Groot is volgens politiek ook in onderwijs uit

Massaliteit, grote klassen, lesuitval, bestuurlijke molochs en de dreigende ondergang van de kleine gymnasia. Na vijf jaar intens fuseren en schaalvergroten in het onderwijs, ziet de politiek de nadelen van grote scholen en wil ze pas op de plaats maken....

ESTHER BAKKER

Nog maar anderhalve maand geleden stemde de Eerste Kamer vóór de Wet Educatie Beroepsonderwijs, de grootste schaalvergrotingsoperatie uit de geschiedenis van het onderwijs. Een week later zegt een meerderheid van de Tweede Kamer tijdens de behandeling van de onderwijsbegroting dat er een einde moet komen aan de fusiegolf in het voortgezet onderwijs.

VVD-kamerlid C. Cornielje diende een motie in die door de regeringsfracties van PvdA en D66 werd ondersteund. Daarin vroeg hij aan staatssecretaris Netelenbos van Onderwijs 'pas op de plaats' te maken met het stimuleren van fusies en de voor- en nadelen ervan in kaart te brengen. 'In heel korte tijd zijn reusachtige scholengemeenschappen uit de grond gestampt, laten we even afwachten hoe zich dat ontwikkelt', aldus de VVD'er.

Ook bij de PvdA, schaalvergroter nummer één, gaan steeds meer stemmen op om een einde te maken aan de fusies. 'Er is rust nodig na alle chaos van het fuseren', stelde PvdA-kamerlid J. Liemburg tijdens het begrotingsdebat. Eerste-Kamerlid M. Linthorst hield tijdens een PvdA-congres een vurig pleidooi om een einde te maken aan de schaalvergroting: 'Soms moet je, het slagveld overziende, op de rem gaan staan.' Ze kreeg veel bijval.

'Het is de sfeer in Nederland', stelt CDA-kamerlid W. van de Camp, 'groot is uit, groot is overweldigend, bedreigend. Je ziet het bij grote bedrijven. Die willen nu ook met kleine zelfstandige eenheden werken.'

Het CDA heeft vol overtuiging meegewerkt aan de schaalvergroting in het onderwijs. De groeiende weerzin van de politiek tegen de fusiegolf is voor Van de Camp geen reden om direct van standpunt te veranderen. 'Ik heb geen zin om nu te zeggen: doet u het toch maar niet. Ik durf bepaalde schooldirecteuren anders niet meer onder ogen te komen. Je moet ze toch ook de tijd geven om iets op te bouwen.'

Aan de andere kant ziet Van de Camp wel in dat een scholengemeenschap met duizenden leerlingen 'ook weer te ver doorschiet'. Oud-minister van Onderwijs W. Deetman van het CDA waarschuwde hiervoor recentelijk eveneens.

De overheid stimuleerde de afgelopen jaren fusies tussen vbo (oude lts en lhno), mavo, havo en vwo met een forse subsidie. De brede scholengemeenschappen waren een belangrijke voorwaarde om de basisvorming van de grond te krijgen.

Van de Camp verdenkt de tegenstanders van grote scholengemeenschappen van een verborgen motief. 'Ouders zijn niet bang voor de grootte van de school. Ze vrezen de populatie van een brede scholengemeenschap. Dat Jantje van de lts bij hun zoontje op school komt.'

Van de scholen, van de onderwijsinspectie en van de ouders komen andere verhalen. Ouders klagen dat hun kinderen opgaan in een grote onderwijsfabriek waarin ze enkel een nummer zijn. Op sommige scholen worden leerlingen op wapens gecontroleerd bij de ingang. Kinderen moeten te ver reizen naar school. Op grote scholen staan de leraren voor grotere klassen. Bovendien vallen er meer lessen uit door de eindeloze vergaderingen die een grote school nodig heeft om goed te functioneren.

De weerzin van de regeringsfracties tegen de schaalvergroting concentreert zich vooral op het voortgezet onderwijs. 'Ik zie dat veel processen om grote bestuurlijke eenheden vragen: de wachtgelden, de autonomie van scholen, het eigen beheer van schoolgebouwen. Maar ik hoor geen onderwijskundige argumenten', zegt Cornielje.

'We zijn bovendien nog maar net bezig met een plan voor het voorbereidend beroepsonderwijs en het mavo. Die zouden beter moeten aansluiten op het middelbaar beroepsonderwijs. Misschien blijkt wel dat daar juist zelfstandige vbo-mavo's voor nodig zijn.' Dat is voor het VVD-kamerlid ook een reden om even te wachten.

'De schaalvergroting heeft menig vbo-school gered', brengt Van de Camp daar tegenin, 'dat is pure winst.' Hij vreest ook geen sluiting van kleine mavo's of vbo-scholen. 'Het aantal spreidingspunten van scholen is niet verminderd. De leerlingen gaan nog steeds naar dezelfde mavo. De school valt alleen onder een ander bestuur.'

Niemand in de Kamer protesteert tegen de fusies in het basisonderwijs. Cornielje: 'Dat is een andere schaal, daar zitten zelden meer dan vijfhonderd leerlingen op een school.'

Aan het eind van de jaren tachtig bleken veel basisscholen te klein om te overleven. Er werden simpelweg minder kinderen geboren. Een kwart van de basisscholen telde minder dan honderd kinderen en werd daarmee peperduur. Daarom werden kleine scholen gedwongen samen te gaan.

In het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie is schaalvergroting volgens de VVD ook geen probleem. 'Die scholen hoeven niet onder één dak. Ze kunnen zich beperken tot een bestuurlijke fusie. Bovendien gaat het om volwassenen.'

Het middelbaar beroepsonderwijs denkt daar echter anders over. De scholen vrezen dat zij binnenkort verworden tot leerfabrieken als ze worden omgevormd tot Regionale Opleidingencentra (ROC's), samen met instellingen voor volwasseneneducatie. Als ze niet fuseren, verliezen ze hun bestaansrecht en moeten ze sluiten.

Scholen met enkele honderden leerlingen moeten over drie jaar zijn opgegaan in ROC's met tienduizend leerlingen. Minister Ritzen van Onderwijs wil met die ROC's bevorderen dat leerlingen een diploma halen. Wie faalt in het mbo, kan zonder moeite overstappen naar het leerlingwezen. Iemand die Nederlands heeft leren spreken en schrijven op de basiseducatie, kan inhet ROC op zoek gaan naar verdere opleiding.

Volgens Cornielje gaan de nadelen van de brede scholengemeenschap niet op voor het ROC. Van de Camp noemt dat hypocriet en schijnheilig. Hij voorziet juist grote problemen. 'Het gaat hier om leerlingen rond het einde van de leerplichtige leeftijd. Die hebben ook last van massaliteit.'

En het gaat volgens hem om leerlingen die niet reizen voor hun opleiding. 'Als het vormingswerk in Oss de deuren sluit, gaan de leerlingen heus niet naar het ROC in Den Bosch.'

Cornielje vindt Van de Camp juist een beetje hypocriet. 'Die massaliteit was toch geen probleem op het voortgezet onderwijs volgens het CDA', zegt hij.

Staatssecretaris Netelenbos heeft tijdens het begrotingsdebat toegezegd even stil te staan bij het proces van schaalvergroten. Zij maakte daar wel de kanttekening bij dat zij niet goed wist hoe ze de motie moest interpreteren.

'De fusievorming in het basisonderwijs is afgesloten, het subsidiebeleid voor brede scholengemeenschappen loopt bijna af, de plicht tot het vormen van ROC's is zojuist door de Eerste Kamer aangenomen. Op welk schaalvergrotingsbeleid doelt u nog?', vroeg zij zich af.

'Het is tijd voor een fundamenteel debat', zegt Cornielje, 'sommige mensen hebben jaren, bijna uit geloofsovertuiging, achter de schaalvergroting gestaan. Het is nu tijd om de nadelen eens op een rijtje zetten.'

Maar Van de Camp zegt dat een nieuwe discussie de schoolleiders in de war zal brengen. 'We moeten ze de tijd gunnen. Als er zaken fout gaan, komt dat niet door de grootte van de schoo,l maar door de nieuwigheid van de scholengemeenschap', zegt het CDA-kamerlid.

Esther Bakker

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden