Grote Treinroof maakte volkshelden van criminelen

Op 8 augustus 1963 werden de Britten opgeschrikt door een overval op de posttrein tussen Glasgow en Londen. Op 29 januari 2016 werd bekend dat Gordon Goody - de laatste overlevende en het brein achter The Great Train Robbery - is overleden. De treinroof zou van een stel criminelen volkshelden maken, schreef Hans Bouman in 2013 - 50 jaar na de gebeurtenis. Lees het hier terug:

Treinrover en 'cultheld' Ronnie Biggs in 1994 Beeld AFP

Een operatie uitgevoerd met militaire precisie door een stel vitale, ambitieuze arbeidersjongens die het vermolmde systeem te slim af was geweest. Zo ongeveer is de Grote Treinroof de geschiedenis ingegaan. Bij de recordroof waren geen vuurwapens gebruikt en viel maar één gewonde, die na twee dagen het ziekenhuis uit mocht.Toen de treinrovers - de meesten al vrij snel, anderen na wat langere tijd - werden opgepakt, wachtten hen extreem lange gevangenisstraffen. Dertig jaar cel voor wat eigenlijk niet meer dan een illegale financiële transactie was geweest!Een golf van publieke verontwaardiging trok door de Britse natie.

Hoe groot de faam van The Great Train Robbery in de loop der jaren is geworden en gebleven, blijkt uit de talloze verwijzingen overal in de populaire cultuur. In de Bondfilm Thunderball claimt SPECTRE door de treinrovers te zijn geconsulteerd, in de Beatles-film Help! maakt John Lennon een grap over de roof en in haar Miss Marple-detective At Bertram's Hotel knipoogt Agatha Christie ernaar.

Er zijn popsongs over de treinroof, Ronnie Biggs hield aan zijn faam als treinrover een bescheiden muzikale loopbaan over, onder meer met de Sex Pistols, en computerspellen als Rune-Scape en Starcraft 2 hebben 'The Great Train Robbery' als opdracht. En natuurlijk zijn er talloze boeken, theaterstukken en films met de treinroof als onderwerp, waaronder Buster, met Phil Collins in de hoofdrol.

Het plan voor de Grote Treinroof begint als Buster Edwards en Gordon Goody, beiden actief in het Londense criminele circuit, horen over de Travelling Post Office, de posttrein die elke nacht van Glasgow naar Londen rijdt. Er worden grote hoeveelheden geld in vervoerd, vooral na een Bank Holiday-weekend. Dat geld bevindt zich altijd in de tweede wagon, de High Value Package coach. Er is geen speciaal beveiligingspersoneel op de trein aanwezig, alleen gewone PTT-ambtenaren, die de post verzamelen en sorteren die in Glasgow en op tal van tussenstations aan boord komt.

De mannen bespreken de informatie met een maat, Bruce Reynolds. De drie hebben nog niet zo lang daarvoor succesvol met elkaar samengewerkt toen ze, met enkele andere vrije jongens, een geldtransport van de Britse luchtvaartmaatschappij BOAC wisten te kapen. De overval was in minder dan drie minuten gepiept en kenmerkte zich door zorgvuldige planning, nauwkeurige timing en gedisciplineerde uitvoering.

Omdat een treinroof een gecompliceerde onderneming is, waarbij de taken strikt moeten worden verdeeld, groeit de bende in de loop van de voorbereidingen steeds verder uit, uiteindelijk tot zestien leden. Met informanten en klusjesmannen erbij zijn in totaal zelfs twintig man bij de plannen betrokken.

De treinrovers besluiten dat ze de trein zullen laten stoppen in de buurt van een brug, zodat ze hun vluchtwagens vlakbij het spoor kunnen neerzetten. Die brug wordt Bridego Bridge bij het dorpje Ledburn in Buckinghamshire, ongeveer zestig kilometer ten noorden van Londen.

Ze vinden een te koop staande boerderij, Leatherslade Farm, die via allerlei landelijke weggetjes op een uur rijden van de brug ligt. Hier zullen ze na de overval een tijdlang onderduiken en vervolgens een voor een huns weegs gaan.

Op de vroege ochtend van 8 augustus, tegen 3.00 uur, nadert de twaalf rijtuigen tellende Travelling Post Office Bridego Bridge. De bende is vanuit Leatherslade Farm in drie groen geschilderde voertuigen naar de brug gereden. Iedereen is in militair tenue: komen ze iemand tegen, dan zijn ze militairen op nachtoefening.

Om de trein te laten stoppen, wordt het groene seinlicht onklaar gemaakt en wordt het rode met batterijen geactiveerd. Als de trein stopt en de tweede machinist uitstapt, wordt hij door enkele treinrovers overvallen, terwijl anderen de locomotief binnengaan om eerste machinist Jack Mills te grazen te nemen. Deze verzet zich en wordt met een metalen staaf op het hoofd geslagen. Hij zal er veertien hechtingen aan overhouden.

Terwijl dit plaatsvindt, zitten elders in de trein ongeveer zeventig ambtenaren braaf enveloppen te sorteren. Er bestaan geen communicatielijnen tussen de locomotief en de rest van de trein. Om zo weinig mogelijk last van hen nog onwetende beambten, worden de laatste tien rijtuigen losgekoppeld.

Nu moeten de locomotief en de twee resterende rijtuigen, waaronder die met het geld, 1.100 meter verderop worden gereden, naar Bridego Bridge. Hiervoor heeft Ronnie Biggs - die laag in de hiërarchie staat, maar de beroemdste treinrover zal worden - een gepensioneerde machinist opgedoken. Deze blijkt echter geen ervaring te hebben met dit type diesellocomotief en krijgt de trein niet in beweging.

Even dreigt het hele plan in duigen te vallen, maar uiteindelijk is Jack Mills, ondanks zijn hoofdwonden, voldoende bij zijn positieven om de trein, onder dreiging van meer klappen, alsnog naar de brug te rijden. Daar worden de vier postbeambten in de geldwagon uitgeschakeld. De bendeleden vormen een keten van de trein naar hun vrachtauto en geven elkaar de zakken door. In 30 minuten is de klus klaar.

In de uren die volgen, begint het langzaam tot de spoorwegen, de posterijen en de politie door te dringen wat er is gebeurd. Volgens de eerste ramingen zouden de treinrovers wel eens 160 duizend pond kunnen hebben buitgemaakt. In de uren en dagen die volgen, gaan die schattingen snel omhoog: een half miljoen, een miljoen, misschien wel meer...

In de loop van de dag maakt de politie bekend dat ze alle boerderijen die zich binnen een half uur rijden van Bridego Bridge bevinden zullen onderzoeken. Door een misverstand worden die 30 minuten door de pers vertaald als '30 mijl'.

Omdat Leatherslade Farm zich op 28 mijl van de brug bevindt, voelen de treinrovers, die de nieuwsberichten via de radio volgen, zich plotseling bedreigd. Ze besluiten de boerderij te verlaten, en doen wat halfhartige pogingen hun sporen uit te wissen - niet iedereen heeft zich gehouden aan de afspraak permanent handschoenen te dragen - en regelen nieuw vervoer. Want het is via getuigenverklaringen inmiddels bekend dat de bende zich bij de overval vermoedelijk heeft bediend van drie legergroene voertuigen. Het overhaaste vertrek en de voorbereidingen ervan, blijft in de omgeving niet onopgemerkt. Hier wreekt zich het feit dat alle bendeleden city slickers zijn met het naïeve idee dat een tussen de bomen verscholen boerderij op het platteland veiligheid betekent. Maar juist op het platteland valt elke afwijking van de gewone gang van zaken op. De buren worden 's nachts wakker van het drukke autoverkeer. Wat is er toch aan de hand op die pasverkochte boerderij, waar allemaal mannen rondhangen die zeggen bouwvakkers te zijn, druk bezig met een broodnodige renovatie?

De man die door de treinrovers is betaald om na hun vertrek alle sporen uit te wissen en de boerderij in brand te steken, komt niet opdagen en als de politie vijf dagen na de overval bij Leatherslade Farm arriveert treffen ze daar tal van aanwijzingen, waaronder een rijkdom aan vingerafdrukken. 'Ik was verbijsterd dat zulke ervaren misdadigers zo slordig waren geweest', aldus politiedetective Jack Slipper van de befaamde Flying Squad, de Londense misdaadpolitie, als hij later terugblikt op de zaak.

Al op 22 augustus volgt de eerste arrestatie en als in januari 1964 de rechtszaak begint, zitten negen van de zestien treinrovers plus één van de informanten achter de tralies. Vier anderen zullen tussen 1965 en 1968 worden gearresteerd. Drie treinrovers en drie figuren die zijdelings de bij overval betrokken waren, waaronder de gepensioneerde treinmachinist, zijn nooit gevonden.

Als de rechter uitspraak doet, staat half Engeland op zijn kop. Hoewel twaalf jaar de gebruikelijke straf is voor dit type misdrijven, krijgen de meeste verdachten dertig jaar gevangenisstraf. En omdat de Britse rechtssysteem anno 1964 nog geen voorwaardelijke vrijlating kent, moeten ze de volle tijd uitzitten. Nu ze worden opgezadeld met gevangenisstraffen die eerder bij moordzaken horen, zijn de treinrovers voor veel mensen eerder slachtoffers dan misdadigers.

Van meet af aan kunnen de bendeleden op veel sympathie rekenen van de Britten. Buiten de klappen die machinist Jack Mills kreeg, is de overval vrij geweldloos verlopen en veel Britten vinden het - stiekem - best leuk hoe een groepje gewone volksjongens 'het systeem' een loer heeft gedraaid.

Daags na de overval verschijnen op televisie keurige burgers die verklaren dat ze de rovers 'jolly good luck' toewensen. Voor veel mensen is de treinroof 'het grootste avontuur sinds de Dam Busters', een befaamde episode tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Als de meeste treinrovers in de loop van 1963 daarna worden opgepikt, kunnen zelfs politiemensen van de Flying Squad nauwelijks bewondering onderdrukken voor het feit dat 'een stel doodgewone Zuid-Londense penosejongens een hele trein hadden weten te stelen'. Een plaatselijke agent uit Buckinghamshire: 'Wij hadden ontzag voor ze.'

De posttrein tussen Glasgow en Londen in 1963. Beeld EPA
Onderzoekers met een doos met bezittingen uit de trein. Beeld EPA

Cultfiguur

Door de jaren heen neemt de bewondering voor de treinrovers alleen maar toe. Als Ronnie Biggs in 1965 erin slaagt uit de gevangenis te ontsnappen en via Spanje en Australië naar Brazilië vlucht, wordt hij een heuse cultfiguur. Omdat Brazilië en Groot-Brittannië geen uitwisselingsverdrag hebben, kan Biggs er openlijk de Grote Treinrover uithangen, en dat doet hij dan ook. Hij laat zich met glazen pina colada filmen op Copacabana, poseert tegen betaling met toeristen en verkoopt T-shirts en koffiebekers met zijn naam erop.

Biggs oefent een grote aantrekkingskracht uit op mensen met anti-establishmentgevoelens en het is geen toeval dat hij als gelegenheidszanger optreedt met leden van de Sex Pistols en de Duitse punkband Die Toten Hosen.

De mythische status van de treinrovers is nog altijd een geliefd studieonderwerp van historici en sociologen. De meesten zijn het erover eens dat de populariteit van de boeven een veranderende houding bij het Britse publiek weerspiegelt, zoals die zich rond 1963 aan het ontwikkelen was.

Er was, na de oorlog en de door schaarste gekenmerkte jaren vijftig, voorzichtig een nieuw materialisme aan het ontstaan, gevoed door steeds nadrukkelijker aanwezige reclame-uitingen. Mensen droomden van een televisie, een auto, een eigen huis: zaken die binnen bereik leken, maar dat vaak net niet waren. Toen begin 1964 het proces tegen de treinrovers begon, vergaapten veel mensen zich aan de stijlvolle kleding van hun echtgenotes. Dat hadden die toch maar mooi voor elkaar!

1963 wordt achteraf beschouwd als een overgangsmoment tussen de volgzaamheid van de jaren vijftig en rebelse sixties. De Beatles waren in opkomst, Swinging London en de minirok kwamen eraan en het schandaal rond de Britse minister Profumo had het vertrouwen in de Britse elite geschaad. In deze context werd de treinroof gezien als een daad van het gewone volk tegen het verrotte establishment.

Schrijver Pierce Paul Read ging zelfs zo ver om te suggereren dat je 'de treinrovers vanuit poëtisch oogpunt zou kunnen omschrijven als de Saksen die nog steeds tegen de Normandiërs vechten.' Ook Ronnie Biggs verzon een mooie metafoor voor de treinroof: het was de 'Sixtijnse Kapel' onder de misdaden.

In de talrijke documentaires over de Great Train Robbery klinkt niet zelden John Lennons A Working Class Hero is Something to Be op de achtergrond. En de Buster Edwards die Phil Collins in 1988 gestalte gaf in de film Buster heeft weinig van de botte beroepscrimineel uit de werkelijkheid, maar is een gevoelige family man met het hart op de juiste plaats.

De laatste jaren is een reactie op deze mythologisering op gang gekomen. In de nog altijd voortvloeiende stroom documentaires, televisiedrama's, krantenartikelen en boeken wordt nu benadrukt dat de roofoverval minder met gezagsondermijning dan met hebzucht te maken had. En dat de meeste treinrovers geharde misdadigers waren, geen straatjongens met een neiging tot kattenkwaad.

Toen Bruce Reynolds in februari van dit jaar op 81-jarige leeftijd overleed, waren er in de Britse pers naast kleurrijke necrologieën ook snijdende columns te lezen. De dominee die Reynolds' uitvaart leidde, voelde zelfs de noodzaak zich te verontschuldigen voor het feit dat hij niet alleen nare dingen over de overledene ging zeggen. Hij begon de dienst met een citaat uit Shakespeare: 'I come to bury Caesar, not to praise him'.

Vijftig jaar na dato zijn de Britse gevoelens over The Great Train Robbery wat genuanceerder geworden. Maar de herinnering eraan is nog altijd even levend.

Een van de treinrovers verbergt zich achterin de auto na zijn arrestatie. Beeld EPA
Een deel van de buit van de treinrovers. Beeld EPA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden