Groep verwijt gemeente overtreden Monumentenwet Haarlem aangeklaagd wegens sloop Enschedé

Ruim twintig Haarlemse stichtingen, verenigingen en particulieren hebben zich maandag tot het gerechtshof in Amsterdam gewend om de officier van justitie te vragen de gemeente Haarlem te vervolgen wegens moedwillige overtreding van de Monumentenwet....

Van onze medewerkers

Hilde de Haan

Ids Haagsma

HAARLEM

Aanleiding voor de klacht is het feit dat de gemeente Haarlem in 1992 zichzelf toestemming gaf een belangrijk industrieel erfgoed in de stad te slopen: de voormalige gebouwen van drukkerij Enschedé tussen de Grote of St Bavo-kerk en het Spaarne. Onmiddellijk na het besluit werd tot de sloop overgegaan waardoor een ruim tweehonderd jaar oude lettergieterij, een imposante drukkerijhal uit 1906 en een fraaie binnentuin verdwenen. Bovendien werd met de sloop van het complex een flink deel van het middeleeuwse stratenpatroon uit de binnenstad gewist.

Volgens de indieners van het verzoek en hun advocaat mr J. Gaasbeek toont deze handelwijze van de gemeente aan dat de historische binnensteden in Nederland vaak vogelvrij zijn. Dit ondanks de bescherming van de Monumentenwet die in 1961 is ingevoerd om het slopen in beschermde stads- en dorpsgezichten tegen te gaan. Door de decentralisatie van controle op deze wet mag 70 procent van de Nederlandse gemeenten sinds 1988 zelf toezicht mag houden op het culturele erfgoed.

Het gebied waar de gebouwen van drukkerij Enschedé lagen, was officieel aangewezen als beschermd stadsgezicht. Volgens de wet hadden B & W van Haarlem de sloopvergunning nooit mogen afgeven als niet eerder ook een vergunning was verkregen ingevolge de Monumentenwet. De gemeente heeft inmiddels erkend dat zij in deze procedure verkeerd heeft gehandeld.

Door het negeren van de Monumentenwet, werd ook de verplichting ontlopen de aanvraag van een vergunning op basis van deze wet te publiceren. Daardoor was niemand van de sloopplannen op de hoogte. Ook de verplichte openbare hoorzitting en het advies aan de gemeentelijke monumentencommissie hebben daardoor niet plaatsgevonden. Pas toen de kaalslag een feit was, kregen de Haarlemmers de kans te protesteren en te procederen.

De klacht tegen de gemeente is door de groep in eerste instantie ingediend bij de Haarlemse officier van justitie. Volgens advocaat Gaasbeek heeft deze officier toegegeven dat er niet volgens de wet was gehandeld en de 'sloopvergunning kennelijk op verkeerde gronden is afgegeven'. Toch achtte justitie het 'niet opportuun tegen de gemeente een strafvervolging te beginnen'.

Gaasbeek zegt dat die beslissing medebepaald is door het feit dat de officier belanghebbend is in de Enschedé-affaire. De nieuwbouw die op het terrein zal verrijzen, bestaat voor het grootste deel uit een nieuwe rechtbank. Vandaar dat de protesterende Haarlemmers zijn uitgeweken naar Amsterdam.

Haarlem werd in 1987 eigenaar van het Enschedé-terrein zonder zich in te dekken tegen eventuele kosten van bodemsanering. Dat leidde ertoe dat de gemeente het terrein commercieel moest ontwikkelen om uit de kosten te komen. Het terrein werd als een blanco plek in de stad beschouwd waar met grootschalige nieuwbouw een hoog rendement moest worden behaald.

Gaasbeek vindt het van belang dat de gemeente wordt vervolgd, ofschoon de sloop reeds voltrokken is. Volgens hem kan het Haarlem ervan weerhouden nog andere monumentale gebouwen te slopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden