Grote drama’s achter glimmende pailletten

Mary Wilson, die het langst fulltime Supreme was, stelt in het Victoria & Albert Museum in Londen vijftig jurken van de zwarte girl group tentoon....

Hoe stel je popgeschiedenis in een museum tentoon? Gebruikelijk is het om platenhoezen, concertaffiches en kledingstukken in glazen vitrines uit te stallen, al dan niet aangevuld door gitaren en andere instrumenten. Beeldopnamen op tv-monitoren en videoschermen en geluidsfragmenten via de koptelefoon brengen de bezoekers vervolgens op de hoogte van muziek en beeld uit het beoogde tijdvak.

Niet zo gek dat instituten als het Stax Museum in Memphis en de Rock And Roll Hall Of Fame in Cleveland het moeilijk hebben mensen voor hun vaste collectie te interesseren, of dat een prestigieus instituut dat zich tien jaar geleden in Sheffield volledig op de popcultuur zou gaan richten na een paar jaar de deuren kon sluiten. Muziek moet je vooral horen en met het steeds makkelijker verkrijg- en opvraagbaar worden van beeld en geluid is er nauwelijks nog een reden voor museumbezoek denkbaar wanneer er gepoogd wordt de popgeschiedenis in kaart te brengen. Aanschaf van een catalogus volstaat, luisteren doe je thuis wel.

De grote vlaggen waarmee bezoekers het Victoria And Albert museum (V & A) in Londen worden binnengelokt, beloven dan ook weinig goeds: The Story Of The Supremes. Wat kan een museum meer vertellen over dit populairste damestrio uit de jaren zestig dan alle platen, cd’s, dvd’s en boeken die nog altijd met een zekere regelmaat verschijnen? Maar kijk naar de kleine letters op het affiche en het wordt al interessanter: From The Mary Wilson Collection.

Mary Wilson, de dame die het langst fulltime Supreme was, van 1961 tot 1977, heeft haar collectie ter beschikking gesteld. Maar wat? Haar platen, haar foto’s, haar plakboeken?

Nee, haar jurken. En dan ben je natuurlijk om. De geschiedenis van het Amerikaanse poptrio, dat in de jaren zestig niet alleen het boegbeeld was van platenlabel Motown uit Detroit maar ook gold als het voorbeeld van een zwart rags to riches succesverhaal, verteld aan de hand van vijftig jurken die een van de drie dames bewaard heeft, dat prikkelt de nieuwsgierigheid.

Weggestopt in een klein hoekje van de immense modevleugel van het V & A is het verhaal te volgen. Maar welk verhaal? Het museum heeft afgezien van het idee dat de vijftig door Wilson beschikbaar gestelde jurken (waaronder diverse trio-setjes) samen een verhaal kunnen vertellen. Weliswaar werden de jurken per jaar kostbaarder, door alle glinsterende pailletten zwaarder en steeds fraaier en strakker op maat gemaakt door Hollywood-ontwerpers als Bob Mackie en Michael Travis, maar dan heb je nog geen verhaal.

Hoe mooi ook, de jurken blijken niet meer dan een illustratie. Het verhaal van de tentoonstelling The Story Of The Supremes is dat van de opkomst en ondergang van de zwarte girl group tegen de achtergrond van de veranderende rassenverhoudingen in de Verenigde Staten. In een korte wandeling langs de vitrines word je bijgepraat over Motown, het platenlabel waarvoor de Supremes hun hits zouden opnemen. Goed te volgen is hoe de dames na een moeizaam begin in 1961 – wat ze ten burelen de bijnaam ‘No-Hits Supremes’ opleverde – vanaf 1964 de een na de andere hit scoorden, en successen kregen die hooguit door de Beatles werden geëvenaard.

Maar, zo wil de expositie vertellen, dat had mede te maken met de in de jaren zestig goed op gang gekomen emancipatie van de zwarte bevolking. De successen van de Supremes worden heel handig gekoppeld aan die van dominee Martin Luther King. Wanneer hij in 1963 zijn finest hour beleeft met zijn mars naar Washington, is ook de tijd rijp voor de eerste grote Supremes-successen.

En wanneer King in 1968 in Memphis wordt doodgeschoten, is het voor de tentoonstellingsmakers ook een mooi moment om het Supremes-verhaal af te sluiten. Dat is jammer, want op dat moment begint het werkelijke verhaal namelijk echt leuk te worden. Dat echte verhaal is veel complexer dan in dit hoekje in het V & A uit de doeken kan worden gedaan.

De tentoonstelling suggereert dat het drie hartsvriendinnen waren die in 1961 samen aan een muzikaal avontuur begonnen, een avontuur dat in 1965 een hoogtepunt bereikte met vijf achtereenvolgende nummer 1 hits, en in 1970 beëindigd werd met het vertrek van Diana Ross. Zij wilde solo gaan, omdat na de dood van King de tijd van de wat naïeve meidenpop voorbij leek, en er geen ruimte meer was voor olijke damestrio’s in dezelfde jurken.

Zo is het echter niet gegaan. Achter de façade van glitter en glamour schuilen grote drama’s, waarvan je zou verwachten dat er in Londen op z’n minst iets over werd medegedeeld. Het was immers Mary Wilson zelf die in 1986 in haar autobiografie Dreamgirl een tipje van de sluier oplichtte. Wilson nam daarin geen blad voor de mond. Een kleine greep uit haar aanklachten: de contracten die Motown met de dames sloot, waren misdadig, iedere eigen wil werd in de kiem gesmoord, Diana Ross werd naar voren geschoven als leadzangeres hoewel ze mindere zangkwaliteiten had dan Florence Ballard . Ballard werd vervolgens langzaam weggepest en zou mede door de rigide contracten aan de bedelstaf geraken. Hetgeen, zo suggereerde Wilson, haar tot alcoholica maakte, wat in 1976 tot haar veel te vroege dood zou leiden (Ballard was 32).

Voor Wilson was Diana Ross, naast Motown-baas Berry Gordy, de grootste kwade genius in de Supremes-saga. Zij trok immers steeds meer aandacht naar zich toe, gedroeg zich als een diva en drukte haar mede-Supremes bij optredens steeds meer naar de achtergrond. Dat Ross in 1970 solo ging, was dan ook geen verrassing. Wilson zette daarna de Supremes voort met Ballards vervanger Cindy Birdsong en met Jean Terrell.

Juist deze late Supremes-jaren zijn altijd wat onderbelicht gebleven. Het lag voor de hand dat Wilson de kans zou grijpen er op ‘haar’ tentoonstelling recht aan te doen. Desnoods met een enkele jurk van na 1971.

Wilson laat hier een kans liggen. Bezoekers verlaten ‘haar’ tentoonstelling toch met het gevoel dat Diana Ross de belangrijkste Supreme was.

Ook de net verschenen biografie van Florence Ballard brengt hier geen verandering in. Auteur Peter Benjaminson heeft de acht uur aan interviews die hij een jaar voor haar dood met Ballard had, na meer dan dertig jaar dan toch tot een boek verwerkt. The Lost Supreme heeft zo lang op zich laten wachten, zo verexcuseert hij zich, omdat hij pas een uitgever bereid vond toen de film Dreamgirls uit 2006 zo’n succes bleek. Die film, met Beyoncé in de hoofdrol, was losjes gebaseerd op de geschiedenis van de Supremes, en vooral de rol van Effie was volgens Benjaminson erg gemodelleerd naar Ballard. Al stelt de auteur in zijn boek regelmatig dat het met Ballard heel wat slechter afliep dan met Effie.

En inderdaad, te benijden was Ballard niet. Het boek laat zich lezen als een gruwelijke tragedie. Ballard voelt zich een jaar voor haar dood terecht zeer veel tekortgedaan door haar bazen bij Motown. Niet alleen mocht ze in haar biografie en in de marketingcampagnes die haar (mislukte) sololoopbaan moesten begeleiden geen melding maken van de Supremes. Ook alle rechten en royalty’s van de Supremes werden haar ontnomen.

Maar het allerergste wat Ballard overkwam, althans volgens de memoires van Mary Wilson, weet ook Benjaminson niet hard te maken. In Dreamgirl claimt Wilson dat Ballard haar heeft toevertrouwd op 16-jarige leeftijd verkracht te zijn. Voor Wilson was dit de verklaring voor Ballards vaak onmogelijke en later zelfdestructieve gedrag. Maar behalve Wilsons herinneringen en enkele weinig betrouwbare getuigenissen van familieleden, is er weinig dat in die richting wijst.

J. Randy Taraborrelli, die bij zijn research voor zijn Diana Ross biografie uit 2007 inzage kreeg in de transcripties van Bejanminsons interviews, stelt in Diana Ross ook terecht een beetje teleurgesteld vast dat Ballard over alles met de journalist heeft gepraat, werkelijk niemand heeft gespaard en namen en rugnummers heeft gegeven. Alleen geen woord over de vermeende verkrachting.

Deze kwestie interesseerde Taraborrelli, omdat hij – hoewel hij allerminst een hagiografie heeft willen schrijven – tijdens zijn research steeds meer de indruk kreeg dat vooral Mary Wilson er op uit was Ross zwart te maken. Ballard, die toch vooral door Ross werd weggedrukt als lead zangeres, spreekt over haar tegen Benjaminson met veel minder rancune dan Wilson.

Misschien dat Wilson het nooit heeft kunnen verkroppen dat de latere Supremes, hoewel met liedjes als Stoned Love en Floy Joy best succesvol, nooit zo populair zouden worden als de Supremes met Diana Ross.

Ook de tentoonstelling in V & A bewijst dat het Ross was die in het trio het onderscheid maakte. De vertoonde clips (ook te zien op de dvd Reflections, The Definitive Performances 1964-1969) van tv-optredens laten er geen twijfel over bestaan: Diana’s stem draagt de liedjes, Mary en Florence (later Cindy) fungeren slechts op de achtergrond. Hoe dictatoriaal Gordy ook te werk ging, hij had beslist gelijk om Ballard na een bescheiden hitje met Buttered Popcorn door Ross te vervangen.

Hoe tragisch de afloop met Ballard ook was, je krijgt het door deze tentoonstelling ongewild vooral met Wilson te doen. Die blijft al decennia (ze is nu 64) krampachtig vasthouden aan haar leven als Supreme, en verwijt Ross nog altijd haar veel geluk ontnomen te hebben.

Het merkwaardige is, zo valt te lezen bij Taraborrelli en Benjaminson, dat Ross inmiddels wel degelijk toenadering heeft gezocht en Wilson een behoorlijk lucratief voorstel tot een reünie heeft gedaan. In 2000 konden Mary Wilson en Cindy Birdsong enkele miljoenen krijgen voor een paar maanden optreden met Ross als Supremes. Wilson had becijferd dat Ross zelf drie keer zo veel zou verdienen en bedankte voor de eer.

Alle mooie jurken ten spijt, het gevoel dat je na deze tentoonstelling vooral overhoudt is dat van medelijden met iemand die het verleden maar niet kan loslaten en blijft hangen aan successen van weleer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden