Column

Grote kerels die geil worden van een minuscuul roodborstje

Ik woon in de Ria Formosa, omringd door moerassen, zoutpannen, slikken en schorren. De serene rust van dit waddengebied wordt sporadisch verstoord door vogelaars die een harde plasser c.q. natte voeg krijgen van de roze flamingo, het woudaapje, de purperkoet en de Lusitaanse schijtreiger.

Beeld Gabriël Kousbroek

Op zich heb ik geen last van die amateurornithologen. Het zijn in de regel insipide lieden die qua stiekem gesluip lichte overeenkomst vertonen met de gluurder, de potloodventer en de brave huisvader op de baan (tegenwoordig HOP geheten: homo-ontmoetingsplek). De schaarse vrouwelijke vogelaars doen me denken aan in safaripakken en bergschoenen gepropte Bulgaarse speerwerpsters.

Ik was mijn venusschelpen voor de vrijdaglunch aan het rapen (in kinky lieslaarzen en waadpak) toen ik plotsklaps geschreeuw hoorde. Meteen zag ik dat het een Nederlandse vogelaar was, met een vlezige kop en melkboerenhondenhaar onder een Indiana Jones-hoed.

Hij rende op mij af - zijn enorme verrekijker botste tegen zijn borst - terwijl hij werd achtervolgd door een hond. Nou ken ik dat monster - een kruising tussen the Hound of the Baskervilles en Cujo, de moordzuchtige sint-bernard van Stephen King - want het beest is de schrik van het natuurpark.

Mijn drie meissies hadden wel raad geweten met Cerberus maar stonden die dag onder huisarrest omdat ze stout en balsturig waren geweest. Geheel tegen mijn principes in smeet ik een steen naar de hellehond en kreeg meteen spijt en medelijden. Ik had net gelezen over een Ier die vijftien jaar lang dezelfde heuvel beklom met zijn hondje George. George was nu kreupel en het baasje moest hem laten inslapen. Voor het laatst klom de Ier de heuvel op, met het hondje in zijn armen. De foto was hartverscheurend.

De hellehond van de Ria Formosa krijgt van niemand liefde en nu had ik ook nog een steen naar zijn kop geflikkerd vanwege een aanstellerige vogelfetisjist.

Eens voer ik op de veerboot van Sharm-el-Sheikh naar Hurghada, in gezelschap van twintig vogelspotters. Er hing een gemoedelijk sfeertje aan boord tot er een klein rood vogeltje voorbij fladderde. Dat had op dat moment in Siberië moeten zijn en niet boven de Rode Zee. De pleuris brak uit en even vreesde ik dat de vogelaars van pure opwinding groepsgewijs gingen masturberen. Ik had warempel last van plaatsvervangende schaamte: grote kerels die zo geil als gorilla Bokito werden van een minuscuul roodborstje.

Ik keek geveinsd boos naar de kermende vogelaar in het slijk en riep: 'En nou opzouten. Je verpest ons broze ecosysteem nog met je kinderachtige gekrijs, vieze dwaalgast.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden