Groningers gaan in hongerstaking: een roep om aandacht uit een rampgebied

Beeld de Volkskrant

Het hongerstaken doet Jannie goed. ‘Ik fleur er helemaal van op man.’ Het is dag acht. Geen hoofdpijn, geen duizelingen, wel warmte en aandacht. ‘Thuis had ik het gevoel dat ik alleen moest vechten.’ Nu heeft ze dag en nacht bezorgde mensen om zich heen. Die ook allemaal hun dossiers meetorsen. ‘Er zal hier gehandeld worden’, zegt Jannie. ‘Er zal hier ter plekke getekend worden voor een oplossing.’

Jan Holtman is ermee begonnen, in een partytent. Hij is een doorgewinterde actievoerder op divers gebied. Jannie Knot is een ander verhaal, die heeft schade en schulden en voelt zich al zestien maanden gek gemaakt door de instanties. Leefde thuis met de gordijnen dicht, de kalvermesterij op slot vanwege de bevingsschade. ‘Elke maand vijfduizend euro schuld erbij.’

Ze eten niet, maar drinken wel sap, ‘de minst moeilijke variant van hongerstaken’, zegt Jan.

Het is pal tegenover de kantoren van het Centrum Veilig Wonen, dat Groningen bewoonbaar moet maken. Op het industrieterrein is een hongerkamp ontstaan met containers, een caravan, een camper, generator, dixies, vergaderingen en protocollen. ‘Bezoekers melden in Unit 3.’ Janny slaapt in de met fineer bekleedde container, Jan in de caravan die belangeloos is geleverd door een firma. Allerlei firma’s leveren belangeloos. Er is een ‘kernteam’ van zes, dat dag en nacht de hongerstakers bewaakt. ‘Groningers zijn niet gewend over problemen te praten’, zegt Jannie, ‘of mogen het niet vanwege de zwijgcontracten. Maar hier doen we het wel.’

Een epicentrum van verzet, zeg ik tegen Jannie. Verkeerd woord. Een klein dorp, zeg ik tegen Albert Heidema, lid van het kernteam. ‘Een vesting’, zegt hij terug. ‘Een bedevaartsoord.’ En hij vertelt over zijn ‘gebroken’ huis en de 33 operaties aan zijn rug.

Bezoekers af en aan, de hele dag door. Gerrit Wiggers komt ter ondersteuning met een Friese vlag aanzetten. Hij werkte dertig jaar in de mijnbouw voor Shell en heeft een alternatief herstelplan met ‘waterinjectie van onderaf’. Geert Sanders komt vergeetmenietjes brengen. Een psycholoog. De pastoor. Een redacteur van Pauw.

Koos IJzerman, zijn huis acht centimeter uit het lood, heeft nog een vraag. ‘Hoe kijken ze nou eigenlijk in de Randstad naar onze zaak?’

Van een afstand, zeg ik.

Het is een lange dag in het rampgebied. De littekens vers en overal. In dorpen glinsteren nieuwe daken, belegd met zwart verglaasde pannen − die zijn hersteld. De rest van het land wordt gestut met verstevigingen, versterkingen en instortingsgevaar, met expertise en contra-expertise, alles omspannen met bureaucratische draden van onzichtbaar elastiek.

Aardbevinkjes van 1.6 en 1.8 de afgelopen tijd. Het is gewoon geworden. Als het duurt, ebt de aandacht voor een ramp vanzelf wel weg.

Die avond schuif ik aan bij een actiegroep die ‘opgewekt’ de barricaden neemt. Het diapositief van de hongerstakers: ‘We willen het vrolijk houden’, zegt Elke Meiboom. Al zijn hun sores, wantrouwen en woede hetzelfde als die van Jan en Jannie in hun containerkamp.

Ze noemen zichzelf ‘Van graan naar banaan’ (-republiek) en bedachten bijvoorbeeld de actie ‘adopteer een Groninger’. Ze vergaderen in een zeventiende-eeuws huis met scheuren. Elke vergadering begint met een ‘rondje frustratie’ over ‘niet nagekomen beloftes’, ‘intimidatie’, ‘bureaucratische spaghetti’, ‘wisselende contactpersonen’ en ‘rookgordijnen’ waar de slachtoffers in het rampgebied mee kampen. ‘We willen niet de zoveelste zeurders zijn’, zegt Elke Meiborg. ‘Maar hoe’, zegt Henriëtte Hoving, ‘krijgen we de rest van het land zo ver dat ze het snappen?’

Elke heeft in het dorp een psychologenpraktijk en krijgt nu pas te horen wat het met mensen doet. Een onbewoonbaar huis. Het gevecht met de instanties. ‘Er is een neiging tot opkroppen en schaamte’, zegt Elke. ‘Een Groninger zal niet snel toegeven dat het slecht gaat’, zegt Simone van Dijken. ‘Je hebt je lot te dragen’, zegt Henriëtte.

Een hongerstaking – daar kun je dus vanalles van vinden ‘maar ze doen het wel’, zegt Elke, ‘en dat is nogal wat, hier’, zegt Henriette.

De beving bij Zeerijp, drie maanden terug, genereerde landelijke interesse, maar die is alweer weg. Ach, de minister heeft er aandacht voor en de gaswinning is teruggeschroefd en er is een schadeprotocol. ‘Maar het is nog helemaal niet klaar’, zegt Wim Tommassen.

Waar zijn huis staat, moet de halve straat nog plat.

‘Iedereen steekt hier zóveel energie in zijn eigen problemen’, zegt Wim. ‘Dat versplintert.’ Dat is lastig actievoeren. Zeker als er kinnesinne is, van die krijgt zoveel schadevergoeding en waarom krijg ik dat niet.

Daarom steunen ze de hongerstakers. Het is een amechtig vragen om aandacht van Groningers die niet liever niet om aandacht vragen, maar die wel verdienen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden