ReportageCruyff court

Gullit en Rijkaard openen Cruyff Court dat naar hen is vernoemd: ‘Wie weet wordt de nieuwe Cruijff hier geboren’

Hij heette nog Ruud Dil en hij voetbalde met Frank Rijkaard dagelijks op het Balboaplein, het illustere pleintje in Amsterdam-West waar de basis werd gelegd voor een grootse carrière. Woensdag opent Ruud Gullit samen met leeftijdgenoot Rijkaard (57) het 18de Johan Cruyff Court in Amsterdam dat naar hen beiden is vernoemd. ‘Even terug naar het kind-zijn’, aldus Rijkaard.

Frank Rijkaard en Ruud Gullit openen het Cruyff Court op het Balboaplein in Amsterdam-West. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Gullit (geboren Dil – de achternaam van zijn moeder) en Rijkaard werden met Oranje Europees kampioen in 1988. Hun dromen zijn in de jaren ’70 gevormd op het Balboaplein. Wie hier schitterde met de bal aan de voet was de koning van Amsterdam-West.

Gullit: ‘Ik voetbalde elke dag op dit pleintje, en ik ging pas naar huis als ik had gewonnen.’ Rijkaard: ‘Ik woonde iets verder in de Kinkerbuurt, net als Ruud liep ik via het Kippenbruggetje over de Admiralengracht naar het Balboaplein.’ Gullit: ‘Hier lag eerst een korfbalveld, maar de gemeente legde al snel andere veldjes aan voor de kinderen uit de buurt. We voetbalden op asfalt, voor mij een feest. Ik kwam uit de Jordaan, waar je nergens ruimte had.’

Rijkaard: ‘Oefening baart kunst, op dit veld ontdekten we onze talenten en werden we geboren als profvoetballer.’ Gullit: ‘We leerden ook te overleven op dit plein. Het laatste kwartiertje was alleen maar schoppen, dan mocht alles. Het veld was omringd door hekken, kreeg je effe een knie tegen je kont. Zo leerde je wel om je heen kijken, je werd scherp en alert.’

En tegen Rijkaard: ‘Kun jij je ome Jan nog herinneren, Frank?’ Rijkaard: ‘Ja, die was toen al in de veertig toch?’ Gullit: ‘In dat laatste kwartier deed hij niet meer mee. Het werd hem te heftig.’

In gedachten ontwijkt Gullit opnieuw de tackles op het Balboaplein. Hij kijkt om zich heen, op zoek naar vervlogen herinneringen. ‘Alleen het transformatorhuisje staat er nog. Het voetbalveld is al een paar keer aangepast. Nu staan er doelen, wij hadden schotten met gaten erin.’

Rijkaard: ‘Soms waren we met zijn tweeën, schoten we van afstand op die doeltjes. Je mocht de bal niet met je handen stoppen, alleen met de borst of op je hoofd.’ Gullit: ‘Als we zonder keepers wilden spelen, gingen we naar het basketbalveld. Dan moest je de paal raken om te scoren, het veld was kleiner en dat maakte het spel leuker.’

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Bal als symbool

De bal was het symbool van vrijheid en vreugde, want je kon op het Balboaplein ook in verkeerde kringen terechtkomen. Gullit: ‘Je had in die jaren meerdere knokploegen, ze verzamelden in een clubhuis op het plein. Die jongens hadden andere plannen, je werd als kind gedwongen tot een keuze. Ik wist al snel: daar wil ik niet bij horen. Ik wil voetballen. Je werd streetwise op dit plein.’

Het Balboaplein is opgefrist, twee scholen vormen het kloppend hart in een multiculturele wijk waar ook moslima’s voetballen. Gullit: ‘Dit veld heeft een sociale functie, hier komt iedereen bij elkaar. Moet je kijken: er is zelfs kunstlicht. Dat hadden wij niet, wij voetbalden tot het donker werd, en op dat asfalt schaafde je geregeld je knieën.’ Rijkaard: ‘Wie weet wordt op dit veld ooit een nieuwe Johan Cruijff geboren.’

Het past bij de ietwat dromerige Rijkaard, zo’n stilleven van melancholie. De realiteit heeft  Juriaan Otto, sportmedewerker in Stadsdeel West, geleerd dat kinderen nauwelijks nog buitenspelen. ‘Dit veld heeft nog dezelfde functie, maar de tijden zijn veranderd. Als je vroeger met een bal en hesjes het plein opkwam, zaten al zeventig, tachtig kinderen te wachten om te voetballen. Tegenwoordig ben ik al blij als een mannetje of tien wil meedoen.’

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Vliegwiel voor de buurt

Toch heeft Johan Cruijff zijn magie behouden, zijn nalatenschap fungeert als vliegwiel voor de hele buurt. Otto: ‘Het veldje wordt weer een verzamelplaats zoals in de jaren ’70. Op andere pleinen in Amsterdam-West gebeurt niks, daar zie je groepen hangjongeren. Nu komen kinderen uit verschillende wijken naar het Balboaplein om te voetballen.’

Het Balboaplein is een vindplaats van geluk gebleven, maar voor de huidige generatie is het ook een mentale krachtproef. Kom Otto niet aan met het door KNVB-directeur Van der Zee gepresenteerde plan, waarin bij jeugdwedstrijden onder 12 jaar geen standen worden genoteerd, om het plezier te bevorderen. ‘Kinderen veranderen niet, ze willen altijd winnen. Het is onzin om geen ranglijsten bij te houden.’

Rijkaard is als coach met pensioen, maar voor de kinderen van de Visserschool maakt hij een uitzondering. Ze verliezen met 4-2 van de door Gullit begeleide Joop Westerweelschool. Rijkaard troost een jongen na de nederlaag, alsof hij de tijd 45 jaar heeft teruggedraaid. Die levenslessen zijn onveranderd, stelt Otto.

‘Je leert op dit veld wat winnen en verliezen is. Je krijgt een bal in het kruis zoals Rijkaard en Gullit vroeger, en je staat weer op. Je praat niet ellenlang over gevoelens, op dit veld ontdekt elk kind zichzelf. Incasseren en doorgaan, zo verdien je ook respect.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden