Reportage 70 jaar Chinese Volksrepubliek

Grootste parade in 70 jaar verdoezelt onzekere toekomst van China

Een formatie Dongfeng 31-AG raketten in de grootste militaire parade uit de 70-jarige geschiedenis van de Chinese Volksrepubliek. Beeld Hollandse Hoogte / Action Press

Gejuich stijgt op, als de aanvalsdrones, hypersonische raketten en torpedo’s voorbij de Poort van de Hemelse Vrede en president Xi Jinping worden gereden. Zo’n dertigduizend genodigden – geselecteerd op partijtrouw – zwaaien uitbundig met Chinese vlagjes, zo synchroon dat het lijkt afgesproken. Ze klappen, zingen en fotograferen erop los, terwijl het Chinese leger zijn wapentuig showt, uitgestald als was het snoepgoed voor kinderen.

De Chinese Volksrepubliek bestaat zeventig jaar, en dat is dinsdag uitgebreid gevierd, met een enorme militaire parade. Het ‘schouwen van de troepen’ is in China een vijfjaarlijkse traditie, maar dit jaar was een bijzondere editie. Met 15 duizend militairen, 85 duizend burgerdeelnemers, 160 vliegtuigen en helikopters en 580 tanks en raketten was het de grootste legerparade sinds de stichting van de Volksrepubliek in 1949. De Chinese staatsmedia kwamen superlatieven tekort.

Voor een deel is de opschaling logisch, want de militaire, economische en politieke macht van China is de afgelopen jaren in hoog tempo toegenomen, een succes dat de Chinese leiding graag wil etaleren. Maar evengoed zijn er analisten die het Chinese spierballengerol omgekeerd interpreteren: als een pose waarachter China zijn alsmaar zwaardere problemen verbergt. Het vertoon van eenheid moet de werkelijke onenigheid versluieren.

China mag in de afgelopen zeventig jaar een enorme vooruitgang hebben geboekt – het gemiddelde inkomen werd dertig keer hoger, 700 miljoen inwoners werden uit de armoede gehaald – de laatste tijd stoot de Volksrepubliek steeds meer op zijn grenzen. De economische groei is vertraagd naar het laagste peil in dertig jaar, de handelsoorlog met de Verenigde Staten breidt alsmaar uit, en in het semiautonome Hongkong escaleerden dinsdag de al maandenlang aanhoudende protesten.

Dat moet de militaire parade in het hart van Beijing allemaal doen vergeten. Het is een gelikte show, met perfect synchroon bewegende militairen, filmisch opgebouwde marsen, en snel schakelende camera’s aan kabels en drones, die alles live op grote videoschermen projecteren. Er is voor elk wat wils: traditionele Chinese symboliek, socialistische slogans en militaristische bombast, dat alles in een choreografie die af en toe aan de Olympische Spelen van 2008 doet denken.

Het spektakel moet de macht van China uitdrukken, maar dient ook als geschiedenisles. In een burgerparade met praalwagens wordt de canon van zeventig jaar Volksrepubliek uitgebeeld. Van blijmoedige arbeiders onder Mao, zonder enige verwijzing naar politieke vervolging of hongersnood, naar de nieuwe middenklasse onder Xi, zonder kanttekening in Hongkong. De boodschap is duidelijk: het Chinese succes is aan de Communistische Partij te danken, en alleen de Partij kan China leiden.

De boodschap is ook: die Partij kan dat alleen onder voorzitter Xi, de centrale figuur in de hele parade. Hij geeft een korte toespraak waarin hij de ‘verjonging van China’ voorspiegelt, hij inspecteert de troepen vanuit het dakvenster van een zwarte wagen, en wuift de deelnemers aan de parade daarna twee uur lang toe van op de Poort van de Hemelse Vrede. Als zijn portret in de burgerparade wordt voorbijgedragen, breekt het luidste applaus van de dag los.

Die Xi-verering wijst op een andere ontwikkeling in China: de toegenomen rol van ideologie. Met zeventig jaar is de Chinese Volksrepubliek een jaar ouder dan de Sovjet-Unie, die in 1991 viel, en dat is volgens Xi te danken aan ideologische zuiverheid. Dus heeft hij de controle van de Partij over de hele samenleving vergroot, en de censuur aangescherpt. Volgens Chinese staatsmedia is de parade op 750 miljoen toestellen bekeken, wat – als het klopt – lijkt te bevestigen dat Xi’s strategie werkt.

Maar net die ideologische herbronning is voor veel analisten reden om aan de toekomst van de Volksrepubliek te twijfelen. Volgens Minxin Pei, die in de VS onderzoek doet naar het Chinese bestuur, is de Communistische Partij er slechter aan toe dan ooit sinds de dood van Mao in 1976. Op haar zeventigste verjaardag staat de Volksrepubliek voor grote uitdagingen, zoals de groeiende confrontatie met de VS, maar onder Xi heeft de Partij daarvoor niet meer de nodige flexibiliteit.

‘Het China van vandaag heeft een fundamenteel ander systeem dan dat wat goed kon inspelen op veranderingen’, aldus Pei. ‘Het systeem dat goed werkte, ruwweg van 1979 tot 2012, was een systeem van collectief leiderschap, risicomanagement en pragmatisme. Vandaag is niet één van die woorden van toepassing op China. Met andere woorden: het verleden is geen garantie voor de toekomst.’

Pei durft betwijfelen of de Volksrepubliek haar honderdste verjaardag haalt. ‘Uiteraard weet niemand of de Partij er over dertig jaar nog zal zijn. Maar we weten allemaal dat het vandaag minder goed gaat dan gisteren, en morgen wordt het waarschijnlijk nog slechter. De trend is absoluut niet goed.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden