GROTE WOORDEN

Echt melig is een Prinsjesdag waarop niemand boos is. NRC Handelsblad: 'Het kabinet-Kok kan fluitend regeren.' Haagsche Courant: 'Zelden zal de oppositie voor zo'n lastige klus hebben gestaan.' De Volkskrant: 'Voortzetting van paars komt binnen handbereik.' De Telegraaf achtte het kabinet geslaagd maar had graag wat meer lastenverlichting en minder...

Het Parool: 'De enige serieuze keerzijde van paars is dat het de politieke partijen steeds meer ontbreekt aan herkenbaarheid.' Een bezorgdheid die ook de dagbladen zelf kan treffen. De dagen dat ze groot en onderling contrair mopperden, lijken ver weg. Nu is het schrijven van dubbeldikke commentaren even moeilijk geworden als markant oppositie voeren.

Jurist Willem Witteveen in Het Theater van de Politiek: 'Er is het anonieme, zichzelf vaak overschreeuwende redactioneel dat de mening van de krant geacht wordt weer te geven. Altijd is het in hetzelfde soort droogstoppelig proza geschreven dat ook ambtelijke nota's domineert.' Dit lijkt me een krasse generalisatie. Wel wees James 'Scotty' Reston (The New York Times) er op dat de commentator altijd alles 'met zorg' ziet en dan 'oprecht hoopt' dat de regering precies doet wat de auteur nodig vindt voor land en wereld.

In 1948 werd met meer waardering tegen de 'editorial' aangekeken. Robert Peereboom in Het Dagblad: 'Geregeld verschijnende hoofdartikelen van hoog gehalte geven karakter, bijzondere beteekenis en gezaghebbenden invloed aan een dagblad. Het gehalte is niet hoog als zij zich toespitsen op kleine geschillen van voorbijgaande beteekenis. Zij moeten de houding, de algemeene levensopvattingen, de groote lijn van het blad aangeven. Hun toon dient voornaam te zijn, hetgeen allerminst wil zeggen dat zij plechtstatig, langdradig of preekerig moeten zijn. Integendeel.'

Dus niet te veel commentaren. Volkskrant-journalist Henry Faas ('Wandelganger') vond zelfs een stuk of drie per jaar wel genoeg, dus deze Prinsjesdag was afgevallen. De trend is eerder tegengesteld. Iedere scheet in de samenleving krijgt in de kranten een meestal even snel vervliegend commentaar.

Sommige journalisten (meestal degenen die nooit commentaren schrijven) vinden hoofdartikelen betuttelend, want de lezer weet zelf wel te oordelen over de nieuwsfeiten. Toch blijkt vaak dat de lezers die vele en verwarrende feiten wel in een moreel kader geplaatst willen zien, ook al zijn ze gloeiend oneens met de conclusie. En extra interessant worden ze op moeilijke momenten. Het Mandement (1954), met zijn massieve drang tot katholieke eenheid, was dat voor de Volkskrant, die wel katholiek, maar ook progressief-emanciperend wilde wezen. De zuil won toen nog: 'De katholiek neemt het met eerbied en leest het in gehoorzaamheid.'

De krant koos nadrukkelijk tegen overdracht van Nieuw-Guinea aan Sukarno, dit tot klimmend onbehagen van hoofdredacteur Joop Lücker, die geen 'loser's paper' wilde. Dat wilde Romme (De Week der Schande) ook niet in het Indonesië-conflict. Overigens was Lücker ook de man die de methode wist voor een goed commentaar: Eerst stapel je kalm de houtblokken op en dan jaag je de brand erin.

In bijzondere situaties wil de lezer weten waar de krant staat. Een kwaad Volkskrant-oordeel over de WAO-ingreep in de ruige zomer van 1991 kwam niet zonder interne strubbelingen tot stand. Maar een journalistencollectief kan op zo'n moment niet half boos zijn. Andere lastige vragen waren: Meedoen aan de Golfoorlog? Moest prins Bernhard vervolgd worden wegens Lockheed? Dient Aantjes af te treden na de oorlogsonthullingen van Lou de Jong?

Kwesties van aftreden zijn altijd gevoelig. Een beroemd commentaar stond in 1961 in Het Parool. Onder de kop 'Falende Leiding' was te lezen: 'Dat de heer Burger een goed ontwikkeld politiek instinct bezit, betwisten wij niet; maar het is even onbetwistbaar dat zijn gebrek aan genuanceerdheid dit meer dan compenseert. De tijd is gekomen, dunkt ons, dat de PvdA-fractie de leiding in andere handen geeft.' Dat gebeurde ook (na enig geharrewar) en met Vondeling kreeg de PvdA een andere stijl. Het Parool was onafhankelijk, maar wel sociaal-democratisch en dus kwam het commentaar extra hard aan.

De commentator moet zorgvuldig en vaak terughoudend zijn. En desnoods wat zwaartillend. De Engelse premier Stanley Baldwin had ooit in de jaren dertig veel last van de kranten en hij sloeg terug (met hulp van zijn neef Rudyard Kipling): 'Macht zonder verantwoordelijkheid is door de eeuwen heen het privilege van de hoer.'

Misschien komt daar de 'schrijffout' hoernalistiek van.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden