal aanwezige ministers verklaren. Een bizarre vertoning was het in ieder geval wel, vorige week in het Kurhaus.

Terwijl de kredietcrisis Nederland steeds steviger in haar greep krijgt, massaontslagen dreigen en Haagse politici al dagen tot diep in de nacht discussiëren over te nemen maatregelen, is bijna eenderde van de ministers aanwezig bij een internationaal congres over geweld tegen meisjes.

Hoewel niemand tegen het thema van het congres kan zijn – en het mishandelen of verminken van jonge, onschuldige meisjes in Afrika en Azië zonder enige twijfel de aandacht verdient van de Nederlandse regering – rijst toch de vraag of vijf bewindslieden en zes ministeries niet wat veel is.

‘Hebben ze niets beters te doen?’, werd zachtjes gefluisterd in de wandelgangen van de Tweede Kamer. Of: ‘Gunnen ze elkaar het licht in de ogen niet om zich te profileren met een onderwerp dat op vrijwel onmiddellijke sympathie van de kiezer kan rekenen?’

Fenomeen
Het is een fenomeen dat steeds vaker voorkomt in politiek Den Haag: concurrentie onder bewindspersonen. Elke minister of staatssecretaris wil met zijn eigen quote op televisie of in de krant. Naar congressen of persconferenties stuurt het kabinet al lang niet meer één afgevaardigde, maar komen gerust vijf bewindslieden opdraven.

Het congres in het Kurhaus was zeker geen incident. In dezelfde week bezochten maar liefst vier bewindslieden een conferentie over ‘werkende gezinnen’, onder wie minister Plasterk en staatssecretaris Dijksma, die voor hetzelfde ministerie werken (OCW). De profileringsdrang is groot. En passant worden succesjes voor elkaars neus weggekaapt. Het leidt tot bizarre en soms komische taferelen.

Zo reizen ministers Van Middelkoop (Defensie), Verhagen (Buitenlandse Zaken ) en Koenders (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA) niet alleen regelmatig met elkaar de wereld over, op weg naar Afghanistan of Soedan, maar vliegen ze elkaar ook regelmatig in de haren. De rivalen zijn niet te beroerd om een succesje weg te kapen van een collega.

Zo trommelde Van Middelkoop vorig voorjaar de pers op om trots bekend te maken dat hij alle clusterbommen zou afschaffen. In werkelijkheid waren het Nederlandse diplomaten geweest die, tijdens een internationale conferentie, tegenstribbelende militairen in hun delegatie over de streep hadden getrokken. Dat gebeurde toen het ene na het andere westerse land het omstreden wapen in de ban wilden doen.

Verhagen en Van Middelkoop kwamen elkaar kort daarop tegen. Verhagen: ‘Zo, je was er snel bij’. Van Middelkoop: ‘Ja, jij was ver weg’. Verhagen reisde door Israël en de Palestijnse gebieden toen Van Middelkoop ‘zijn’ succes meldde.

Andere bewindslieden kunnen er ook wat van. Staatssecretaris Tineke Huizinga (Verkeer en Waterstaat, ChristenUnie) moest beteuterd toekijken hoe premier Balkenende (CDA) afgelopen najaar de hele discussie rondom ‘de strijd tegen het wassende water’, ofwel de waterbestendigheid van Nederland naar zich toetrok.

Huizinga had in het najaar van 2007 haar Watervisie (wat te doen als de dijken over honderd jaar breken?) gepresenteerd, maar bijna niemand had belangstelling voor het rapport. Toen de premier een jaar later een rapport over hetzelfde onderwerp presenteerde op het Catshuis, stroomden journalisten massaal toe en kwam hij live op televisie.

‘Bewindslieden dringen veel vaker dan vroeger op de voorgrond om hun achterban tevreden te houden’, zegt Jouke de Vries, hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. ‘Beeldvorming is belangrijker geworden. Media vormen vaak nog de enige manier voor politici om in de huiskamer van kiezers te komen. Ze ontkennen vaak dat ze zichzelf daarom zo profileren, maar ze doen het wel.’

Vroeger deden alleen Kamerleden dat, en waren bewindspersonen eerder geneigd zaken te depolitiseren, denkt de Leidse hoogleraar. ‘Maar sinds de revolte van Pim Fortuyn zie je dat bestuurders zich ook permanent politiek gedragen.’

Rust?
Met het oog op de verkiezingen is het van belang dat ze in het nieuws blijven. De Vries: ‘Vroeger begon die drang pas zo’n twee jaar voor de verkiezingen, nu begint het eigenlijk al direct na hun aantreden.’ Gevolg? ‘De rust is uit het politieke systeem.’

De kredietcrisis speelt ook een rol bij het profileringsgedrag van bewindslieden, zegt De Vries. Diegene die nu als beste leider uit de bus komt, kan straks electoraal succes verwachten.

Het optreden van Bos en Balkenende rondom de nationalisatie van Fortis is daarvan een voorbeeld. Terwijl de minister van Financiën op zondag 29 september vorig jaar heroïsch de kleine spaarder redde, was de premier in geen velden of wegen te kennen.

Vlug vroeg het CDA om een spoeddebat in de Kamer over De Crisis. Waarom? Zodat hun premier óók zijn gezicht kon laten zien. ‘Dus als een duveltje uit een doosje kwam het CDA met dat spoeddebat’, zegt D66’er Fatma Koser Kaya. VVD’er Frans Weekers: ‘Het CDA wilde Balkenende graag op het schild hijsen. Want na die zondag leek het alsof Bos de enige echte crisismanager was.’

De concurrentie heeft veel te maken met de uiteenlopende politieke kleur van de bewindslieden. Die leidt vanzelf tot profileringsdrang. ‘Geen enkele partij wil onzichtbaar blijven in het kabinet’, zegt Eric Trinthamer, ex-voorlichter van de VVD-Tweede Kamerfractie en nu media-adviseur bij Bex communicatie. Hij liep negen jaar mee in politiek Den Haag.

Trinthamer: ‘Behalve partijpolitieke belangen, spelen persoonlijke belangen zeker ook een rol’.

Zo zou minister Koenders nadrukkelijk aan zijn achterban willen laten zien dat hij veel verstand heeft van ‘het buitenland’ en dat hij ‘vaak op reis is’, omdat hij nog wel een tweede termijn ambieert. De volgende keer misschien zelfs als minister van Buitenlandse Zaken, aldus Trinthamer.

‘Ministers zetten zichzelf op de voorgrond omdat ze herbenoemd willen worden.’ Zo kan het volgens hem gebeuren dat minister Eurlings (Verkeer, CDA) aanwezig is bij de presentatie van een ‘auto op zonnecellen’ die door studenten van een technische universiteit is gemaakt. ‘Dat hoort bij een onderwijsminister zou je denken’, zegt Trinthamer. ‘Maar Eurlings is er ook bij, omdat het om een auto en dus over Verkeer zou gaan.’

Het kabinet zal deze oververtegenwoordiging volgens de voorlichter juist uitleggen als ‘ministers die hun betrokkenheid regeringsbreed willen tonen’, maar volgens Trinthamer ‘zit er natuurlijk veel meer achter’.

‘Hier met die spotlight!’, moet ook staatssecretaris Heemskerk (PvdA) hebben gedacht toen hij een oproep deed om in eigen land op vakantie te gaan, vermoedt Trinthamer. ‘Hij gaat over buitenlandse handel, een portefeuille met beperkte zichtbaarheid in Nederland. Maar hij wil wel in het nieuws. Dus doet hij een oproep over een relatief makkelijk onderwerp dat alle media oppikken.’

Balkenende, Verhagen, Eurlings, Koenders en anderen, ze willen allemaal wel een tweede termijn en werken daarom aan hun eigen zichtbaarheid. De concurrentie zou zelfs tussen partijgenoten plaatsvinden.

Voormalig minister Ella Vogelaar (PvdA, Wonen, Wijken en Integratie) zal deze analyse herkennen. In haar boek Twintig maanden knettergek verhaalt ze over een aanvaring met haar partijgenoot en collega-minister Ter Horst (Binnenlandse Zaken). Vogelaar voelt zich gepasseerd als de Kamer met Balkenende, Hirsch Ballin en Ter Horst praat over de film Fitna.

Wilders zou die laatste twee hebben opgebiecht dat hij in zijn film van plan is de Koran te verscheuren en te verbranden. Vogelaar wordt als minister van Integratie niet uitgenodigd voor het debat en baalt daarvan. Ze belt met Ter Horst: ‘Ik neem je dit heel kwalijk’, zegt ze. Ter Horst: ‘Ik heb me hier helemaal niet mee bemoeid.’ Vogelaar: ‘Nee, maar je hebt ook geen poot uitgestoken’.

’s Avonds zit Vogelaar thuis, met de armen gekruist, chagrijnig te kijken naar het debat op tv, schrijft haar partner. Hij probeert haar op te beuren en wijst erop dat de Kamer weinig belangstelling toont voor Ter Horst. ‘Ze zit er voor spek en bonen bij.’

Of er een oplossing is voor het toenemende profileergedrag? ‘Ach, je kunt je afvragen of het zo erg is’, zegt hoogleraar De Vries. ‘Al komt het op kiezers soms merkwaardig over dat vijf bewindslieden op één congres spreken. Kan dat niet efficiënter, zullen ze denken. En: wat kost dat?

‘Als je het fenomeen echt de wereld uit wilt helpen’, zegt hij, moet je misschien denken aan een ‘andere inrichting van departementen’. De huidige indeling van ministeries past namelijk niet ‘het beste bij de huidige maatschappelijke problemen’, zoals de financiële crisis of overlast gevende jeugd.

‘Met als gevolg dat iedereen zich een beetje verantwoordelijk voelt voor de problemen, zich ermee gaat bemoeien en dus ook op persconferenties verschijnt.’

Een betere aanpak zou wellicht zijn dat ‘het kabinet bij aanvang analyseert wat de grote maatschappelijke problemen zijn en daar mensen omheen organiseert. En één iemand aanstellen die ook echt verantwoordelijk is om het probleem op te lossen’.

Dan staat er ook maar één bewindspersoon voor de camera die het woord voert. Dat is wel zo gemakkelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden