Groningen is de klei ontgroeid

De twaalf provincies hebben ieder hun eigen profiel. Waar ligt de kracht en waar de zwakte? In de aanloop naar de statenverkiezingen van 3 maart een serie korte portretten van de provincies....

Groter helden dan Jan Uitham uit Noorderhogebrug zijn er niet. In de meest barre Elfstedentocht aller tijden, die van 1963, eindigde de Groninger als eerste van de rest achter de onnavolgbare Reinier Paping. Alleen al het feit dat Uitham alle Friezen voorbleef, maakte hem in zijn provincie tot een schaatslegende.

Uitgerekend de man die in 1997 tijdens de laaste editie van de tocht der tochten met een gebroken heup de finish over moest worden geholpen, gaat op zijn 74ste de politiek in. Op bescheiden wijze weliswaar en absoluut niet met het oogmerk lid te worden van Provinciale Staten, maar toch. Hij is 'lijstduwer' van De Groningers, een nieuwbakken partij die vooral met een beroep op de miljarden uit aardgasbaten inspeelt op de isolationistische ressentimenten van de Groningers.

En dat terwijl de gevestigde politieke orde in de provincie, en in Den Haag, dacht dat de Groningers hun gevoelens van inferioriteit hadden uitgebannen. Uitham en zijn partij hebben daar geen boodschap aan. 'We hebben ons in het verleden weleens wat te bescheiden opgesteld in Den Haag. Wie mouten ons nait onder 't mous (boerenkool) stppen loaten', zegt de bejaarde held zonder blikken of blozen.

Het zal interessant zijn tezien waar op 3 maart het schip van 'De Groningers' strandt. Als de partij enkele zetels in

e nieuwe Staten weet te bemachtigen, zal dat als een gevoelige slag worden ervaren door al die Groningers die zich allang met hun lot van economische onderbedeling hebben verzoend. En dat lot absoluut niet voor een leven in een rijker landsdeel willen ruilen.

Het zijn Groningers die weer trots zijn op hun land en die zich herkennen in de woorden van de schrijver en dichter Bert Schierbeek, die zijn jeugd in Beerta doorbracht: 'Die rechte sloten en kanalen, die grote vlakken groen en geel in de zomer en zwart en grijs en bruin in de herfst. Daar werd ik voorbereid op Mondriaan en op ruimte. Het had iets grenzeloos en tegelijkertijd zag je het begrensde.'

Die herwonnen trots uit zich onder meer in de campagne 'Kom maar op. . . Voor de toekomst van Groningen', waarmee de provincie het afgelopen jaar de boer op ging als eerste stap op weg naar een Omgevingsplan voor de eerste fase van het nieuwe millennium. Daaruit spreekt aanzienlijk meer zelfvertrouwen dan het altijd wat defensieve en aantoonbaar onjuiste 'Er Gaat Niets Boven Groningen'.

'Het gevoel van: wij kunnen hier ook wel wat, komt terug', zegt Homme Wedman, historicus aan de Rijksuniversiteit Groningen. 'Je ziet het niet zozeer in de eigen taal en cultuur, dat is in Groningen marginaal hobbyisme in vergelijking met Friesland en Drenthe, maar wel op terreinen als het landschap, het milieu, het onderhoud en behoud van de kerken en molens en het stimuleren van het cultuurtoerisme.'

Als voorbeeld noemt Wedman de plannen voor de Blauwe Stad, een woon- en recreatieplan in Oost-Groningen waarbij het land van de boeren, de traditionele heersers en dragers van de plattelandscultuur, wordt opgeofferd aan de eisen van de moderne urbane mens die wil wonen en verpozen aan het water. Wedman: 'Ooit werd hier de vette klei op het water gewonnen, nu wordt die klei weer aan het water teruggegeven. Het platteland komt aan de stad Groningen vast te zitten. Het is een bezegeling van het verlies aan dominantie van de boerenstand. Dat is weinig minder dan een revolutie.'

Ook activiste en lobbyiste Carla Alma, een 'kind van het Groningse Wad', herkent een toegenomen zelfverzekerdheid in de afgelopen twintig jaar. Groningen is volgens haar allang niet meer 'die zielige, achtergestelde provincie die zich tegen Den Haag verzette volgens de beste tradities van het anarchisme en de hand ootmoedig ophield om met staatshulp industrieën te vestigen ter vervanging van strokarton en aardappelmeel'.

'Het beeld van altijd wind, kil en vlak heeft plaatsgemaakt voor het bijna mystieke landschap van einder tot einder dat 's winters het bruidskleed aantrekt uit De poolse bruid. Terwijl woongenot schaarser en duurder wordt, springt Groningen er in positieve zin uit. Er is ruimte, het is hier goed toeven. Dat krikt het zelfbeeld op.' Maar Alma waarschuwt ook dat de blijvende verschillen tussen rijk en arm hoognodig genivelleerd mnoeten worden.

Want wat de Groningers in toenemende mate steekt, is dat ze in economisch opzicht in de kou staan, terwijl de rest van Nederland zich aan het aardgas uit Slochteren warmt. Dat sentiment is door de commissie-Langman (die zich boog over het wegwerken van de economische achterstand van het Noorden) salonfähig geworden en kan daarom niet langer worden weggehoond. Hoe sterk het nog leeft onder de Groningers, mag de nieuwe partij De Groningers bewijzen. Kerngegevens Groningen:

Aantal inwoners: 549.000

Oppervlakte: 234.700 hectare

Samenstelling Provinciale Staten (55 zetels): PvdA 16 zetels CDA 11 zetels VVD 11 zetels D66 5 zetels GPV 4 zetels GroenLinks 3 zetels AOV 2 zetels SP 2 zetels RPF/SGP 1 zetel

Gemiddeld bruto jaarinkomen per inwoner: 29.700 gulden

Wio Joustra

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden