'Grote boeven die huilen als baby's'

Als tiener al harkte Ruud (nu 40) zijn kostje bij elkaar met steeds brutalere rooftochten. Een halve ton per week was gewoon. En keurige lui als opdrachtgevers. 'Zonder helers geen stelers.'

Mijn moeder riep: 'Kom jij 's hier ventje, er staat politie voor de deur. Ze zeggen dat jij een fiets hebt gestolen.' Daar stonden ze, adjudant De Boer en mevrouw Ten Cate van de kinderpolitie. Ik moest mee, in hun gele Volkswagen Kever. Het was eind jaren zeventig, ik was een jaar of acht. Op het bureau kreeg ik een preek, thuis sloeg mijn vader me met alles wat voorhanden was.

'Ik pikte vaak dingen voor de kick. Ik ben een spanningszoeker. Na de scheiding van mijn ouders en de ruzies met mijn stiefvader, een enorme teringlijer, moest ik het huis uit. Ik kwam in de crisisopvang en liep weg. Ik was 13 en had geen huis, geen geld, geen bed. Toen begonnen de rooftochten. De fietsen werden ingeruild voor auto's. Je wilt niet weten hoeveel auto's ik heb gestolen. De eerste was een zwarte Nissan Patrol. Ik maakte ze open met zo'n ijzeren kleerhanger, zoals je in de film ziet. Of met een gootsteenontstopper - die sluitsystemen van vroeger werkten op vacuümsystemen. Een oude Mercedes lukte al met een schaar.

'Ik had daar vaste klanten voor, stal op bestelling. Afrikanen, Surinamers, het werd allemaal gesloopt voor de export. Ik stal 's nachts vijf of zes auto's en kreeg per stuk zo'n vijfduizend gulden. Ik pikte er eerst eentje in Groningen en parkeerde die in Zwolle, zodat-ie uit het zicht was. In Zwolle pikte ik een andere, waarmee ik naar Assen reed. Dat kunstje herhaalde ik tot aan Amsterdam, waar ik ze verkocht. Met een auto van de afnemer en een maatje reed ik overdag terug om al die auto's op te halen. Dat deed ik twee of drie keer in de week. Voor de rest deed ik wat inbraakjes en afpersinkjes.

'Dat maatje had me leren rijden. Ik heb nog steeds geen rijbewijs, maar er is niets waar wielen of rupsbanden onder zitten dat ik niet in beweging krijg. Als snotaap van 15 verdiende ik zeker 45 duizend gulden in de week. Het vloog er net zo hard weer uit; ik vierde veel feest, kocht dure kleding en had een gokprobleempje.

'Ik sliep soms in geparkeerde vrachtwagens, die stonden vol met handel. In het begin nam ik weleens een paar doosjes mee, zweet op mijn kop, zere rug van het sjouwen, totdat ik dacht: dat kan toch makkelijker? Ik neem gewoon die hele vrachtwagen mee. Je leert al snel dat tractors meer opleveren dan een auto, zo'n 10 duizend euro. Als je een vrachtwagen steelt met oplegger, kun je daar vier tractors op zetten. Je hoeft maar één keer te rijden en je verdient veel meer. De tractors werden heftrucks, graafmachines, dingen van vijftig, zestig ton. Als je zo'n ding start... Geloof maar dat je daar een kick van krijgt.'

Vier keer multimiljonair

'Op een gegeven moment huurde ik onder naam van een katvanger zes loodsen in Nederland, België en Duitsland, waarin vrachtwagens werden gelost en gedemonteerd. Eén wiel levert al 600 euro op. We deden dat met een groep, variërend van zes tot tien man. Doordeweeks reden we industrieterreinen af om te koekeloeren. In de weekends, als al het vrachtverkeer stilligt, kwamen wij met een grote vrachtwagen en dan gingen we tekeer. We droegen altijd overalls met wegwerkhesjes eroverheen. We gebruikten bivakmutsen, handschoenen, gps-blockers, een startcomputer en een grote tang om het stuurslot te forceren. We communiceerden met oortjes, want als je een telefoon bij je hebt, heb je justitie bij je, hè. Graafmachines en tractors kon ik à la minute kwijt. Vrachtwagens verkocht ik soms gewoon met lading zonder te kijken wat erin zat. Gewoon makkelijk geld.

'Ik ben in mijn leven vier keer multimiljonair geweest. Alles ging handje-contantje, ik liep met vuilniszakken vol biljetten. Dat bewaarde ik in de kruipruimte van een chaletje dat ik had gekocht op een vakantiepark. En ik stopte het in onroerend goed. Er was ook veel ruilhandel. Soms zei een afnemer: ik wil mijn showroom opruimen, zoek maar een paar auto's uit. En drugs, bijna alle gasten in dat circuit zitten ook in de drugs.

'Ik erger me er vaak aan dat wij, de uitvoerders, als criminelen worden gezien. Maar ja, zonder helers geen stelers, hè. Een handelsgemeenschap uit Breda kocht vrachtwagenladingen van me, soms tien tegelijk. Keurige lui in nette pakken, daar hoor je nooit iets over. De wereld is verrot. Justitie is net zo verrot. Die hebben spullen van me in beslag genomen en niet in de Domeinen opgeslagen. Als je de inhoud van mijn kluis in beslag neemt en daar liggen twee vuurwapens, twee kilo cocaïne en 40 duizend euro, dan klopt er toch iets niet als op de lijst staat dat ze alleen 18 duizend euro en twee vuurwapens hebben gevonden? Maar je kunt als verdachte moeilijk aangifte gaan doen.

'Ik ben een paar keer gepakt in mijn leven. Niet dat de politie zo slim was, hoor. Op drie heterdaadjes na ben ik altijd verraden. Weet je, al die grote boeven... Als ze op het politiebureau zitten, willen ze allemaal naar hun vrouw en kinderen en dan huilen ze als baby's. Dan vertellen ze alles, het hele alfabet. Staat er ineens een arrestatieteam in je slaapkamer. In het begin belden ze gewoon aan, maar later, toen ik als vuurwapengevaarlijk bekend stond, ramden ze 's nachts gewoon mijn voordeur eruit. Je bent overdonderd, staan er ineens zes malloten naast je bed met mutsen op. Je wordt van je bed af getrokken, je krijgt zelf ook een muts over je kop en wordt geboeid in je boxershort afgevoerd. Op het bureau moet je tegen de muur gaan staan, doen ze je handboeien af en dan krijg je een papieren overall van ze. Je mag je pas omdraaien als de deur van je cel dicht zit. En dan komt het hele feest van verhoren, rechter-commissaris, huis van bewaring.

'Ik heb drie taakstrafjes gehad en een keer of vijftien gezeten, variërend van een paar dagen tot mijn laatste straf, zes jaar. Als ik vrijkwam, begon het hele verhaal weer opnieuw. Ik kreeg een wapentic. Ik vond ze mooi. Ik was 19 toen ik mijn eerste Luger kocht, een oud politiewapen, voor 1.500 gulden. Ik had het nodig om een overval te plegen. Ik ging ermee oefenen in het bos, schieten op bomen. Valt tegen, hoor, als je nooit hebt geschoten. Op den duur verzamelde ik ze, van Glocks tot Kalasjnikovs. Nu realiseer ik me goed dat mensen psychisch behoorlijk van het padje kunnen raken als je ze met een vuurwapen bedreigt, maar toen stond ik daar totaal niet bij stil. Ik heb weleens mensen neergeschoten, maar alleen uit zelfverdediging. Ik ben geen heilige, maar ik schiet geen mensen neer voor geld, terwijl me dat vaak is gevraagd. Ik moest mezelf beveiligen, want ik runde een amfetamine- en xtc-laboratorium. Ze willen je rippen, hè. Drugs zijn puur geld. Je bent een bank. En net zo kwetsbaar. Kom niet aan mijn spulletjes, dan vraag je erom.

'Toen mijn zoon werd geboren, op mijn 27ste, werd ik wat rustiger. Weet je, vroeg of laat, als je crimineel bent, raak je alles kwijt. Niet alleen geld en spullen, die zijn het minst belangrijk. Maar als je relatie naar de kloten gaat, je kinderen van je vervreemden door detenties enzo, dat maak je niet meer goed. Dat had ik al meegemaakt met mijn dochter en ik wou dat niet nog eens.'

Relatie naar de kloten

'Mijn laatste delict had ik niet moeten doen. Maar ja, de kick, hè. We deden een roofoverval van 17,6 miljoen. Doordat ik met maten werkte die al in een gerechtelijk vooronderzoek zaten, zat de recherche erbovenop. Het werd geen heterdaad, maar we gingen wel voor schut. Justitie legde beslag op alles wat ik had. Ik zat 9 maanden in voorarrest. Vanwege mager bewijs lieten ze me gaan in afwachting van mijn proces. Toen ze me vrijlieten, had ik niks meer. Geld weg, spullen weg, wapens weg, relatie naar de kloten. Van alles naar niets, ik belandde in de goot. Dan zie je dat je alleen vrienden hebt als je rijk bent. Ik was klaar met dat leven. Tijdens mijn proces heb ik bekend. Mijn advocaat viel zowat van zijn stoel. Voor die bekentenis kreeg ik forse strafvermindering, maar daar deed ik het niet om. Ik had er genoeg van.

'Het laatste jaar van mijn detentie ging ik naar Exodus, een instelling die gedetineerden begeleidt die uit de misdaad willen. Ze helpen je met huisvesting, schuldsanering, relatieherstel met je kinderen enzo. Ze proberen je aan het werk te krijgen, zodat je niet zo gauw een terugval krijgt. De urinecontroles op drank en drugs zijn er nog veel strenger dan in de gevangenis.

'Volgende maand ben ik een jaar vrij. Ik heb het volgehouden. Geen drank, geen drugs. En ik heb weer contact met mijn kinderen. De relatie is niet dat je staat te juichen, maar het is een begin. Ik leef van een basisuitkering, ik heb weer een beetje besef gekregen van de waarde van geld. Als je zo makkelijk geld verdient, heeft het totaal geen waarde. Als ik ruzie had met mijn vriendin reed ik een auto plat, de volgende dag kocht ik een nieuwe. Nu heb ik net genoeg om eens in de maand met de trein mijn familie op te zoeken.

'Het is zwaar. Ik heb geen cent, maar mijn contacten zijn meer waard dan de Staatsloterij. En als je wel de kennissen hebt om makkelijk veel geld te verdienen, is het moeilijk om dat dan niet te doen. Ik doe mijn best.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden