'Gump' en de stenen van de linkse critici

Vannacht vinden in de Verenigde Staten de Oscar-uitreikingen plaats. Grote winnaar wordt waarschijnlijk de film Forrest Gump, die dertien maal is genomineerd....

DE film Forrest Gump lijkt voorbestemd meer Oscars te gaan winnen dan in jaren is voorgekomen. Voor de aanstaande Oscar-uitreiking is hij dertien maal genomineerd. De Nederlandse pers heeft de film op z'n minst merkwaardig beoordeeld.

Ik heb vrijwel alle persreacties doorgenomen en las over sentimentaliteit, gebrek aan ironie, geschiedvervalsing en 'een voorbeeld van de verrechtsing van Amerika'. Er was lof voor de technische hoogstandjes, en bijna wrevelig werd geconstateerd dat de film soms gewoon leuk is. Nergens stond dat het een ontroerende film is over het overwinnen van eenzaamheid. Peter van Bueren van de Volkskrant beschreef de hoofdpersoon Forrest Gump als een 'robot', gekenmerkt door 'blinde gehoorzaamheid en opinieloos gedrag'.

Het tegendeel is het geval: Gump valt juist op door zijn volstrekt onaangepaste gedrag. Niet uit opstandigheid, maar uit onbegrip en naïviteit. Forrest, de domme jongen uit Alabama, doet steevast alles anders dan de anderen en verlegt zijn koers niet als hij daardoor in conflict komt met de rest. Tegen een president durft hij te bekennen dat hij naar de plee moet, als gedecoreerde oorlogsheld spreekt hij zonder bedenkingen een anti-oorlogsdemonstratie toe. Hij zou een goede anarchist zijn geweest, ware het niet dat zijn acties allemaal onbewust zijn.

Gump is gedoemd overal en altijd zichzelf te blijven. Een uitzondering tegen wil en dank. Het is dat hij zo dom is, anders hadden ze hem vermoedelijk ook doodgeschoten, net als enkele van zijn beroemde tijdgenoten. Hij is niet het type van de zelfverzekerde, eigenwijze held die de American Dream ons zo vaak heeft gepresenteerd. Eerder een man uit een verhaal van Kafka, die tot zijn schrik bemerkt dat hij gedoemd is anders te zijn dan de rest - en te blijven. Een kever in de gedaante van een hard hollende dommerik.

Forrest Gump slaat zich als een volmaakte anti-held, met veel vallen en opstaan, een weg dwars door de recente Amerikaanse geschiedenis. Geen wonder dat deze film enorm aansloeg in het land waar individualisme zo hoog in het vaandel staat. Forrest Gump trekt de nationale obsessie door tot op het niveau van een lachwekkende nachtmerrie. En dit tegen de achtergrond van de Vietnam-oorlog en de scheuring die hij veroorzaakte in de Amerikaanse samenleving.

Het is allereerst een verhaal over een buitenbeentje dat geaccepteerd wil worden. De schrijvende pers schijnt het niet te hebben opgemerkt, maar Forrest líjdt onder zijn afzondering. Dat zijn lijden grotendeels onbewust is, maakt het niet minder hartverscheurend. Zijn ultieme poging tot verlossing wordt gevormd door het hollen door Amerika, waarbij zijn baard groeit tot Jezus-proporties en zelfs een groepje discipelen hem volgt.

Het is pas bij zijn (onbewust verwekte) zoontje, die hem zonder meer accepteert, dat hij de drukkende last van het alleen-zijn kan afleggen. Natuurlijk is dit einde sentimenteel, zoals elk happy end sentimenteel is. Maar is het daarom een 'smartlap' over een 'perfecte nul' (de Volkskrant)? Ik ben juist aangenaam verrast dat de cinema soms nog een volstrekte underdog de gelegenheid biedt uit te groeien tot een positieve held.

Forrest Gump is in de eerste plaats een absurdistisch drama over een buitenstaander, en pas daarna een soort maatschappelijke satire. Niet satirisch genoeg misschien? Toch: een film waarin de oerdomme hoofdpersoon verbaasd opmerkt dat hij in het leger beter op zijn plaats is dan overal elders - zo'n film heeft misschien in één zin gezegd waar anderen anderhalf uur satire voor nodig hebben.

Waarom schreven de critici zoveel over de maatschappelijke, en zo weinig over de persoonlijke kant van deze film? Dat heeft alles te maken met het nog steeds levende spook van het 'anti-Amerikanisme', een denkbeeld dat hier tijdens diezelfde Vietnam-oorlog wortel schoot.

Het spook is blijven hangen en leeft onverminderd voort in de hoofden van linkse, film-besprekende Europeanen. Een film uit Hollywood, en zeker een succesvolle, wordt door hen in eerste instantie met wantrouwen bekeken. Laat staan als die film ook nog handelt over de recente Amerikaanse geschiedenis. Dan steigert het spook en begint vuur te spuwen. Zo'n film kan bijna niet deugen, want de Amerikaanse cultuur zelf is nu eenmaal te oppervlakkig om te deugen. Dat een groot deel van de Amerikaanse filmproduktie inmiddels wordt gemaakt door de generatie van Vietnam-dienstweigeraars of jongere filmmakers, en dat zij voor hun voorbeelden vaak teruggrijpen op Europese films en stromingen - dat alles doet niets af aan de levenskracht van het spook.

Heel anders vergaat het een onbekende film uit een liefst verre cultuur. Dat wil zeggen: bij een deel van de pers. Het bioscooppubliek denkt er precies omgekeerd over. Het spook van het anti-Amerikanisme is mede verantwoordelijk voor de flinke kloof die langzamerhand is ontstaan tussen de professionele kijkers en hun lezers: het bioscooppubliek.

VEEL kritiek op Forrest Gump richt zich op het beeld dat de film schetst van de protestgeneratie van de late jaren zestig. Verpersoonlijkt in de figuur van Jenny, Forrest's jeugdvriendinnetje en grote liefde. Jenny maakt de sixties actief mee als protesterende hippie, genietend van het bijbehorende vrije leven. Ze wordt er niet gelukkig van. In de film sterft ze aan een virusziekte.

Is Forrest Gump daarom reactionair? Ik ben eerlijk gezegd wel blij met een film die het heilige huisje van de hippies eens een trap geeft, inclusief de leeghoofdigheid en de latente agressie. We weten intussen wel (of wisten dat toen al) dat de 'officiële' kant van Amerika - leger, politie, regering, om maar te zwijgen van andere instanties - goed fout zat ten tijde van Vietnam. Het imago van onkreukbaarheid van het gezag is voorgoed verloren gegaan.

Er is werkelijk geen kunst aan om deze open deur nog eens in te trappen, tenzij je het doet met overdonderend nieuw feitenmateriaal zoals in JFK. Maar waar 'officieel' Amerika het altijd mag ontgelden, moet voormalig 'links' Amerika kennelijk worden beschermd, tenminste als het om films gaat. En zo zal Easy Rider voor een betere film worden uitgemaakt (zelfs voor een 'klassieker') dan Forrest Gump - alleen omdat de helden lang haar hebben.

Easy Rider, dè hippe film van mijn middelbare schooltijd, de film die je gezien moest hebben vanwege de erin geportretteerde tijdgeest. De film die, toen al, mij en mijn vrienden zo enorm tegenviel. Die overeind werd gehouden door zijn soundtrack, het optreden van Jack Nicholson en het schokkende slot. En misschien door de mooie motoren. Maar in elk geval niet door zijn verhaal of door zijn twee hoofdpersonen, de heren Billy en Captain America, die een film lang niet verder komen dan vaag gewauwel en hun leven vorm geven met een richtingloze drugsroes. Hun reis was een grote vlucht. Opschepperig aangekleed met lang haar en motoren, maar nog steeds een vlucht.

Er is een grote overeenkomst tussen Forrest Gump en Captain America. Ze horen tot precies dezelfde generatie; geboren in of vlak na de Tweede Wereldoorlog, volwassen geworden in de jaren zestig. Forrest Gump vertelt nu, vele jaren later, het verhaal van de andere kant, maar het is in wezen hetzelfde verhaal. Over een 'verloren' generatie, ontwortelden die wegrennen.

In Forrest Gump overleeft de hoofdpersoon de sixties, en komt er achter dat hij niet altijd kan blijven wegrennen. Hij moet daarvoor eerst een paar keer van kust naar kust hollen. Precies zo'n reis als in Easy Rider wordt ondernomen, dwars door het fantastische Amerikaanse landschap. Alsof het land zelf verenigd moet worden. Absurde comedy, maar tegelijk is het een ontroerend beeld van het zoeken naar roots.

Forrest vindt die ten slotte bij zijn zoontje. Is hij met dit einde nu een held van 'rechts Amerika' geworden? Worden hier de good old values van de conservatieve partij bezongen? Ik zie een alleenstaande vader die treurt om het verlies van zijn vrouw, een voormalige hippie. En om Bubba, zijn zwarte strijdmakker uit Vietnam. In feite treurt hij om zijn kapotte generatie, en er is niets triomfantelijks aan zijn eigen overleven. Als deze Forrest - de alleenstaande vader, oprechte domkop, en onschuldige lieverd - werkelijk het ideaal is van de Amerikaanse conservatieven, dan ben ik erg benieuwd naar hun volgende presidentskandidaat.

HET koppelen van deze film aan de 'verrechtsing' in Amerika ruikt naar oppervlakkigheid. Films als deze worden gemaakt over een periode van jaren. Dat Gump uitkwam juist op het moment dat bij Amerikaanse verkiezingen rechts aanzienlijk won, zegt over de film zelf net zo veel als het gegeven dat hij in produktie werd genomen op het moment dat Amerika massaal koos voor het nieuwe, 'linkse' van Bill Clinton, twee jaar eerder.

Dat de film een eclatant succes heeft onder het huidige (rechtse?) Amerikaanse bioscooppubliek is waar. Maar dat succes is er eveneens in Nederland en de rest van de wereld, waar dan ook van 'verrechtsing' sprake zou moeten zijn. Eerder denk ik dat veel mensen eenvoudigweg iets herkennen in deze zoektocht van een buitenbeentje naar geborgenheid.

De heksenjacht van de 'linkse' kritiek op Forrest Gump doet me iets teveel denken aan een intellectuele variant op het stenengooien waar jeugdige treiteraars in de film de hoofdpersoon op onthalen. Ik vind het heel wat als het bioscooppubliek massaal meevoelt met de uitzondering, en niet mee gaat doen aan het stenengooien.

Jurriën Rood is filmer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.