Lodewijk Asscher/Jesse Klaver

AnalyseLinkse Fusie

GroenLinks en PvdA één partij: gaat het er nu van komen?

Lodewijk Asscher/Jesse KlaverBeeld ANP, beeldbewerking de Volkskrant

Na de monsternederlaag van 2017 droomt de PvdA weer voorzichtig van het Torentje. Dat zou een stuk dichterbij komen door een fusie met GroenLinks. Een groeiend deel van de achterban is voor, maar of het de rest (lees: de partijtoppen) meekrijgt?

Het is een herdenkingsdienst voor de overleden campagnestrateeg en allround-PvdA-bemoeial Erik van Bruggen (51), maar als de bar van Paradiso na afloop eenmaal open is, gaat het onvermijdelijk ook over politiek. De (oud-)politici, campagne-experts, pr-types, journalisten en politieke medewerkers die in de Amsterdamse concertzaal bijeen zijn om de laatste eer te bewijzen, weten dat Van Bruggen zelf waarschijnlijk niet anders had gedaan. ‘De enige keer dat Erik niet over politiek sprak, was tijdens een concert van Nick Cave’, zegt de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema (GroenLinks) in haar toespraak.

Iedereen die er een beetje toe doet in progressief Nederland is hier aanwezig. Oud-partijleiders als Wouter Bos, Diederik Samsom en Halsema met hun entourage, maar ook nog actieve politici als Lodewijk Asscher en GroenLinks-Kamerlid Paul Smeulders. Waar gaat het over op deze woensdagnamiddag eind februari? Gespreksonderwerp nummer één: hoe gaat links voorkomen dat de campagne voor de verkiezingen van 2021 wéér uitdraait op een rechts onderonsje van PVV, Forum voor Democratie, CDA en VVD met immigratie en integratie als belangrijkste thema’s?

‘Iedereen vindt dat er iets moet gebeuren’, aldus een PvdA’er. ‘Links snakt ernaar weer een rol te spelen, ook omdat er zoveel zorgen zijn om de opkomst van radicaal rechts.’

Van Bruggen zelf had wel een remedie in gedachten: een fusie tussen PvdA en GroenLinks behoorde tot de plannen die de mede-eigenaar van campagnebureau BKB nog had willen uitvoeren. ‘Hij had een progressieve coalitie bij elkaar kunnen brengen’, zegt oud-PvdA-voorzitter Felix Rottenberg over zijn protegé. ‘Erik dacht niet langs partijlijnen.’

Op de herdenkingsdienst blijkt dat zijn droom ook leeft bij mensen uit beide linkse geledingen, zeker sinds een recente peiling van I&O Research aantoonde dat zo’n stap een enorme zetelwinst kan opleveren. In plaats van de 31 zetels die beide partijen nu samen in de peilingen hebben, schiet een linkse fusiepartij omhoog naar 40 zetels. ‘Als GroenLinks en PvdA iets willen met dit land, kunnen ze dat niet alleen’, concludeerde onderzoeker Peter Kanne in de Volkskrant.

De eerste partijprominenten hebben zich publiekelijk achter het idee geschaard. In NRC Handelsblad riepen Niesco Dubbelboer (oud-PvdA-Kamerlid) en Dick Pels (oud-directeur wetenschappelijk bureau GroenLinks) op tot actie. ‘Een bundeling van krachten zou progressieve kiezers eindelijk het gevoel geven dat ze kunnen winnen, dat er een andere wind gaat waaien in dit land, dat we de samenleving eindelijk terugveroveren op de marketeers, de graaiers, de profiteurs, de nulbelastingbetalers, de fraudeurs en de renteniers.’

Op de congressen van PvdA (zaterdag) en GroenLinks (een week later) zullen leden ook pleiten voor zo’n linkse samensmelting, die een progressieve doorbraak moet veroorzaken in ‘een rechts landje’, zoals een PvdA’er het omschrijft.

Maar hoe reëel is dat idee? En wat willen de partijtoppen?

Jesse Klaver/Lodewijk AsscherBeeld ANP, beeldbewerking de Volkskrant

De voorstanders

‘Ik ben wanhopig.’ Chris Peeters, PvdA-lid uit Nijmegen, draait er niet omheen. In de peilingen mag zijn partij na de historische nederlaag van 2017 (van 38 naar 9 zetels) weer enigszins zijn opgekrabbeld, de circa 15 zetels die de PvdA nu scoort in de peilingen stellen hem allesbehalve gerust. Zeker met het oog op ‘de klimaatcatastrofe’ die volgens Peeters op ons afkomt, is er veel meer nodig.

‘We gaan de klimaatdoelen van Parijs niet halen als rechtse partijen de boventoon blijven voeren. Het is tijd om risico’s te nemen. Door samen te gaan, kunnen we tijdens de formatie meer macht krijgen.’

Peeters, die behoort tot Linksom!, de kritische beweging binnen de PvdA, wil dat zijn partij een gemeenschappelijke lijst vormt met GroenLinks, desnoods met Jesse Klaver en Lodewijk Asscher als duolijsttrekkers. Hij diende daartoe een motie in voor het congres. Zowel de fractie onder leiding van Asscher als de partijtop voelt niets voor een publieke discussie over zo’n gevoelig onderwerp. De motie van Peeters wordt ‘in gezamenlijkheid met het partijbestuur van GroenLinks’ ontraden. Boodschap aan de leden: bemoei je er niet mee.

De leden blijken zich daar weinig van aan te trekken. Zo’n 45 procent stemde op internet voor een gemeenschappelijke lijst, zo’n 50 procent tegen. Het resultaat is dat de motie nu toch in behandeling wordt genomen tijdens het congres. ‘Het is zeer uitzonderlijk dat zoveel leden tegen het advies van de partijtop ingaan’, zegt Peeters. ‘Het zal niet makkelijk worden, maar het zou zomaar kunnen dat de motie zaterdag toch wordt aangenomen.’

Voor Tino Wallaart, voormalig assistent van de PvdA-ministers Plasterk en Cramer en nu mede-eigenaar van lobbykantoor WKPA, voelt het als een historische kans. ‘De twee partijen zijn ongeveer even groot, niemand kan de ander opvreten. Dit moment mag je niet voorbij laten gaan.’ Kleine stapjes als een lijstverbinding of een stembusakkoord beschouwt hij als tijdverlies. Eén lijst, één programma, dat is de enige juiste weg. Gewoon beginnen door samen een programmacommissie te vormen. ‘De inhoudelijke verschillen zijn nihil.’

Grootste struikelblok is volgens hem de groep van enkele honderden mensen die voor hun werk afhankelijk zijn van een van beide partijen – fractieleden, medewerkers, wethouders, ondersteuners. ‘Die willen zo’n stap wellicht niet zetten vanwege de onberekenbaarheid van het speelveld.’ Zijn conclusie: dan moet het van onderaf komen.

O ja, Wallaart heeft ook al een naam: ELAN, Eensgezind Links Alternatief Nederland. En een expliciete wens. ‘Het zou een blamage zijn als rechts de eerste vrouwelijke premier levert. Er moet een linkse vrouw kandidaat worden.’

Ook PvdA-europarlementariër Paul Tang is groot voorstander van een fusie. ‘Het zou echt een keer moeten gebeuren, ook als symbool tegen de politieke fragmentatie. We hebben het altijd over verbinding. Laat dat zelf dan ook zien.’

Er gaan geruchten dat eurocommissaris Frans Timmermans een leider kan zijn die voor beide partijen acceptabel is, ook omdat hij de Europese verkiezingen in Nederland glansrijk wist te winnen. Volgens een enkele bron in Brussel is het ‘niet ondenkbaar’ dat Timmermans de ambitie heeft zo’n fusiepartij te leiden als er een beroep op hem wordt gedaan. Tang ziet dat niet gebeuren. ‘Hij is in Europa een opdracht aangegaan en daar is hij pas net mee begonnen.’

In campagnekringen valt te horen dat zowel PvdA als GroenLinks behoefte heeft aan ‘een gamechanger’, al is het maar om tegenwicht te bieden aan de rechtse campagnes die vaak meer aandacht trekken. Bij de Kamerverkiezingen van 2017 en de Europese verkiezingen van 2019 koos de VVD al voor een tweestrijd met ‘populistisch rechts’ van de PVV en later FvD. Een herhaling dreigt. ‘Op een of andere manier moeten we in de strijd om het premierschap terechtkomen’, benadrukt een prominente GroenLinkser.

Voor GroenLinks spelen andere motieven mee om aan te sturen op een nauwe linkse samenwerking. De partij won in 2017 10 zetels, maar belandde opnieuw in de oppositie. Intussen wordt op lokaal en provinciaal niveau wel volop bestuurd, zodat veel GroenLinksers daarmee ervaring opdoen. Na de volgende verkiezingen opnieuw aan de zijlijn blijven staan is aan de achterban niet uit te leggen, zeggen prominente GroenLinksers.

Maar deelname aan een regering zonder PvdA – zoals drie jaar geleden werd onderzocht – ligt ook niet voor de hand. GroenLinks heeft de PvdA nodig om iets van haar idealen gerealiseerd te krijgen in een regering. Andersom heeft Asscher na het echec van 2017 al aangekondigd dat hij nooit meer wil regeren zonder linkse partner. GroenLinks is dan de meest voor de hand liggende kandidaat.

Dat de verschillen inhoudelijk klein zijn, bleek vorig jaar, toen in de aanloop naar de Europese verkiezingen PvdA en GroenLinks op alle zestig vragen van de Stemwijzer een identiek antwoord gaven. De partijen zijn min of meer tot elkaar veroordeeld. Waarom dan geen fusie?

De tegenstanders

Er is alvast één PvdA’er die niet op een gemeenschappelijke lijst met GroenLinks zal stemmen: René Cuperus, oud-medewerker van het wetenschappelijk bureau en voormalig columnist van de Volkskrant. Hij voelt zich nu al enigszins ontheemd in zijn partij.

Cuperus heeft naar eigen zeggen ‘het gevecht verloren’ om de PvdA een andere koers te laten varen na de nederlaag van 2017. Pogingen om toenadering te zoeken tot de Deense sociaal-democraten, die zich herpakten met een streng immigratie- en integratiebeleid, liepen op niets uit, hoewel Asscher aanvankelijk enthousiast was. Inmiddels is overal te horen dat de PvdA geen campagne gaat voeren op het thema migratie.

‘Asscher heeft het geprobeerd, maar kreeg nul steun’, aldus Cuperus. ‘Alle immigratiekritische standpunten worden door het kader afgewezen. Ondanks alles overheerst de moraliteit van de politieke correctheid. Binnen de PvdA en GroenLinks wordt meewarig gedaan als de VVD tijdens de campagne een schijnbeweging maakt richting PVV en Forum voor Democratie, maar die partij houdt het politieke midden overeind en het populisme buiten de deur. Links staat daar met schone handen naar te kijken, terwijl wij ook het contact moeten zoeken met mensen die zich níét door het establishment vertegenwoordigd voelen.’

Als er een fusie komt met GroenLinks – Cuperus ziet dat moment ‘helaas’ steeds dichterbij komen – zal dat een partij worden voor ‘hoogopgeleide millennials’. ‘Dan verlies je definitief de aansluiting met de lagere middenklasse. Een sociologisch drama, maar het volkspartijkarakter van de PvdA is toch al grotendeels verdwenen. Het is een partij voor de gesettelden, net als GroenLinks.’

Cuperus staat niet alleen in zijn vrees. Ook rond de partijtop zijn geluiden te horen dat zeker oudere kiezers uit de provincie meer affiniteit voelen met de volkse SP. ‘Dat is het dilemma van de PvdA’, aldus een prominente PvdA’er. ‘Het kader en de leden haten de SP, maar een deel van onze kiezers haat juist GroenLinks.’

Bij het establishment van PvdA en GroenLinks bestaan ook twijfels over de peilingen die suggereren dat een fusie forse zetelwinst gaat opleveren. De partij van Klaver is radicaler als het gaat om klimaatmaatregelen, de PvdA-top is juist beducht voor het verlies van draagvlak onder de bevolking. Ook op het gebied van immigratie zal de PvdA naar links worden getrokken. Als vicepremier was Asscher betrokken bij de vluchtelingendeal met Turkije, terwijl Klaver die afspraak niet vond stroken met zijn ‘morele ondergrens’.

‘Wij vertegenwoordigen het jongste electoraat, de PvdA zo’n beetje het oudste electoraat, aldus een vertrouweling van Klaver. ‘Het zou waanzinnig zijn om die twee merken weg te gooien.’ Een andere GroenLinks-prominent is ervan overtuigd dat een oproep voor een fusie tijdens het komende ledencongres geen meerderheid zal halen. ‘Veel van onze leden koesteren nog wrok tegen de PvdA vanwege het beleid onder Rutte II.’

Bij beide partijtoppen valt nu hetzelfde te horen. Een fusie? Die komt er niet. Een gezamenlijke lijst? Ook niet. Al is het maar omdat de leiding van de PvdA het zelfvertrouwen heeft hervonden. Er zijn zes of zeven partijen die straks de grootste kunnen worden. Waarom met een fusie dat momentum verspelen als de PvdA een van die partijen is? Dus worden argumenten van stal gehaald die altijd opkomen als het over een fusie op links gaat: dat er verschillen in traditie, cultuur en identiteit zijn, dat er op links iets te kiezen moet blijven. Een fusie is kortetermijndenken, vindt de PvdA-top. Dan gaat alle aandacht uit naar de poppetjes.

De afwerende houding heeft volgens critici ook te maken met de karakters van de lijsttrekkers. Zowel Klaver als Asscher gelooft op eigen kracht de grootste te kunnen worden. Eén prominente voorstander van een fusie ziet dat als het belangrijkste struikelblok. ‘Als je niet denkt door God geroepen te zijn, begin je niet aan het lijsttrekkerschap. Dat maakt het tegelijk moeilijk een stap opzij te doen.’

De tussenoplossing

Zoals altijd op de laatste vrijdag van de maand komt de afdeling Utrecht van de PvdA bijeen voor de vrijmibo. Het gemengde gezelschap – de jongste, Nils Warsen, is 24, de oudste, Hans Versnel, 81 – stort zich, terwijl bier en bittergarnituur worden aangedragen, enthousiast op een mogelijke samenwerking met GroenLinks.

De PvdA Utrecht zit in een fase van wonden likken. 3 zetels in de raad, tegen 12 voor GroenLinks en 10 voor D66. Geen rol in het gemeentebestuur van deze door links gedomineerde stad. Er ligt verbittering in hun observaties. ‘GroenLinks heeft ons laten vallen’, zeggen ze. ‘Ze hadden ons steviger kunnen vasthouden, in plaats van met ChristenUnie en D66 in zee te gaan.’

Toch leeft ook hier het besef dat de linkse partijen elkaar nodig hebben. ‘Een fusie zie ik pas op de lange termijn’, zegt Stijn Jansen (29), secretaris van het lokale PvdA-bestuur. ‘Maar voor de komende verkiezingen moeten we samen optrekken. We zijn prachtig complementair; zij groter in de universiteitssteden, wij daarbuiten.’ Ook SP en D66 zijn welkom bij zo’n samenwerking, maar die afstand is wat hem betreft groter. ‘PvdA en SP, daar zit haat en nijd tussen.’

Met samen optrekken doelt hij niet op een gedeelde lijst: ‘Dan gaat het al snel om de poppetjes.’ Wat hij wel wil, en daarin kan de hele PvdA-vrijmibo zich vinden, is een stembusakkoord. Keerpunt ’21, noemt hij het – een verwijzing naar Keerpunt 1972, het programma waarmee PvdA, D66 en PPR dat jaar gezamenlijk de verkiezingen ingingen. Met gedeelde standpunten over de publieke sector, klimaattransitie, woningmarkt, sociale minima en migratie.

‘Elkaar vasthouden’, dat is de term die hier vaak valt. De tijd is er rijp voor, denken ze. ‘Heb je die film van Ken Loach gezien, Sorry We Missed You?’, vraagt Pien Wit (78). ‘Daar word je nou sociaal-democraat van. Het neoliberalisme is uitgewerkt.’

Ook oud-partijvoorzitter Felix Rottenberg ziet wel wat in een bescheiden stembusakkoord, waarbij beide partijen hun eigen weg gaan, maar een belofte doen over toekomstige samenwerking. ‘Het zou dood- en doodzonde zijn als je samen 40 zetels hebt en daar niks mee kan. Dus moet je tijdens de campagne aankondigen dat je na de verkiezingen samen zult optrekken. Je vormt een gemeenschappelijk blok en schuift samen een premierskandidaat naar voren. Als je genoeg zetels haalt, kun je tegen de Kamervoorzitter zeggen: geef ons het initiatief tijdens de formatie.’ Een fusie of gemeenschappelijke lijst vindt hij ‘te ingewikkeld’. ‘Daar heb je partijcongressen en allerlei commissies voor nodig. Laten we daar nou niet onze energie in steken.’

De grootste linkse partij zou de premier moeten leveren: het is een idee dat ook circuleert in Den Haag. ‘Het is een optie’, erkent een invloedrijke PvdA’er. Een invloedrijke GroenLinkser bevestigt eveneens dat het ‘een mogelijkheid’ is, al laten woordvoerders weten dat er ‘geen plannen’ klaarliggen.

Toch is Rottenberg ervan overtuigd dat het gaat gebeuren. ‘Iedereen vindt dat dit de beste optie is. Asscher is een wijs politicus en Klaver voor zijn leeftijd ook. Die zien ook wel in dat ze dit moeten doen.’

Vanuit de top van de partij komen vergelijkbare geluiden. Een stembusakkoord en gemeenschappelijke premierskandidaat kunnen een middel zijn om het initiatief naar links te trekken, maar zo’n aankondiging moet goed ‘getimed’ worden. In elk geval dichter bij de verkiezingen. De boot wordt daarom nu nog afgehouden. ‘Er kan nog zoveel gebeuren’, luidt een van de bezweringsformules.

Voorlopig moeten de leden het doen met gezamenlijke bijeenkomsten zoals die van PvdA, GroenLinks en SP, dinsdagavond in Amsterdam. Halsoverkop georganiseerd, en met een beperkte agenda. De drie linkse partijen hebben daar beloofd zich samen te verzetten tegen het afschaffen van de vennootschapsbelasting. De 2,3 miljard euro die dat oplevert, moet ‘geïnvesteerd worden in de samenleving’: onderwijs, zorg, klimaat, natuur.

Dat ging de zaal lang niet ver genoeg. Veel vragen gingen over nauwere linkse samenwerking. Zetten jullie je verschillen opzij voor echte samenwerking, vroeg de een. Hoe gaan jullie die samenwerking hardmaken, wilde de ander weten. De linkse lijsttrekkers antwoordden in vaagheden. ‘Ik hoop niet dat het bij vanavond blijft’, zei Marijnissen. Klaver: ‘Wij gaan Nederland veranderen, samen.’ En Asscher: ‘Je kunt ook thuisblijven, niet zo’n avond organiseren. Samen kunnen wij veel bereiken.’

Er klonk gemor bij het verlaten van de zaal. Voor dat soort algemeenheden waren deze zeshonderd linkse partijgangers niet gekomen. Die wilden meer. Zover zijn de partijleidingen nog lang niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden